Staat is toch zeker geen geluksmachine

Verheffing van de onderklasse. Dat wordt het nieuwe speerpunt van de VVD.

En geen gezeur meer over een ingestorte houten brug in Utrecht.

Rutte presenteerde zijn beginselverklaring gisteren in Haagse Koninklijke Schouwburg Foto Roel Rozenburg Den Haag : 28.8.2008 Presentatie van de concept-beginselverklaring van de VVD door Mark Rutte. © foto Roel Rozenburg Rozenburg, Roel

Een duffer Nederland en de terreur van de middelmaat. Daar gaat het volgens VVD-leider Mark Rutte naar toe als we blijven geloven in een samenleving met nul risico.

De politiek leider van de VVD heeft zijn vakantie vooral besteed aan het inlossen van een belofte die hij deed: het opstellen van een nieuwe beginselverklaring, die gisteren gepresenteerd werd en de komende weken in de partij besproken zal worden. De oude (uit 1980) was, in de woorden van Patrick van Schie, directeur van het wetenschappelijk bureau van de liberalen, „zo tam dat zij de partij geen identiteit verschaft”. En dat de VVD in de gefragmenteerde politieke markt van Nederland anno 2008 wel een opknapbeurt kan gebruiken, zullen velen beamen.

De liberalen zaten de afgelopen jaren in het defensief: Geert Wilders stapte uit de fractie om met zijn PVV een geduchte concurrent ter rechterzijde te beginnen, er was de crisis rond Kamerlid Ayaan Hirsi Ali en de partij verzeilde na de verkiezingen in de oppositie, waarna een harde leiderschapsstrijd tussen Rita Verdonk en Mark Rutte de achterban spleet. Rutte won, verwijderde Verdonk na forse ruzies uit de fractie en verzekerde zich met de benoeming van de nieuwe partijvoorzitter Ivo Opstelten van steun in het partijkader.

De VVD-leider zegt bij het schrijven van de beginselverklaring geconfronteerd te zijn met „groot onbehagen in de Nederlandse samenleving” en dat hij een „enorm wantrouwen” proeft tegen de staat en de politiek.

De nieuwe beginselverklaring is volgens Rutte „concreter en polemischer” dan de vorige en een spoorboekje voor „een moderne, optimistische partij”. Fundamenteler ook dan het Liberaal Manifest, een eerdere opfrisbeurt uit 2005.

Rutte: „Dat manifest koos concreet positie op enkele thema’s die later werden uitgewerkt in het verkiezingsprogramma. Maar deze beginselverklaring geeft een grondtoon, de kern waar wij voor staan.”

In het document wordt veel nadruk gelegd op het belang van onderwijs in een kleinschalige omgeving. Goed burgerschap moet volgens Rutte inhouden dat iedereen in Nederland „zich rekenschap geeft van cultuur en bijbehorende normen van onze samenleving”.

In het hoofdstuk ‘missie en visie’ schrijft Rutte verder dat „door goed onderwijs en door mensen niet afhankelijk te maken van de overheid” de VVD hen wil helpen „op eigen benen te staan”. In de beginselverklaring worden vakmensen, leraren, politieagenten en werknemers in de zorg expliciet genoemd als doelgroepen waar de VVD zich op wil richten.

Daarnaast legt Rutte het accent op „een kleine, krachtige Staat”, de vrijemarkteconomie en het versterken van de internationale rechtsorde.

Zijn beginselen van een politieke partij niet zo wezenlijk dat het een slecht teken is als ze binnen 30 jaar herschreven moeten worden?

„Een belangrijk deel van de liberale kernwaarden blijft natuurlijk overeind. Maar de mondiale ontwikkelingen gaan razendsnel en daar moet je je als partij op blijven aanpassen. Het stuk met de beginselen uit 1980 is verouderd, er staan van die Joop den Uyl-termen in als sociale markteconomie, en het belang van concurrentie ontbreekt zelfs helemaal. Dus dat moest echt moderner worden.”

Maar wat is er, qua liberale denkbeelden en idealen, dan fundamenteel anders dan in 1980?

„Toen ik deze beginselverklaring schreef, werd ik geconfronteerd met groot onbehagen in de Nederlandse samenleving over concrete thema’s. Zoals zorgen over de globalisering, over de nog steeds grote instroom van kansarme immigranten of over het feit dat veel mensen in de gezondheidszorg, het onderwijs en bij de politie door bureaucratie hun vak zijn kwijtgeraakt. Maar er is ook een laag dieper: een enorm wantrouwen tegen de Staat en de politiek zelf. Dat komt omdat er te veel is beloofd en te weinig geleverd. Er is een pretentie geschapen alsof de Staat verantwoordelijk is voor jouw en mijn geluk, alsof er een samenleving mogelijk zou zijn met nul risico. Het leidt tot een duffer Nederland en de terreur van de middelmaat. Daar moeten we vanaf.”

