Sarkozy moet harde en zachte aanpak zien te verzoenen

Rusland trekt zich weinig aan van het door Nicolas Sarkozy geclaimde bestand met Georgië. Sarkozy wil nu een stevige Europese houding, maar ook een ‘zachte benadering’.

Een voor de hand liggende nevenvraag aan de vooravond van de ingelaste Europese top maandag in Brussel over de crisis in Georgië: hoe gaat het eigenlijk met het ego van Nicolas Sarkozy?

Als tijdelijk voorzitter van de Europese Unie eiste de Franse president deze maand een hoofdrol op in de onderhandelingen over het bestand tussen Rusland en Georgië. Maar wat betreft persoonlijke winst moet Sarkozy het voorlopig doen met een paar Franse populariteitspeilingen, die na lange tijd weer eens een fikse stijging te zien geven – ondanks de economische tegenspoed.

Internationaal beleeft Sarkozy maar weinig glorie aan zijn Europese leidersrol. Niet alleen omdat in Brussel en andere Europese hoofdsteden wordt geopperd dat Sarkozy, met zijn geldingsdrang en communicatievermogen, meer eer voor het Kaukasus-akkoord opeiste dan verdiend.

Terwijl de weken verstrijken, groeit de kritiek dat Sarkozy in zijn haast te toegeeflijk is geweest tegenover Moskou. Het ontbreken in het bestandsakkoord van de Russische erkenning van de Georgische grenzen leek achteraf erg op een Europese concessie aan Moskou.

Deze week hebben de Fransen bovendien moeten vaststellen hoe weinig indruk Sarkozy in Moskou maakt, ondanks de goede contacten met president Medvedev en vooral premier Poetin waar hij zich op laat voorstaan.

De Russische leiders leven de zes punten uit het ‘Sarkozy-bestand’ na zoals het hun uitkomt. Sarkozy zag zijn nagezonden mededeling aan Moskou, dat de territoriale integriteit van Georgië gerespecteerd moet worden, dinsdag op veelzeggende wijze beantwoord. Rusland erkende Zuid-Ossetië en Abchazië als onafhankelijke staten. „De afspraken worden niet nageleefd, en dat weten we”, zei minister van Buitenlandse Zaken Kouchner gelaten. „Daarom komen we maandag ook bijeen.”

Frankrijk scherpte zijn toon tegenover Rusland deze week even aan. Sarkozy noemde de Russische erkenning van Abchazië en Zuid-Ossetië een „eenzijdige aanpassing van de internationaal erkende grenzen” van Georgië en dus „onaanvaardbaar”. En Kouchner opperde aanvankelijk dat de Europese Unie maandag zou spreken over sancties tegen Rusland – al zei hij er bij dat Frankrijk die niet zelf zal voorstellen. En hij suggereerde dat ook de Krim, Moldavië en Oekraïne tot de Russische doelen behoren.

De verscherping van de toon bleek van korte duur. Nadat zijn Russische ambtsgenoot Lavrov Kouchner een „ziekelijke verbeelding” had verweten, legde de Franse minister ijlings uit dat Frankrijk „geen zieke geest” heeft. En gisteren maakte het Elysée alweer duidelijk dat van sancties maandag in Brussel geen sprake zal zijn. Eerst moet het bestandsakkoord maar eens worden uitgewerkt, inclusief de internationale discussie over de status van Zuid-Ossetië en Abchazië. Pas over tweeënhalve maand wil Parijs een eerste balans opmaken.

Volgens Sarkozy zal de uitkomst van het conflict rond Georgië „voor lange tijd bepalend zijn voor de relatie tussen Europa en Rusland”, zei hij deze week in een toespraak voor de verzamelde Franse ambassadeurs. Rusland staat volgens hem voor de „fundamentele keuze” of het de confrontatie zoekt of op zijn Europees met zijn buren wil omgaan. Dat wil zeggen: op basis van onderhandelingen en het sluiten van compromissen, in de overtuiging dat „een erkenning van de belangen van de buren de beste basis is voor vrede en welvaart”.

Met deze definitie van een „Europese methode” geeft Sarkozy ook aan dat de Franse opstelling tegenover Rusland vooralsnog niet wezenlijk veranderd is. Parijs heeft een dubbel doel. Enerzijds wil Sarkozy net als Duitsland een gepolariseerde relatie met Moskou vermijden. Parijs blijft kiezen voor het ‘zacht benaderen’ van Medvedev en Poetin, net zoals Sarkozy met omstreden leiders in Syrië, Libië en China doet: begrip tonen voor hun visie verhoogt in Franse ogen de kansen op vruchtbare afspraken in een wereldsysteem dat bepaald wordt door „relatieve machten”. „Niemand wil een nieuwe Koude Oorlog”, zei Sarkozy woensdag.

Anderzijds streeft Sarkozy naar een gemeenschappelijke Europese politiek. Franse zegslieden blijven onderstrepen dat het activisme van Sarkozy van Europa eindelijk een factor van belang heeft gemaakt in een internationaal conflict. Sarkozy heeft de ruimte benut die de Verenigde Staten lieten ontstaan door hun passiviteit. Het bestand mag inmiddels omstreden zijn, dat Rusland niet oprukte naar Tbilisi, wordt in Parijs afgevinkt als concreet resultaat.

Maandag moet de volgende stap worden gezet. De EU moet laten zien dat zij als een eenheid nadenkt over haar strategische belangen tegenover haar grootste en machtigste buurland. De Fransen zijn er van doordrongen dat Sarkozy’s aanspraak op informeel leiderschap niet overtuigender is geworden bij de Europese lidstaten. De voorstanders van een harde lijn tegenover Rusland, niet alleen Polen en andere lidstaten aan de Russische grens maar ook bijvoorbeeld Groot-Brittannië, zijn niet gerustgesteld. Die twee stromingen in Europa komen maandag samen, hoopt Parijs. Al leidt dat tot een wat scherpere Europese toon tegenover Rusland – voorlopig.

    • René Moerland