Ik laat juist zien hoe vrij ik ben

Pater Thomas (31) sloot zich dertien jaar geleden aan bij de Broeders van Sint Jan.

Elke vrijdag een gesprek over hoe iemand zich ontspant en weer oplaadt.

Foto Mieke Meesen Meesen, Mieke

Hij wilde elektrotechniek studeren in Delft. Tot hij als 17-jarige jongen naar een jongerenkamp ging van de broeders van Sint Jan. Op kamp in de Franse Alpen vroeg hij zich af of God hem riep broeder te worden. Zijn katholieke opvoeding had hem geleerd dat God een plan heeft met ieder mens.

Op advies van kampbegeleider broeder Elias bezocht hij het moederhuis van de broeders vlakbij Lyon. Alleen, op een houten bank in de kerk, wist hij: hier hoor ik thuis, dit is mijn familie. Na zijn eindexamen meldde hij zich als novice, als broeder in opleiding.

Vijf jaar lang onderzocht hij of hij werkelijk broeder wilde worden. Hij studeerde theologie en filosofie. In 2000 verbond hij zich voor altijd aan God en aan de kloostergemeenschap die in 1975 werd opgericht door hoogleraar en pater Marie Dominique Philippe. In de bomvolle kerk in Lérins legde hij de eeuwige gelofte af van gehoorzaamheid, kuisheid en armoede.

Daarna vertrok hij naar Den Haag. Daar woont hij met vier andere broeders in het Willibrordushuis; een priorij in hartje Den Haag aan een straat vol cafés vlakbij het Binnenhof. Daar is hij deeltijd pastor, coördinator jongerenkampen en opleider van katholieke jongerenwerkers. Daar loopt pater Thomas rond, gekleed in habijt. Op zoek naar de waarheid.

Tevreden over de keuze die u dertien jaar geleden maakte?

„Ja. Al heb ik ook twijfel gekend. Het laatste jaar van mijn voorbereiding had ik het zwaar. Ik vroeg me af of ik met een keuze voor het kloosterleven mijn vrijheid om zeep zou helpen. Ik onderzocht het thema vrijheid volgens Aristoteles en Jean-Paul Sartre en kwam er achter dat trouw de grootste blijk van vrijheid is. Dat je pas vrij bent als je een keuze kunt maken. Ik liet juist zien hoe vrij ik was door te kiezen voor wat ik wilde.”

U koos voor de eeuwige gelofte met als één van de consequenties geen seks. Kiest een jonge man daar ook voor?

„Mijn keuze is niet om geen seks te hebben. Mijn keuze is positief. Ik vond in Jezus Christus de rots waarop ik kan bouwen. Ik wil niets anders kiezen.

Dan broeder zijn in hart en nieren.

„Vrijheid moet je niet verwarren met slaaf zijn van je emoties. Soms heb ik geen zin. Dat is niet erg. Daar gaat het helemaal niet om. Dat staat los van de keuze voor wat ik wil.”

Heeft u contact met God?

„Ik hoor geen stem. Ik voel zijn aanwezigheid niet. Ik heb contact met hem via het gebed. Iemand zei mij eens: stel dat je op een dag wakker wordt en ontdekt dat God niet bestaat. Ik vond dat een vreemde stelling. Iemand met wie ik door het leven ga, kan niet ineens ophouden te bestaan.”

Dat zou betekenen dat God altijd met u is?

„Ik heb wel eens gedacht: waar ben je? Ik liep bijvoorbeeld tegen een muur op nadat de oorarts mij vertelde dat ik aan één oor doof zou blijven en altijd een piep zou horen. De eerste zes maanden dacht ik dat ik gek werd van die piep. God leek onbereikbaar. Ik vroeg: haal me hieruit. Dit kan ik niet alleen. Ik ervoer de zwakheid in mezelf en ging op zoek. Op de tast. Met vragen en twijfels.

Het begin van het einde van deze zware tijd was een retraite met als thema vrede. Ik bad en was stil en ineens was de muur waar ik tegenaan liep weg. Vrede kwam. Ik hoefde niet meer te vechten. Toen kon ik weer verder. God had ingegrepen.”

In welke zin?

„Pas achteraf dacht ik: hier is God bezig geweest, hier is iets wezenlijks gebeurd. Maar hij is niet mijn sloofje. Het is niet zo dat ik voor iets bid en verwacht dat hij meteen aan de slag gaat. Daarom is de weg met God voor mij avontuurlijk.”

De doofheid is gebleven.

„De doofheid is gebleven ja, maar het heeft me geleerd wat er overblijft als mijn gezondheid me in de steek laat. Ik dacht dat ik me aan mijn gezondheid vast kon houden. Maar het bleek los zand. Het bleek beperkt. Ik ging op zoek naar iets solides, een stukje waarheid en vond God. Door het lijden heen ontdek je de essentie.”

Gaat u te biecht?

„Ik probeer eens in de twee weken te biechten.”

Is dat belangrijk voor u?

„Dat is belangrijk voor mij omdat ik God liefheb. Iemand van wie je houdt, kun je snel kwetsen. Dan is het goed om te zeggen: sorry, dit is niet goed geweest. Zo voorkom je dat er een scheiding ontstaat.”

Mag ik vragen wat u dan zegt?

„Het spijt me. Ik had niet zo opvliegerig moeten zijn.”

Zijn er nog andere bronnen voor u waaruit u energie put?

„Van samen met mensen op zoek te gaan naar de waarheid. Ik doe dit bijvoorbeeld in de cursussen filosofie die ik geef. Vaak aan de hand van teksten van Aristoteles. In de Ethica behandelt hij thema’s als passie, vriendschap en liefde die nog steeds actueel zijn. De hoofdvraag in de filosofie is: wie is de mens. Het inspireert mij om samen met anderen steeds dieper te ontdekken wie de mens is en wie God is. Jezus zei: Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Ik geloof dat hoe meer waarheid we ontdekken en hoe meer we liefhebben, hoe dichter we bij God komen. Want God is de bron van alle waarheid en de bron van alle liefde”

Is het moeilijk om dat in iedere preek weer boeiend uit te dragen?

„Ik doe mijn best. Ik zoek altijd naar nieuwe woorden, naar woorden die leven. Soms hoor ik mezelf een verschrikkelijk verhaal afsteken en dan komt na de viering iemand naar me toe om te zeggen: je vertelde precies wat ik nodig had. Dan denk ik: de heilige Geest werkt door mij heen om mensen te bereiken.”

En als u geen nieuwe woorden vindt?

„Als ik geen tijd heb om te studeren en in de bijbel te lezen, raak ik leeg. Dan word ik oud. Dan heb ik in mijn preek niets te vertellen. Ik moet mijn agenda bewaken. Er zijn veel mensen die een beroep op me doen. Ik ken geen vrije tijd en nauwelijks vakantie. Daarom ga ik, net als mijn medebroeders, het komende jaar elke maand twee dagen weg. Om stil te worden, terug te gaan naar de bron en te studeren.”

En iets nieuws te ontdekken?

„Aristoteles leert dat filosofie begint met verwondering. Verwondering levert vragen op. Als je je niet meer kunt verwonderen, als je denkt dat je alles kent en er niets meer te ontdekken is, gaat ook je liefde achteruit. Ik heb beloofd dat ik mijn leven zal wijden aan de zoektocht naar waarheid en liefde. Elk mens kan mij iets leren over God. Ik ben nooit uit-ontdekt.”