Rusland dreigt, Oekraïne ruziet

De ontwikkelingen in Georgië baren Oekraïne grote zorg. Maar politici in Kiev kibbelen over de vraag of de deur naar Moskou dicht moet of juist niet.

Oekraïense tanks eerder deze maand tijdens een oefening voor de militaire parade in Kiev van 24 augustus. Foto AFP Ukrainian Army tanks drive on Krestschatik on August 19, 2008 during a military parade rehearsal in Kiev. Ukraine will celebrate the 17th anniversary of its Independence on August 24. AFP PHOTO/ GENIA SAVILOV AFP

Kiev, 28 Aug. - Tanks over de Kresjtsjatik-boulevard, gevechtsvliegtuigen boven de Dnjepr en een vastberaden president Viktor Joesjtsjenko, die op Majdan, het Plein voor de Onafhankelijkheid, oproept tot een snelle toetreding tot de NAVO.

Oekraïne hield afgelopen zondag voor het eerst sinds jaren een militaire parade ter gelegenheid van de Dag van de Onafhankelijkheid. Het was het antwoord van de pro-Westerse Oekraïense president op de Russische bezetting van Abchazië en Zuid-Ossetië. Maar opvallende afwezige bij de parade was premier Joelia Timosjenko. In dit uur van gevaar hebben president en premier, in 2004 tijdens de Oranje Revolutie nog gezworen kameraden, slaande ruzie.

Vorige week verbijsterde een woordvoerder van Joesjtsjenko de natie met de uitspraak dat het stilzwijgen van premier Timosjenko over de oorlog op de Kaukasus veroorzaakt wordt door een deal die zij met het Kremlin gesloten zou hebben: in ruil voor steun voor haar kandidatuur bij de presidentsverkiezingen van 2009 zou zij zich op de vlakte houden over de oorlog op de Kaukasus. Voor haar verkiezingsstrijd zou het Kremlin al een miljard dollar hebben uitgetrokken.

Timosjenko reageerde hier enige dagen niet op. Ze was op vakantie. Afgelopen maandag wees ze de aantijgingen af. „Als politiek leider en regeringsleider verdedig ik onvoorwaardelijk de territoriale integriteit en soevereiniteit van Georgië en steun ik alle acties die daarop zijn gericht”, zei ze op een persconferentie.

Wat was er aan de hand? Rusland spreekt dreigende taal in de richting van ex-vazalstaten die lid willen worden van de NAVO, het Westen is in rep en roer en de president van Oekraïne beschuldigt zijn premier van landverraad?

Een paar dagen later, nadat Rusland de onafhankelijkheid van Abchazië en Zuid-Ossetië heeft erkend, lijkt de eenheid, zoals zo vaak in de roerige Oekraïense politiek, hersteld. Kranten smalen over de faux pas van het presidentiële apparaat. Commentatoren wijten de ruzie aan de presidentsverkiezingen van 2009 en aan de onvolwassenheid van de Oekraïense politiek en buigen zich liever over de gevolgen van Ruslands optreden voor Oekraïne’s kansen op het lidmaatschap van de NAVO. In kranten en op tv valt de rustige toon op waarmee de oorlog wordt besproken. De verslaggeving is feitelijk. In de kranten geen schreeuwende oorlogskoppen. Op straat in Kiev wordt geflaneerd, gegeten en gedronken. Een groep skatende jongeren op het Majdan-plein roept desgevraagd vrolijk: „Fuck the Georgians” en racet er vandoor. Al zegt praktisch iedereen de oorlog te hebben zien aankomen en er zeker van te zijn dat dit een goed voorbereide provocatie van de Russen is geweest, toch heeft de bliksemsnelle erkenning van de afvallige regio’s ook de Oekraïners verrast.

Vervolg Oekraïne: pagina 4

Oekraïne drijft steeds verder weg van Rusland

Het conflict is met de Russische erkenning van de onafhankelijkheid van Zuid-Ossetië en Abchazië een nieuwe fase ingegaan. „Betrof het eerst een conflict tussen Georgië en de Osseten, nu is Rusland zelf actief deelnemer geworden’’, zegt Valeri Tsjaly, adjunct-directeur van het Razoemkov Instituut voor Economie en Politiek.

„Ruslands doel is zijn oude invloedssferen te heroveren. Maar door te weigeren het vredesplan van de Franse president Sarkozy uit te voeren en door de eenzijdige erkenning van de onafhankelijkheid zullen ze zich internationaal isoleren. Ze kunnen niet de hele internationale gemeenschap tegen zich in het harnas jagen. Alleen Hamas heeft de staatjes inmiddels erkend. Dat is niet bepaald een diplomatiek succes voor Rusland te noemen.”

Tsjaly wijst op de inconsistentie van de Russische politiek: ze protesteren tegen de onafhankelijkheid van Kosovo, maar erkennen zelf twee ministaatjes. Als Kosovo er niet geweest was, dan had Rusland volgens hem een andere aanleiding gezocht.

