VS zijn niet alleen voor noodhulp in de Zwarte Zee

Volgens de Russen groeit het aantal NAVO-schepen in de Zwarte Zee sinds de oorlog in Georgië. Maar het grootste deel heeft niets met het conflict te maken.

Voor de Georgische kust beloeren de voormalige tegenstanders elkaar als vanouds. Twee Amerikaanse marineschepen, de destroyer USS McFaul en de kustwachtkotter USCG Dallas, zijn afgemeerd in de havenstad Batoemi en het commandoschip USS Mount Whitney is onderweg daarheen. Een Russisch smaldeel onder aanvoering van de kruiser Moskwa, het vlaggenschip van de Zwarte-Zeevloot, heeft in de Abchazische plaats Soechoemi, nog geen 150 kilometer van de Amerikaanse schepen, het anker uitgeworpen.

„NAVO-schepen zijn in de Zwarte Zee en hun aantal groeit”, zei de Russische commandant van de marinebasis Novorossijisk, admiraal Sergej Menjallo, gisteren. „We houden de toestand goed in de gaten.” Een Russische inlichtingenbron meldde de Russische persbureaus dat de tien NAVO-schepen over honderd Tomahawk en Harpoon-kruisraketten beschikken. De Moskwa zou twee dagen geleden al zijn wapensystemen hebben getest en Russische media maakten ook melding van het plan om het vliegdekschip Koeznetsov van de Noordelijke Vloot naar de Zwarte Zee te halen.

Maar nog afgezien van de vraag wat de zin zou zijn van een opzettelijke gewapende escalatie, lijkt het NAVO-smaldeel in het gebied nauwelijks geschikt om de confrontatie met de Zwarte-Zeevloot aan te gaan. Van de tien marine-eenheden waarvan de Russen spreken, zijn er bijvoorbeeld vier Turks, die routineus in hun thuiswateren rondvaren. Van de drie Amerikaanse schepen zijn de USS Dallas en de USS Mount Whitney nauwelijks bewapend. En Duitsland liet dinsdag weten dat het fregat Lübeck „niets met een hulpactie voor Georgië te maken heeft”. De NAVO-schepen, waaronder ook een Spaans en een Pools fregat, zijn in de Zwarte Zee voor de internationale oefening Sea Breeze – waaruit Rusland zich terugtrok.

De Russische Zwarte-Zeevloot heeft een sterkte van enige tientallen grote oppervlakteschepen, zoals fregatten, destroyers en amfibische landingsvaartuigen. Analisten zijn het er over eens dat de kruiser Moskwa, die is voorzien van zestien antischip-raketten met een bereik van meer dan vijfhonderd kilometer, een machtig schip is. Of al deze andere vaartuigen allemaal inzetbaar zijn, is de vraag, sinds het opbreken van de Sovjet-Unie hebben ze vooral werkeloos aan de kade gelegen. De Russische marinebommenwerpers – Tu-22M Backfire – kunnen de hele regio bestrijken.

Dat de Amerikanen alleen maar een hulpoperatie op touw hebben gezet, is net zomin geloofwaardig als de Russische lezing dat de invasie van Georgisch grondgebied slechts een vredesmissie was. Het besluit de destroyer USS McFaul van de Arleigh Burke-klasse te sturen, ligt bijvoorbeeld niet voor de hand wanneer je snel veel hulpgoederen wilt overbrengen.

Dit type schip is niet ontworpen voor humanitaire missies maar voor het opsporen van onderzeeboten, het vernietigen van oppervlaktedoelen en het schoonvegen van het luchtruim. Voor dat laatste beschikt het schip over een radarsysteem dat vanaf de ankerplaats bij Batoemi het hele Georgische luchtruim in de gaten kan houden. De USS McFaul kan dus de Georgische waarschuwingsradar bij Tbilisi vervangen die door Russische bommenwerpers bij aanvang van het conflict is vernietigd.

In hetzelfde licht valt de komst van de USS Mount Whitney, het vlaggenschip van de Amerikaanse Zesde Vloot, te bezien. Dit schip heeft een verwaarloosbare capaciteit voor het transport van dekens, noodrantsoenen en drinkwater, maar op het gebied van commandovoering heeft het schip geen gelijke. Tijdens een bezoek van de USS Mount Whitney enige jaren geleden in de Rotterdamse haven vertelde de commandant dat zijn schip eenvoudig de hele invasie van Irak had kunnen aansturen.

De Georgische vloot speelt intussen geen enkele rol meer. Een Russische taakgroep kelderde de aanvalsboten, een paar oude schepen uit sovjetboedel en een raketboot die was geschonken door de Grieken, toen deze in Poti aan de kade lagen. Er doken in de Oekraïense pers ook verhalen op, inclusief ooggetuigenverslagen, over een Georgische tegenaanval waarbij de Russische Moskwa beschadigd zou zijn, maar daarvan ontbreekt ieder bewijs.