Geen Turk, geen Duitser 2

wetenschapsbijlage 23-8-08

De staat kunnen we niet missen voor wetgeving en wetshandhaving, voor veiligheid en zekerheid, maar een nationaal gevoel en een specifieke culturele identiteit zijn niet zo nodig of nuttig voor ons gezamenlijk welzijn. Nationalisme is een `seculier geloof` van een dikke eeuw geleden, dat liefst zo snel mogelijk moet verdwijnen. Aan Joep Leerssen, die met deze `filosofie` de Spinozaprijs won, kan worden toegegeven dat nationalistische sentimenten en culturele identiteiten nogal veranderlijke en elastische grootheden zijn, die zich vormen in een grillige geschiedenis en ook snel gedesintegreerd raken. Maar hij zal toch niet kunnen ontkennen dat staatkundige entiteiten dezelfde chaotische levensloop hebben. En wat het begrip `natie` betreft: dat is toch echt ouder dan hij ons wil doen geloven. Ik moge hem erop wijzen dat Spinoza daar reeds twee eeuwen eerder een kritische beschouwing aan wijdde en toen tot de slotsom kwam dat volkeren niet in naties worden onderscheiden tenzij door verschillen in taal, wetten en zeden”. Het volgen van dezelfde wetten is natuurlijk de harde kern van een specifiek nationalisme, maar het spreken van dezelfde taal en het cultiveren van dezelfde (ook godsdienstige) gebruiken zijn ook belangrijke factoren van een nationaal gekleurde identiteit. Naar gelang die minder sterk aanwezig zijn, is ook het gevoel van een aparte nationale cultuur verzwakt. In deze allesbehalve optimale situatie leven wij thans. En dat is wellicht de reden van onze bekommernis en onze discussies daarover.