Koekenpannen die van elkaar houden

Een pan heeft een deksel maar wat is een deksel zonder pan? Een onding dat in de weg ligt. Lichtgewicht kampeerders weten het al lang. Een deksel heeft weinig nut. Ze nemen kampeergerei mee waarvan elk onderdeel meer functies ineen heeft. Een pannetje is de deksel voor een ander pannetje en je kunt er uit eten en drinken.

Het wordt weinig toegepast in keukens thuis, pannen die andere pannen dienen. Des te groter is de verrassing dat Amerikanen er nu mee komen. In het ontwerpen van keukengerei zijn Amerikanen doorgaans behoudend van aard en leuk nieuw spul laten ze – het is goed te volgen op websites van internetwinkels – uit Europa komen en uit China.

Maar nu heeft een speelse geest bij Calphalon, Amerikaanse fabrikant van aluminium pannen met harde oxidelaag, de dubbele koekenpan bedacht. Met twee handvatten op de kop die sierlijk en innig in elkaar grijpen als de pannen op elkaar worden gelegd. Pure liefde.

Dubbele pannen zijn er in Europa al lang. Ook een emaillen mosselpan heeft geen deksel maar bestaat uit twee pannen op elkaar, een grotere en een kleinere waar straks de lege schelpen in kunnen. Zo zijn er ook dubbele gietijzeren steelpannen uit Frankrijk, de wat kleinere dient ondersteboven als deksel van de grotere.

De twee koekenpannen van Calphalon die op elkaar passen verschillen in doorsnee, de kleinere past binnen de rand van de grotere.

Frittata heet zo’n set. Er zijn twee maten, voor 100 en 150 euro. Onderin de bodem van de grotere pan is het woord ‘bottom’ gestanst. In de bodem van de kleinere staat ‘top’. Bedoeld voor klunzen. Als de kleinere pan op het vuur staat en de grotere er omgekeerd bovenop, zal condenserende damp langs de binnenrand van de grotere naar beneden sijpelen, en niet in de kleine, maar er buiten langs en in het vuur druppen.

Maar wat moet je nou helemaal met zo’n elegant setje? Je hebt er om te beginnen twee koekenpannen. Maar omdat ze goed kunnen samenwerken zijn ze ideaal voor het maken van tortilla in alle mogelijke varianten. Dikke omelet met schijfjes aardappel en uienringen en wat je er meer in durft mee te bakken. Spanjaarden zijn meestertortillabakkers.

Als je er van genoten hebt ginder, wil je thuis ook tortilla. Maar die lukt niet goed. Hij wordt niet gelijkmatig gaar en je moet hem omkeren om aanbranden te voorkomen terwijl de bovenkant nog vloeibaar is.

In de dubbele koekenpan gaat het goed. De set in z’n geheel omkeren is niet handig, maar de omelet glijdt gemakkelijk van de onderste pan in de (warme!) bovenste en kan dan omgekeerd terug in de moederpan.

Het is nog makkelijker te verzinnen. Met een verfbrander. Neem een elektrische verfafbrander – al gewoon keukengerei onder crèmebruleebakkers, of eentje met een vlam. Richt de vlam of de hete luchtstroom op de bodem van de kleinere koekenpan die ondersteboven op de grote ligt. De pan wordt heet en straalt warmte naar beneden door naar het gerecht dat op die manier aan twee kanten tegelijk dicht bakt.

Wat ook mooi geweest zou zijn: in de grotere pan de tortilla op laag vuur te bakken zetten en de kleinere pan op ander vuur zo heet mogelijk laten worden. Zo heet dat hij met zijn stralingswarmte, omgekeerd op de grotere pan de bovenkant van de tortilla kan dichtbakken. Maar dat gaat niet.

De Amerikanen gaven beide pannen een antikleeflaag. En die verdampt als je de pannen heter laat worden dan zo’n 270 graden. Antikleef zit groots kookwerk soms danig in de weg.

Wouter Klootwijk

    • Wouter Klootwijk