Wat zou Ötzi doen?

In mijn zelfbedachte lunchpauze (ik ben freelancer, dus dan is het hele leven in principe een lunchpauze) ging ik naar de zevende verdieping van de Amsterdamse bibliotheek om een broodje te eten bij de La Place die daar gevestigd is.

Ondertussen las ik in de krant over Ötzi, een prehistorische man wiens lijk in 1991 gevonden is in de Alpen. Ötzi leefde 5.300 jaar geleden, en zijn lijk is dus erg oud, maar toch vinden onderzoekers steeds nieuwe dingen over hem uit. Zo zijn ze er nu achtergekomen dat Ötzi ‘vrijwel zeker een herder’ was.

Dit soort berichten vind ik fascinerend. Hoe kom je er in godsnaam achter dat een eeuwenoud veenlijkje ooit herder is geweest? Door middel van ‘massaspectronomie’, stond er bij het bericht.

Ik was net aan het bedenken wat massaspectronomie zou kunnen zijn toen het alarm van de bibliotheek afging. Het maakte het geluid dat ze in Amerika ‘whoop’ noemen, en daarna klonk er een stem. ‘U moet het gebouw verlaten,’ zei de stem. Er ontstond een lacherige sfeer.

Dat heb ik vaker meegemaakt bij alarmsituaties. In de Bijenkorf, en ook in de studentenflat waar ik ooit woonde. Daar ging het alarm ook vaak af, en dan ging iedereen altijd lachen en treuzelen, zo van ‘eerst de vlammenzee zien, dan geloven’. Ik ben in dat soort situaties altijd de eerste die opstaat en wegloopt. Ik hoef die vlammenzee niet te zien.

Mensen schijnen vol zelfredzame oerinstincten te zitten, maar daar merk ik altijd weinig van als er een alarm afgaat. Misschien is de moderne mens het contact met die instincten verloren. Ik denk dat Ötzi bijvoorbeeld meteen was weg gesprint, als hij het alarm had gehoord. Misschien zouden mensen zich vaker moeten afvragen: ‘Wat zou Ötzi doen?’

Ik was al halverwege de trap toen de anderen zuchtend opstonden. Het was duidelijk dat ze het vervelend vonden dat ze hun La Place-broodje moesten opgeven om het vege lijf te redden.

Toen we iedereen eindelijk beneden was, zei de stem: ‘Het was vals alarm.’ Dat begrijp ik ook niet: dat mensen daar dan boos om worden. Wees blij dat je niet bent gestorven bij een grootscheeps bibliotheekbombardement!

Ik liep weer zeven verdiepingen naar boven, ging aan het tafeltje zitten dat ik in allerijl verlaten had, at rustig mijn broodje op en dronk mijn koffie. Ik wist zeker dat Ötzi dat ook gedaan zou hebben.

Aaf Brandt Corstius

Lees de columns van Aaf op nrcnext.nl/aaf

    • Aaf Brandt Corstius