Het kostbare einde van de Otapan

Het ‘asbestschip’ Otapan is bijna gesloopt. De kosten voor de Nederlandse Staat lopen steeds verder op. Of ze nog kunnen worden verhaald is de vraag.

In het Turkse Aliaga, ten noorden van Izmir, wordt de Otapan gesloopt. In Nederland werd al 775.000 kilo asbest en asbesthoudend materiaal verwijderd. Foto Özdemir Özkan Özkan, Özdemir

Het stuk scheepswand met de naam Otapan staat er wat verloren bij tussen het roestbruine afval.

Bij sloopwerf Simsekler in het Turkse Aliaga wordt de dertig jaar oude zwaveltanker Otapan in stukken gesneden. Over twee maanden is er niets meer over van het ‘asbestschip’ dat afgelopen jaren in Nederland aan de ketting lag. Van de 167 meter lange Otapan is inmiddels de helft verdwenen. Het schip wordt het strand opgetrokken en stukje bij beetje ontmanteld.

De Otapan verliet Nederland op 16 mei. Het was niet de eerste keer dat het schip op weg ging om gesloopt te worden. In juli 2006 trok een sleepboot de afgedankte Otapan ook al eens naar Turkije. Maar toen weigerden de Turkse autoriteiten het schip omdat de exportpapieren veel minder asbest vermeldden dan het schip aan boord had. Turkije was getipt door Greenpeace. Na de weigering van Turkije moest het ministerie van VROM volgens internationale regels het schip terugnemen. Zo kwam de Otapan in oktober 2006 terug in Nederland.

VROM draaide daarna op voor alle kosten. Om het schip alsnog in Turkije te kunnen laten slopen, liet VROM de Otapan in Nederland saneren. Dat leverde veel meer asbesthoudend materiaal op dan de verwachte 77.000 kilo, zo blijkt nu. Volgens directeur Paul Koole van het gelijknamige sloopbedrijf, dat het karwei in opdracht van VROM uitvoerde, is 775.000 kilo asbest en asbesthoudend materiaal verwijderd.

Koole: „Veel asbest zat bijvoorbeeld rond leidingen. Om dat weg te halen moesten de complete leidingen worden gesloopt. Daardoor is het gewicht flink opgelopen.” Het materiaal is gestort bij VBM op de Maasvlakte.

Ook de kosten voor VROM zijn de afgelopen jaren flink opgelopen. In oktober 2006 meldde toenmalig staatssecretaris Van Geel (Milieu, CDA) in antwoord op Kamervragen dat de saneringskosten „naar verwachting” 1,5 tot 2 miljoen euro bedroegen. In februari vorig jaar liet Van Geel weten dat het al om 4,5 miljoen euro ging.

Uit nieuwe cijfers van VROM blijkt nu dat de kosten zijn opgelopen tot zeker 5,6 miljoen – uitgegeven aan sleepkosten, liggelden, toezicht, onderzoeken, verzekeringen, dienstreizen, inhuur van experts en sanering. De uiteindelijke rekening valt nog hoger uit, door het inhuren van juridische bijstand en het voeren van gerechtelijke procedures. VROM kon desgevraagd niet zeggen welk bedrag daarmee gemoeid is.

Tot nu toe draait de Nederlandse Staat dus op voor de gevolgen van de fouten die in 2006 rond de exportvergunning zijn gemaakt. Bij de Mexicaanse firma Navimin, die in 1999 de sloopboot in Nederland afmeerde, diende VROM eerder tevergeefs een claim in. Het bedrijf ging failliet.

Tegen de tweede eigenaar, de Mexicaanse onderneming Basilisk, wordt een claim voorbereid. „VROM wil de kosten op deze firma verhalen”, zegt de woordvoerder van minister Cramer (Milieu, PvdA). Basilisk weigert te betalen.

Begin dit jaar schikte het ministerie een ander juridisch geschil met de uiteindelijke eigenaar van de Otapan, sloopwerf Simsekler. Dat ging over de verdeling van de kosten voor het vertrekklaar maken en terugslepen van het schip.

Dit voorjaar kon het schoongemaakte schip met een nieuwe, juiste, exportvergunning alsnog naar Turkije. Daarmee kwam een einde aan de kwestie die negen jaar duurde. In 1999 liet toenmalig minister Pronk (VROM, PvdA) het schip aan de ketting leggen om te voorkomen dat het milieu- en mensonvriendelijk gesloopt zou worden in India.

De sloop gebeurt nu op „verantwoorde wijze” staat in een inspectieverslag van 14 juli. Ambtenaren van VROM constateerden bij een bezoek dat de werf in bezit is „van de vereiste certificaten”.

Sloopwerf Simsekler deed goede zaken. Het kocht in 2006 de Otapan met asbest, en kan nu het schip zonder asbest slopen. Dankzij het ministerie. Als Greenpeace in 2006 niet had gewaarschuwd, was het schip toen al gesloopt door Simsekler. Of dat veilig was gebeurd, is de vraag. De ambtenaren van VROM die de werf deze zomer inspecteerden, ontdekten dat Simsekler weinig uitrusting (zoals meetapparatuur en pakken) heeft om asbest veilig te verwijderen.

    • Joep Dohmen