Een wolkje voor de zon

Viel op uw vakantie het weer tegen? Had u vertraging of is uw koffer zoekgeraakt? Dan is het wellicht goed de langste, zwaarste en onfortuinlijkste reis uit de geschiedenis van de wetenschap in herinnering te roepen: de achttiende-eeuwse omzwervingen van de Franse astronoom Guillaume Le Gentil.

Guillaume Joseph Hyacinthe Jean-Baptiste le Gentil de la Galaisière wordt in 1725 geboren in Normandië. Tijdens zijn studie theologie in Parijs wordt hij gegrepen door colleges sterrenkunde. Zijn astronomische carrière neemt daarna een hoge vlucht. Hij ontdekt nieuwe sterrenstelsels en nevels, en krijgt in 1753 de hoogste eer: een zetel in de Académie royale des sciences. Het is dan ook geen verrassing dat Le Gentil wordt uitgekozen om deel te nemen aan dé wetenschappelijke gebeurtenis van zijn tijd: de waarneming van de zogeheten Venusovergang die op 6 juni 1761 zal plaatsvinden. Een zeer zeldzame gebeurtenis, want de vorige was in 1639.

Bij zo’n overgang schuift de planeet Venus als een klein zwart stipje over de zon – niet anders dan bij een zonsverduistering door de maan, maar veel kleiner. Venusovergangen komen altijd in paren, acht jaar van elkaar gescheiden (2004 en 2012 is trouwens zo’n paar), maar tussen de paren ligt een periode van meer dan een eeuw. Door dit verschijnsel nauwkeurig te observeren vanuit verschillende plekken op de aardbol kan de grootte van het zonnestelsel bepaald worden.

Met deze opdracht

vertrekt Le Gentil in maart 1760 naar de Franse kolonie Pondicherry aan de oostkust van India. Maar tijdens een tussenstop op het eiland Mauritius in de Indische Oceaan blijkt er een oorlog tussen Frankrijk en Engeland uitgebroken en Le Gentil heeft grote moeite een schip te vinden dat verder naar India reist. Zwaar ziek van dysenterie moet hij tot het voorjaar van 1761wachten voordat een fregat hem naar Pondicherry wil brengen. Verraderlijke moessonwinden zorgen er echter voor dat het schip in de Arabische Zee verdwaalt, waar men het slechte nieuws verneemt dat Pondicherry ondertussen door de Engelsen is ingenomen. Als de grote dag aanbreekt, dobbert Le Gentil voor de kust van Ceylon, slechts een paar honderd kilometer van zijn bestemming verwijderd. Tot zijn grote frustratie slingert het schip zo heftig dat hij geen serieuze waarnemingen kan maken.

Wat te doen?

Le Gentil besluit te wachten op de volgende overgang, die acht jaar later in 1769 zal plaatsvinden. Nu laat hij niets aan het toeval over. Ruim op tijd vertrekt hij naar Manilla op de Filippijnen, volgens zijn berekeningen de ideale locatie. Daar ontstaat echter een diplomatiek conflict, want Manilla is Spaans bezit, en na lang aarzelen besluit Le Gentil alsnog naar Pondicherry te gaan. Dit keer is de kolonie wél in Franse handen. Het is nu slechts wachten op de vierde juni, wanneer Venus om drie minuten voor zeven in de ochtend voor de zon zal verschijnen.

Alles lijkt goed te gaan. De gehele maand mei en ook de eerst dagen van juni is het prachtig onbewolkt weer. Maar als Le Gentil in de nacht van 3 op 4 juni wakker wordt, zijn de voortekenen niet goed. Hij hoort direct dat de wind uit de verkeerde richting is gaan waaien. Een blik omhoog bevestigt zijn ergste vrees: een licht wolkendek bedekt half de hemel. Het is twee uur en er zijn nog vijf uren te gaan. Een tijdje later barst een storm los, maar die brengt alleen maar meer bewolking. Dan wordt het windstil. De wolken hangen roerloos aan de hemel, terwijl de tijd onverbiddelijk verder tikt. Op het moment suprème verraadt alleen een melkwitte vlek de plaats van het schouwspel waar Le Gentil negen jaar op heeft gewacht.

Alsof dat niet erg genoeg is – adding insult to injury, zeggen de Engelsen dan zo mooi – draait de wind twee uur later en blaast alsnog de wolken weg. De zon zal die dag en ook alle volgende dagen in alle onschuld stralen. In de eigen woorden van Le Gentil: “Dit was mijn lot… Tienduizenden mijlen had ik gereisd, maar het leek of ik alle oceanen had overgestoken, verbannen van mijn vaderland, om slechts de toeschouwer te zijn van die ene wolk die zich precies op het moment van mijn observaties voor de zon plaatste, om er zo met alle vruchten van mijn pijnen en vermoeienissen vandoor te gaan.”

De voorstelling is voorbij.

De volgende is pas weer in 1874. Meer dan een eeuw wereldgeschiedenis moet eerst nog volgen – de Franse revolutie, Waterloo, de stoomtrein, Darwin, de Amerikaanse Burgeroorlog,...

Dit alles is zelfs voor Le Gentil te veel. Hoeveel pech kan een mens aan? Hij wordt gek, verdwijnt in het oerwoud en laat zich maandenlang niet zien. Uiteindelijk komt hij bij zijn zinnen en besluit terug naar Frankrijk te keren. Daar zijn ook goede redenen voor, want ondertussen heeft hij vernomen dat zijn erfgenamen hem dood willen laten verklaren.

De terugreis gaat weer via het eiland Mauritius, waar nu het orkaanseizoen hem gevangen dreigt te houden. Hij staat op het punt alle hoop te laten varen, als uiteindelijk een Spaans fregat hem wil meenemen. De schipper heeft twee weken nodig de Kaap te ronden in de ernstigste stormen die Le Gentil, nu toch wel een echte connaisseur van tegenwind, heeft meegemaakt. Na meer dan vier maanden op zee komt hij aan in de Spaanse havenstad Cadiz. De buik vol van zeereizen, besluit hij het laatste stuk over land af te leggen. Op 8 oktober 1771 zet hij weer voet op Franse bodem, elf jaar zes maanden en dertien dagen na zijn vertrek.

Maar zijn zorgen

zijn nog niet over. Niet alleen komt hij met lege handen en is op de reis al het andere wetenschappelijk materiaal zoek geraakt, tot zijn schrik ontdekt hij ook dat hij officieel dood is verklaard. Zijn vrouw is opnieuw getrouwd, zijn inboedel vergeven aan zijn erfgenamen, zijn plaats in de Académie herbezet. Niemand gelooft dat de verwilderde man met de fantastische verhalen de bekende astronoom is. Hij moet zijn identiteit voor de rechtbank bewijzen.

Ook al verliest Le Gentil de eerste rondes, na lang aanhouden wint hij toch zijn bezittingen terug. Ook verkrijgt hij, na persoonlijk ingrijpen van de Franse koning, zijn zetel in de Académie. Dan neemt wereldreiziger Le Gentil de enig mogelijke wraak op deze barrage van pech onderweg: hij hertrouwt, krijgt kinderen en leeft nog 21 jaren. In groot geluk en absolute rust. Thuis.

    • Robbert Dijkgraaf