Voor Oekraïne is de situatie gevaarlijk omdat het land in twee kampen is verdeeld. Van de politieke partijen steunt alleen de Partij van de Regio’s van oud-premier Viktor Janoekovitsj de Russische positie.

Maar Janoekovitsj, de door Rusland gesteunde tegenstander van Joesjtsjenko tijdens de Oranje Revolutie, kan zich daarmee volgens Tsjaly lelijk in de vingers snijden. Want niemand in Oekraïne wil oorlog. Tegelijkertijd ziet iedereen in dat goede betrekkingen met Rusland belangrijk zijn. Dat veroorzaakt spanningen in de samenleving.

Hoewel de situatie op de Krim, waar de Russische Zwarte Zeevloot is gestationeerd, niet te vergelijken is met die in Georgië, wijzen veel analisten op het gevaar dat de Russen ook daar een strategie van destabilisatie kunnen doorvoeren.

Ook op de Krim worden Russische paspoorten uitgedeeld, de Russen beschikken er over veel onroerend goed en de Russisch-talige bevolking van Sevastopol kijkt uitsluitend naar de Russische propagandazenders, zeggen de Oekraïners.

Zo denkt bijvoorbeeld Taras Berezovets, een jonge adviseur van premier Timosjenko. „Rusland kan op de Krim dezelfde truc toepassen. Wij zijn niet sterk genoeg om de Russen te weerstaan, ons leger verkeert in slechte vorm. Een terroristische aanslag plegen in de havenstad Sevastopol is een kleinigheid voor de Russen.”

Neutraliteit is voor de analisten geen optie. Oekraïne moet zo snel mogelijk worden opgenomen in een veiligheidsstructuur. „De argumenten voor toetreding tot de NAVO winnen aan kracht’’, zegt Oleksandr Soesjko, leider van het Instituut voor Euro-Atlantische samenwerking. „Let wel, de NAVO is opgericht om oorlog te voorkomen met diplomatieke middelen. Als Georgië lid was geweest van de NAVO was dit niet gebeurd. Wij maken geen deel uit van een veiligheidsstructuur. We bevinden ons in een grijze zone en vormen zo een bedreiging voor de stabiliteit in de regio. De Russische stap schept een precedent: voor het eerst sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991 is de grens van een voormalige sovjetstaat eenzijdig gewijzigd. Dat heeft vérgaande consequenties.’’

Sommigen stellen het nog harder: Oekraine heeft in de jaren ’90 vrijwillig afstand gedaan van haar kernwapens in ruil voor veiligheidsgaranties. Die moet het Westen nu leveren.

Voor de analisten mag neutraliteit geen optie zijn, voor een groot deel van de bevolking is het dat wel, zegt de Russische filosoof en consultant Andrej Jermolajev, die betreurt dat de oorlog de betrekkingen tussen Rusland en Oekraine voor de komende 15 jaar heeft verziekt. De oorlog heeft bij de bevolking tot ontnuchtering geleid, zegt hij. De tegenstanders van Rusland zien hun bange vermoedens bevestigd, de voorstanders ontdekken dat Rusland net zo cynisch is als het Westen met zijn oorlog in Irak en zijn erkenning van Kosovo. Neutraal blijven is dus voor veel mensen aantrekkelijk en Timosjenko snapt dat beter dan Joesjtsjenko, zegt Jermolajev. Zij heeft het niet over de NAVO, maar over een veel abstracter Europees veiligheidsbeleid. En zo zijn we weer terug bij de ruzie tussen premier en president: volgens Jermolajev ligt daaraan wel degelijk een verschil in opvatting ten grondslag. Timosjenko houdt de deur naar het Kremlin op een kier.

Hoe kan de NAVO een land als lid accepteren waar de politici vechtend over straat rollen? Alle gesprekspartners beamen dat de Oekraïense politici zich onverantwoordelijk gedragen. Als excuus voeren ze aan dat de huidige generatie politici helaas nog afkomstig is uit de sovjet-structuren of uit het bedrijfsleven. Het heeft zijn tijd nodig, zeggen ze sussend. Maar allen wijzen erop dat Oekraïne sinds de Oranje Revolutie wel degelijk een ander land is geworden. Een land met vrijheid van meningsuiting, een vrije pers, vrijheid van vergadering, een levendige politieke oppositie („Bij drie verkiezingen heeft drie keer de oppositie gewonnen.”), een opbloeiende burgermaatschappij met lobbygroepen die gehoord worden. „Ik kom vaak in Rusland”, zegt politicoloog Valeri Tsjaly, „en het verschil met Oekraïne wordt met de dag groter en groter. Dat valt niet over het hoofd te zien.” En Oleksandr Soesjko formuleert het zo: ,,Oekraïne heeft de geleide democratie à la Russe verworpen.”