‘Ik ga mij nu voor vrede inzetten’

Israël heeft deze week 198 Palestijnse gevangenen vrijgelaten. Said al-Atabeh kwam na 32 jaar vrij. Tot voor kort dacht hij nog de rest van zijn leven gevangen te zullen blijven.

De Palestijn Said al-Atabeh kust zijn moeder na zijn vrijlating uit een Israëlische gevangenis en zijn terugkeer in zijn oude woonplaats Nablus. Hij zat 32 jaar gevangen. Foto AFP Palestinian Said al-Attaba, 56, the longest serving Palestinian prisoner who had been serving a life sentence since 1977 for killing an Israeli woman, kisses his mother following his release and arrival to his hometown of Nablus on August 25, 2008. Israel freed 198 Palestinian prisoners today in a gesture to president Mahmud Abbas as US Secretary of State Condoleezza Rice was due in the region to spur US-backed peace talks. AFP PHOTO/JAAFAR ASHTIYEH AFP

De woonkamer van de familie Al-Atabeh heeft nog het meest weg van een pelgrimsoord, al is het middelpunt een 57-jarige man. De kamer in het centrum van de stad Nablus, op de bezette Westelijke Jordaanoever, is behangen met slingers, in de kleuren van de Palestijnse vlag. Familieleden gaan rond met koffie en chocola. Bezoekers, meestal met een cadeau onder de arm, staan letterlijk te dringen voor de deur om binnen te mogen. Said al-Atabeh, net vrijgelaten uit een Israëlische gevangenis, verwelkomt iedereen persoonlijk. Bezoekers willen hem aanraken of gaan met hem op de foto. Maar hij heeft moeite de namen en gezichten te herkennen. „Het is al zo lang geleden”, excuseert hij zich als hem een keer geen naam te binnen schiet.

Atabeh oogt gejaagd en moe. Het is allemaal te snel gegaan om het te kunnen beseffen, zegt hij een paar keer. Tot een paar weken geleden wist hij niet beter of de bekendste Palestijnse gevangene zou de rest van zijn leven slijten in de Israëlische gevangenis. Op 25-jarige leeftijd, 32 jaar geleden, werd Atabeh tot levenslang veroordeeld wegens betrokkenheid bij een aanslag op de Karmelmarkt van Tel Aviv. De voormalige student politieke wetenschappen werd de langst zittende Palestijnse gevangene. Ieder jaar liet hij zich, bij wijze van grap, fotograferen met een T-shirt waarop het aantal jaren gevangenschap staat. De foto’s hangen nog in het huis.

Deze week kwam Atabeh onverwachts vrij, samen met 197 andere Palestijnen. Israël besloot Atabeh en de andere gevangenen vrij te laten om de geplaagde Palestijnse president Mahmoud Abbas een steun in de rug te geven. De regering-Olmert wilde met deze „pijnlijke concessie” laten zien dat er met Israël te praten valt, zei minister Tzipi Livni van Buitenlandse Zaken deze week. „De boodschap is dat wie onderhandelt met Israël resultaten kan behalen door dialoog.” Alle vrijgelaten gevangenen zijn lid van Al-Fatah, de seculiere partij van president Abbas, of ze sympathiseren ermee. Israël beschouwt alleen die Palestijnse partij als gesprekspartner in de onderhandelingen over vrede.

President Abbas kon het succesje van de in de Palestijnse gebieden populair geworden Atabeh goed gebruiken. Volgend jaar zijn er opnieuw presidentsverkiezingen, en ontwikkelingen in de taaie vredesgesprekken met Olmert zijn niet of nauwelijks te melden. Maar omdat Abbas zich bij Israël en het Westen als ‘gematigde stem’ gecommitteerd heeft aan het vredesproces, is hij er wel afhankelijk van. Abbas was trots op Said al-Atabeh, zei hij direct na diens vrijlating. Maar, zei hij erbij, vrede met Israël is niet mogelijk zolang de overige 11.000 gevangenen niet vrij zijn.

Israël laat vaker wegens terrorisme veroordeelde gevangenen vrij. Maar het komt vrijwel nooit voor dat gevangenen die betrokken zijn geweest bij aanslagen vrijkomen. In die zin is de vrijlating van Atabeh en Mohammed Abu Ali, die sinds 1980 vastzat, opmerkelijk. Voor beider vrijlating had Abbas persoonlijk gepleit.

In Israël is er veel kritiek op de vrijlating. Twee ministers in het kabinet-Olmert stemden tegen, onder wie Shaul Mofaz, prominent kandidaat voor het leiderschap van de regeringspartij Kadima. „We zijn een grens overgestoken”, sneerde oppositieleider Benjamin Netanyahu van de rechtse Likud-partij. „We laten nu moordenaars vrij. En waarom? Wat hebben we ervoor teruggekregen?”

Kritiek kwam er ook uit totaal andere hoek, van de moslimfundamentalistische beweging Hamas, de winnaar van de parlementsverkiezingen van 2006 die in een machtsstrijd met Fatah verwikkeld is. Hamas heeft de macht overgenomen in de Gazastrook, maar op de Westelijke Jordaanoever wordt de beweging door Abbas onderdrukt. Volgens Hamas heeft Israël met succes geprobeerd beide Palestijnse partijen uit elkaar te spelen. Hamas-strijders gijzelen al twee jaar de Israëlische korporaal Gilad Shalit in de Gazastrook. Ze hopen hem te kunnen ruilen voor honderden Hamas-gevangenen. Maar volgens Hamas wordt dat plan gefrustreerd doordat Abbas compromissen sluit met Israël.

Voor Said Atabeh maakt dat allemaal niets meer uit. De 32 jaren gevangenschap waren voor hem soms ondraaglijk, zegt hij. „Ik heb meestal in volle cellen moeten slapen, en ik was vaak ziek. Gelukkig heb ik kunnen lezen en studeren. De gevangenen gaven lezingen, en we vierden alle religieuze feestdagen samen.” Atabeh raakte bevriend met Samir Qantar, de Libanees die in juli werd vrijgelaten in een ruil met de shi’itische beweging Hezbollah. „Ook hij was een soldaat, een strijder voor de goede zaak. Ik was trots op hem toen hij vrijkwam.”

Hij gaat nadenken wat hij straks gaat doen. Hij heeft geen vrouw, en geen werk, alleen zijn familie. „Ik heb geen spijt van mijn verleden”, zegt hij. „Vrijheid voor het Palestijnse volk was mijn doel, en dat is het nog steeds. Maar ik geloof ook in vrede en een bestaan voor ons volk op gelijkwaardige voet met Israël. Voor de vrede zal ik mij nu inzetten.”

    • Guus Valk