De werknemers hebben iets te eisen

Het kabinet rondt deze week de besprekingen over de begroting af. Achter de schermen wordt druk overlegd met werkgevers en werknemers om de sommetjes rond te krijgen.

Goed nieuws voor werknemers. Wie had gedacht dat de positie van werkenden zou worden uitgehold door de globalisering, de uitbreiding van de Europese Unie met Oost-Europa of de flexibiliteit van de arbeidsverhoudingen komt bedrogen uit. De werknemer staat er sterker voor dan gedacht, blijkt uit nieuw onderzoek. Werknemers kunnen iets eisen. En dat is precies waar het kabinet-Balkenende benauwd voor is.

Achter de schermen voeren leden van het kabinet dezer dagen druk overleg met de sociale partners om tot principeafspraken te komen over werk, koopkracht en lonen. Spoed is gewenst want het kabinet wil uiterlijk morgen de besprekingen over de rijksbegroting voor 2009 afronden omdat de Miljoenennota over ruim twee weken op Prinsjesdag gepresenteerd moet worden.

„Wij hebben een openingszet gedaan”, zei premier Jan Peter Balkenende (CDA) vorige week toen hij met minister Wouter Bos (Financiën, PvdA) bekendmaakte, dat het kabinet afziet van verhoging van de btw van 19 naar 20 procent. Het kabinet wil de koopkracht van de Nederlanders, voor wie tanken en boodschappen doen al duurder is geworden, niet verder uithollen.

Maar, voor wat hoort wat. Ook de werkloosheidspremie gaat omlaag, belooft het kabinet, maar dan moeten vakbeweging en werkgevers wel „verantwoordelijk” met de lonen omgaan. Anders loopt Nederland gevaar in de gevreesde spiraal van stijgende lonen en prijzen terecht te komen en dreigt „een herhaling van 2001” toen een stijging van btw en salarissen de inflatie naar 4,5 procent opdreef met een recessie tot gevolg.

Destijds had het „anders gemoeten”, hebben overheid, werkgevers en vakbonden volgens Balkenende tijdens het Voorjaarsoverleg in april vastgesteld. Nu wil het kabinet samen met de sociale partners optrekken. Dus praten de drie partijen om van elkaar zoveel mogelijk toezeggingen los te krijgen om van de „fouten uit het verleden te voorkomen”.

Toch gaat een vergelijking met 2001 maar ten dele op. Te midden van de huidige afkoelende economie is de positie van werknemers aan de onderhandelingstafel sterker geworden. „Het grote verschil is dat na 2001 de werkloosheid snel opliep”, zegt de Leidse econoom Kees Goudswaard, tevens kroonlid van de Sociaal Economische Raad (SER). Binnen enkele jaren gingen er in Nederland 250.000 fulltimebanen verloren. Momenteel is de werkloosheid laag. Dat is een opvallende overeenkomst met Denemarken, dat al in een recessie verkeert. In Nederland is zelfs sprake van een groeiende krapte op de arbeidsmarkt.”

En die krapte zet door als gevolg van structurele ontwikkelingen, zoals een krimpende beroepsbevolking en een gebrek aan technologisch hoog opgeleide werknemers, bevestigt het jongste onderzoek van de Organisatie voor Strategisch Arbeidsmarktonderzoek (OSA), een samenwerking tussen de universiteiten van Tilburg en Utrecht. Dat versterkt de positie van de werknemers op de arbeidsmarkt. De afgelopen jaren heeft zo’n 20 procent van hen een andere baan aanvaard. En nog eens 18 procent kreeg bij de eigen baas een nieuwe functie, blijkt uit het onderzoek. 19 procent van de niet-werkenden maakte tussen 2004 en 2006 de overstap naar betaald werk. En intussen zoekt 15 procent van de werknemers een andere baan in de hoop op beter salaris en carrièreperspectieven. Tegelijkertijd blijken de arbeidsomstandigheden en salarissen van werknemers te zijn verbeterd.

„Werkgevers zullen de komende jaren forse inspanningen moeten verrichten om werknemers voor hun organisatie te behouden”, stellen de onderzoekers vast. Dat versterkt de positie van de vakbonden aan tafel. De vakbeweging heeft weliswaar een reputatie hoog te houden op het gebied van een „verantwoorde loonontwikkeling”. Maar door de krapte op de arbeidsmarkt zullen de lonen harder stijgen dan in het verleden, want bij een verwachte inflatie van 3,5 procent lijkt prijscompensatie het absolute minimum.

De drie partijen hebben ook één belang: op een steeds krapper wordende arbeidsmarkt zijn flexibiliteit en mobiliteit noodzakelijk om te kunnen voldoen aan de behoeften van het bedrijfsleven. Het kabinet zoekt daarom naar fiscale prikkels om meer mensen aan de slag te krijgen: moeders, probleemjongeren en ouderen. Werkgevers zoeken vooral goed opgeleid personeel en de vakbeweging wenst toezeggingen op het gebied van scholing en inzetbaarheid van werknemers. Want ruim 40 procent van de werknemers heeft behoefte aan scholing en cursussen om goed te kunnen functioneren, blijkt uit het OSA-onderzoek.

    • Michèle de Waard