Hebben VVD-politici zich niet ook schuldig gemaakt aan die valse pretentie?

„Natuurlijk. Ook wij zijn er wel eens in meegegaan. Toen er in Utrecht een houten trap instortte omdat er te veel mensen op stonden, waren er óók VVD’ers die riepen om een commissie en een onderzoek. Net als toen de Vierdaagse in Nijmegen geteisterd werd door de hitte en er vele mensen het slachtoffer werden. Alsof er een soort risicoloze samenleving te vergeven is. Misschien moet je geen Vierdaagse lopen als het heet is en je een hartkwaal hebt. En als er 200 mensen op een houten trap gaan staan, dan kan het gebeuren dat dat ding instort. Daar is de Staat niet verantwoordelijk voor.”

Maar het gaat verder dan een trap in Utrecht. U zet zich bijvoorbeeld af tegen de verloedering van het onderwijs, maar ook daar is de VVD medeverantwoordelijk voor geweest.

„Zeker. We hebben de schadelijke schaalvergroting niet tegengehouden. En met het milieu, een van de andere grote vraagstukken van deze tijd, hadden we veel meer het maatschappelijk debat moeten domineren. Dat gaan we nu dus doen. Met pleidooien voor hoogwaardig onderwijs in een kleinschalige omgeving. Geen betuttelend GroenLinks-geleuter dat je niet in een grote auto mag rijden, maar ruimte voor innovatieve initiatieven die er echt toe doen.”

Hoe wil u dat allemaal veranderen?

„De Staat moet klein en krachtig zijn, geen geluksmachine die mensen hun hele leven uit handen neemt. Mensen moeten met verve kunnen leven, ruimte krijgen om iets buitengewoons te maken van hun leven. De VVD strijdt voor verheffing van de onderklasse, door goed onderwijs willen we mensen op eigen benen laten staan. Het geluk zit in de mens, niet in de staat.”

Verheffing van de onderklasse, over Joop den Uyl-termen gesproken...

„Haha, dat heb ik expres gedaan. Beetje provoceren. Ik wil dat PvdA’ers denken: hé, gaan ze er met mijn vlag vandoor? Ja, inderdaad, zeg ik dan, want jullie hebben die verspeeld.”

U schrijft ook dat immigranten zich ‘rekenschap’ moeten geven van de Nederlandse cultuur en normen. Hoe liberaal is dat eigenlijk?

„Het is zéér liberaal om grenzen te stellen. Ik wil geen xenofobe angst voor alles wat van buiten komt. Maar je moet wel durven zeggen: deze beschavingsfundamenten, de taal, de Grondwet en de vaderlandse geschiedenis, dat is van ons! En van daaruit gaan we verder. Dan kan je als succesvol immigrant in Nederland gewoon minister of staatssecretaris worden.”

Deze beginselverklaring is heel erg de beginselverklaring van Mark Rutte.

„Absoluut. Het is een persoonlijk statement geworden waarom ik de politiek in ben gegaan. En het is de uitwerking van het verhaal waarop ik tot leider ben gekozen.”

En als Mark Rutte morgen onder de tram komt, kan zijn opvolger er dan zo mee verder?

„Zeker. De rode draad van deze beginselverklaring leeft breed in de VVD.”

Geeft dit document de VVD genoeg profiel in het huidige politieke landschap?

„Dat is niet het doel op zichzelf. Maar ik wil de VVD wel weer offensief neerzetten. Dat van die trap in Utrecht of van die Avondvierdaagse; dat lijken kleine voorbeeldjes. Maar het is wel tekenend. Omdat het aangeeft dat we als VVD moeten durven. Dat we niet meteen in reflexen schieten. Dat we zeggen waar het op staat, wat mensen hun eigen rol is, hoe ze zelf initiatief kunnen nemen. En we moeten daarvoor de gelegenheden bieden. Deze beginselverklaring is vooral een opdracht aan onszelf.”

En wanneer zien we resultaat?

„Nou, we zijn al een tijdje bezig in de oppositie, hoor. Maar ik zie dit wel als een keerpunt, op weg naar regeringsdeelname, want dat is wat we willen. Dit stuk is a call to arms!”

Lees de volledige concept-beginselverklaring van de VVD via nrcnext.nl/links

    • Joost Oranje