Internet Weblog van de dag

Bukshag. Weblog Woordhoek gaat verder over ‘roken en taal’:„Je komt het woord vooral tegen in oorlogsherinneringen: bukshag, shag gemaakt van sigarettenpeukjes die je van de grond opraapte – dus waarvoor je moest bukken. Maar bleef dit gebruik beperkt tot de Tweede Wereldoorlog, of is het al ouder? En verdween het na de oorlog, of werd er daarna ook nog bukshag gerookt? En wie was Simon Peukie?

Sippora Stibbe schreef in haar oorlogsmemoires Hoe zorgeloos is de kindertijd: „Bij vrouw Van Slooten, die met man en kind in een piepklein huisje in de Papendwarsstraat woonde, kon je eigengerolde sigaretten kopen. De buurtbewoners kochten er niet, want we zagen haar speurend langs de trottoirbanden lopen, steeds de sigarettenpeuken oprapend die door de Canadezen werden weggegooid. Als mensen ons vroegen waar je sigaretten kon krijgen, waarschuwden we hen voor deze ‘bukshag’.”

Ook in de memoires van Jan Willem Holsbergen, die zat ondergedoken in de oorlog, lezen we over bukshag. Terugkijkend schreef hij in De prijs van een hoofd: „De shag raakt op. De verleiding is groot de peuken te bewaren en de tabak eruit te halen. Dan krijg je bukshag. Tabak waar je voor moet bukken, de peukjes van de grond rapen. Van vijf peuken draai je één sigaret, zeggen ze.”

Lees verder over roken en taal op nrc.nl/woordhoek