Vuurbollen op het scheepsdek

Vandaag is het precies 125 jaar geleden dat de Indonesische vulkaan Krakatau tot eruptie kwam. Het is een kwestie van tijd voordat hij opnieuw totvolledige uitbarsting zal komen.

De vulkaan Anak Krakatau bij een kleine uitbarsting in november van het vorig jaar. Foto AP The Anak Krakatau (Child of Krakatau) volcano sends up powerful clouds of hot gasses, rocks, and lava as a fishing boat is moored offshore early Thursday Nov. 8, 2007, in the Sunda Straits between Java and Sumatra, Indonesia. Sending a boom echoing across the bay, the volcano known as the "Krakatau's Child" unleashes another eruption, but while impressive, the eruption was nothing compared to what took place in 1883 at this spot, when Anak Krakatau's predecessor blew apart in one of the most devastating eruption in recorded history.(AP Photo/Ed Wray) Associated Press

„Midden op de dag om half twaalf werden we ingesloten door een duisternis die bijna voelbaar was. Tegelijkertijd begon het modder, zand en ik weet niet wat nog meer te regenen. Om twaalf uur was de duisternis zo intens dat we op de tast over het dek moesten lopen.”

Het zijn woorden van kapitein Watson van het kleine vrachtschip de Charles Bal, opgetekend in Nature van 6 december 1883. Die voer, precies op het moment dat de Krakatau z’n gloeiende as kilometers hoog de lucht in blies, door de Straat van Soenda, de waterweg die Java van Sumatra scheidt. De Krakatau ontplofte op 27 augustus, nu precies 125 jaar geleden, en het uiteenspatten van de Indonesische vulkaan was te horen in Australië en Singapore. Het was het hardste geluid ooit op aarde gehoord.

Kapitein Watson beschrijft het als een waar pandemonium, „waarin de verblindende storm van zand en stenen en de intense duisternis alleen werd doorbroken door verschillende soorten bliksemlicht en een voortdurend gedonder”.

Toen het uren later licht werd en Watson de schade kon overzien constateerde hij: „Het schip ziet eruit alsof het vanaf de top tot de waterlijn onder een dikke laag cement zit.”

Een andere schipper, gezagvoerder Logan die met zijn tanker Berbice geladen met olie op dat moment ook in de Straat van Soenda voer, sloeg het koud om het hart toen hij „vuurbollen op het dek uiteen zag spatten”. De stuurman kreeg zware schokken te verduren door elektrische ontladingen, vertelde hij op 4 september 1883 aan het Algemeen Dagblad.

Al in mei had de 822 meter hoge Krakatau een eerste waarschuwing uitgezonden. „Onderaardse geluiden en rookwolken”, waren te zien en horen geweest, volgens het op last van de gouverneur-generaal van Nederlands-Indië door mijningenieur Rudolf Verbeek samengestelde rapport over de uitbarsting van de vulkaan. De mijningenieur die tijdens de explosie van de Krakatau op West-Java was en zelf de schokken en asregens meemaakte, had er een gedegen werkje van gemaakt. In het meer dan vijfhonderd pagina’s tellende rapport barst het van de cijferreeksen en formules.

Hoewel er ten gevolge van de eruptie slechts sprake was van een paar niet al te hevige aardbevingen, was dat op zee heel anders. De zee was „verscheidene malen in hevige beroering” en de „aardbevingsgolf” bereikte op het hoogtepunt een top „zo hoog als een klapperboom”, dat wil zeggen van bijna veertig meter boven normaal, aldus Verbeek.

Heel westelijk Java en het zuidelijk deel van Sumatra werden onder een dikke aslaag bedolven en wereldwijd zakte de temperatuur maandenlang enkele graden als gevolg van de asdeeltjes die in de hogere luchtlagen rond de aarde tolden en die de zonnestralen tegenhielden.

Van meer dan 150 kampongs aan de Straat van Soenda was weinig meer over na de laatste grote uitbarsting op maandagmorgen 27 augustus 1883 om een paar minuten over tien ’s morgens. Alles bij elkaar waren er 36.417 doden te betreuren volgens Verbeek, „bijna uitsluitend veroorzaakt door de geweldige overstromingen der zee”.

Een jaar later spoelden er nog lijken van de slachtoffers aan op de kust van Zuid-Afrika.

De Krakatau zelf, ooit een eiland van 9 bij 5 kilometer met een top van meer dan 800 meter, was na die laatste fatale klap niet veel meer dan een kale buitenrand en een paar stompjes met in het midden een groot gat. Hoewel de vurige berg zelf was vernietigd, was dat niet het einde van de vulkaan, zo bleek bijna een halve eeuw later.

Op 26 januari 1928 verscheen er boven de zeespiegel nieuw land: Anak Krakatau – de zoon van Krakatau was geboren. Eerst stak de zoon een paar meter boven de zeespiegel uit, maar zoals het een gezonde boreling betaamt, groeide en groeide hij. Inmiddels is het een heuse knul geworden van bijna 200 meter met twee kratermonden die zich tegenwoordig al regelmatig luidruchtig laten gelden met uitbarstingen van gas, as en lava.

Het is een kwestie van tijd voordat ook de zoon, gelijk zijn vader, definitief zal opstaan en zal veranderen in een vuurspuwend monster.

    • Willem Oosterbeek