Europese Unie wil Georgië helpen en Rusland echt raken

De Europese Unie dubt over maatregelen tegen Rusland. Over sancties bestaat geen eensgezindheid, maar over hulp aan Georgië wel.

De belangrijkste beslissing waar de Europese Unie maandag mee komt, als de EU-regeringsleiders bij elkaar komen voor spoedoverleg over Rusland, lijkt onschuldig en nauwelijks indrukwekkend: er zal extra geld naar Georgië gaan voor noodhulp en wederopbouw, bovenop de 15 miljoen euro die Europa al aan Georgië heeft beloofd.

De EU-landen zijn het er ook over eens dat er verder gepraat moet worden over een eigen, Europese waarnemersmissie in Georgië. En er zal maandagavond een ‘harde boodschap’ naar Moskou worden gestuurd: de Russische erkenning van Zuid-Ossetië en Abchazië wordt veroordeeld en Rusland moet zich houden aan de zes punten in het akkoord met Georgië over een staakt-het-vuren. De Russische troepen hebben zich nog niet uit Georgië teruggetrokken, zoals de bedoeling is.

Nieuw is dat niet, Frankrijk dreigde Moskou al eerder met een ‘slechte relatie’ van Rusland met de EU als de troepen blijven waar ze nu zijn. En hard is de boodschap ook niet, vinden vooral Groot-Brittannië, Zweden en de Oost-Europese landen, als er niets concreets wordt bedacht om Rusland te straffen.

Diplomaten in Brussel hebben de afgelopen dagen vergaderd over maatregelen die Rusland zouden kunnen raken: de onderhandelingen over een nieuw politiek en economisch samenwerkingsakkoord van de EU met Rusland, die net voor de zomer zijn begonnen, kunnen worden uitgesteld. De EU zou het voor Russen moeilijker kunnen maken om een visum te krijgen. De EU zou ook de steun kunnen intrekken voor het Russische lidmaatschap van de Wereldhandelsorganisatie WTO.

De Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov heeft al laten weten dat elke straf voor Rusland net zo goed een straf is voor de Europese Unie zelf – en de meeste EU-landen vinden dat ook. Want de EU en Rusland zijn afhankelijk van elkaar: de EU kan niet zonder het gas en de olie uit Rusland, Rusland heeft het geld nodig dat daarvoor wordt betaald. „Iemand moet mij maar eens uitleggen wat dan precies een sanctie zou kunnen zijn voor Rusland”, zegt de Duitse minister van Buitenlandse Zaken Frank-Walter Steinmeier vandaag in de Frankfurter Allgemeine Zeitung.

De humanitaire hulp aan Georgië zou Rusland wel eens harder kunnen treffen dan alle andere maatregelen die nu worden bedacht, maar waar de EU-leiders het komende maandag zo goed als zeker niet over eens worden. Bij de EU en de NAVO zijn er grote zorgen over Georgië als het winter wordt: Rusland heeft de oogsten vernietigd, gebouwen, bruggen, spoorlijnen zijn kapotgemaakt. Daar gaat de Georgische bevolking onder lijden – er zullen steeds meer Georgiërs zijn die begrijpen dat het niet slim was van hun president om begin augustus Zuid-Ossetië aan te vallen.

De Russische minister Lavrov noemt de Georgische president Sakaasjvili „de lieveling van het Westen” die de bondgenoten had teleurgesteld. Er zijn in Brussel weinig diplomaten die Sakaasjvili lief vinden – ze noemen het een „enorme vergissing” dat hij zich door Rusland heeft laten „provoceren”. Maar nog erger zou het zijn, zeggen ze, als Sakaasjvili onder druk van een ontevreden bevolking moet aftreden en een ‘mannetje’ opstaat dat de Georgiërs een beter leven belooft en braaf luistert naar Rusland. Dan zou het gaan zoals Rusland graag wil – als de EU Georgië de winter doorhelpt, zou dat plan onderuit worden gehaald. De ‘softe macht’ van Brussel zou dan hard aankomen in Moskou.

Het zou in Moskou ook hard aankomen als de EU, zoals sommige Europese landen nu voorstellen, beloftes doet aan landen die graag lid willen worden van de EU, zoals Oekraïne en Moldavië. Door de banden met die landen aan te halen, zou voorkomen kunnen worden dat Rusland daar hetzelfde gaat doen als in Georgië.

Heel bang hoeft Rusland voorlopig niet te zijn voor toezeggingen van de EU aan Ruslands buren. Van zulke beloftes zal de EU zelf het meeste last gaan krijgen, denken ambtenaren in Brussel – want daar zal de EU dan ook echt iets mee moeten gaan doen.