Kremlin haalt af en toe de zeis door zijn achtertuin

Ineens blijkt Rusland weer een grootmacht die niet met zich laat sollen. Het Westen was even vergeten dat Moskou de Kaukasus traditioneel ziet als cruciaal voor zijn eigen veiligheid.

Bewoners van de zuid-Osseetse hoofdstad Tschinvali vierden gisteren feest nadat Rusland de Zuid-Osseetse onafhankelijkheid erkende. Moskou erkende ook Abchazië. Foto AFP Residents of Tskhinvali celebrate the recognition of South Ossetian independence by the Russian Federation on August 26, 2008. Russia on today formally recognised Georgian rebel regions of South Ossetia and Abkhazia as independent states in a startling new challenge to the West. AFP PHOTO / VIKTOR DRACHEV AFP

Met de erkenning van de onafhankelijkheid van Zuid-Ossetië en Abchazië heeft het Kremlin het Westen met verdubbelde kracht laten weten dat het niet meer over zich laat lopen. Zeker niet in de Kaukasus, die de achtertuin van Rusland is. Een vruchtbare achtertuin, waar ook het met eeuwige sneeuw bestoven prikkeldraad staat dat Rusland op zijn zuidflank tegen zijn potentiële vijanden beschermt. Dat de hoveniers van het Kremlin het onderhoud van die achtertuin van tijd tot tijd met gewette zeis verrichten, is dan ook niet zo vreemd. Het Westen was het door het uiteenvallen van de Sovjet-Unie en de interne crises van de opvolgingsstaten alleen even vergeten.

„Het was geen gemakkelijke keuze”, zei president Medvedev gisteren in een televisietoespraak over zijn besluit. „Maar alleen op die manier konden mensenlevens worden gered.” Die reddingspoging moet echter als bijzaak worden gezien. Want in de eerste plaats geldt een veel groter belang. „De Kaukasus is de kwetsbare, zachte onderbuik van Rusland”, zegt politicologe Nadia Arbatova van het Instituut voor Wereldeconomie en Internationale Betrekkingen. „Het gebied kan niet verdeeld worden in Noord en Zuid, in landen die wel of niet tot Rusland behoren.” De Kaukasus bestaat uit tal van subregio’s die van geopolitiek, economisch en strategisch belang zijn, zowel voor Rusland als voor de Verenigde Staten en de NAVO. „Iedere regionale gebeurtenis heeft een boemerangeffect op de belangen van die partijen.”

Nu Rusland zich opnieuw als een ongenaakbare reus op het internationale toneel manifesteert, is het Westen wakker geschud uit zijn droom van hegemoniale superioriteit. Rusland blijkt ineens weer een grootmacht die niet met zich laat sollen en bereid is ter verdediging van zijn belangen zijn politiek van soft power te verruilen voor de Realpolitik van ronkende tanks en politieke intimidatie.

De Verenigde Staten, die verwachtten dat Moskou in de crisis rond Zuid-Ossetië en Abchazië hoogstens even van zich af zouden bijten, hadden niet verwacht in de achtertuin van het Kremlin een dergelijke klap in hun gezicht te krijgen.

„Alles lijkt voorbestemd, als in een Griekse tragedie”, zegt Arbatova. „Rusland heeft het Westen almaar signalen gegeven over Kosovo en de oostwaartse NAVO-uitbreiding. Nu Saakasjvili een crisis heeft ontketend tussen Rusland en het Westen en in de landen van het GOS (Gemenebest van Onafhankelijke Staten) is het te laat.”

Vervolg Venetië: pagina 9

Ruslands zuidflank is kwetsbaar en instabiel

Het belang van de Kaukasus voor Rusland dateert niet van eergisteren, maar van het eind van de achttiende eeuw toen de Turken en Perzen een permanente bedreiging voor het uitdijende Russische keizerrijk vormden. Georgië was in die tijd een verzameling koninkrijkjes, die hun nationale identiteit ontleenden aan een mythe. In die mythe verdeelde God de wereld tussen de verschillende volkeren. Toen de Georgiërs aan de beurt waren misten ze hun kans, omdat ze in slaap waren gevallen na een drinkgelag. Eenmaal uit hun roes ontwaakt was alle grond vergeven, behalve dat deel van de wereld dat de Allerhoogste voor zichzelf had gereserveerd. Nadat ze zich bij God hadden verontschuldigd met het excuus dat hun dronkemansliederen lofzangen op hem waren, besloot Hij hun Zijn paradijs af te staan.

De beboste heuvels, besneeuwde bergtoppen, rivierdalen, boomgaarden en wijngaarden van Georgië brachten Russische schrijvers als Paustovski, Gribojedov, Poesjkin en Lermontov in vervoering. Zij die een minder poëtische aard hadden, zagen het gebied vooral als een begerenswaardige buit die met geweld veroverd moest worden. Na de Grieken kwamen de Perzen, na de Perzen de Turken. De overheersing door die laatste twee deed de inwoners de Georgische rijkjes aan het eind van de achttiende eeuw de bescherming van Rusland inroepen, dat het in 1801 annexeerde.

„Het historisch belang van de Kaukasus is voor Rusland enorm groot”, zegt Vladimir Zjarigin, plaatsvervangend directeur van het Instituut voor landen van het GOS. „De Kaukasusstaten hadden altijd een hechte band met Rusland, vanwege de dreiging van het Ottomaanse Rijk en de genocide op de Armeniërs. Met Turkije kunnen ze nu het goed vinden, maar dat kan veranderen. En dan zijn ze voor hun veiligheid weer aangewezen op Rusland.”

De Russische tsaren gebruikten Georgië als buffer tegen invallen van de Turken en Perzen. Maar tegelijkertijd vormde het gebied een welkome aanvulling op de rest van de Zwarte Zeekust die in Russische handen was. Want de Zwarte Zee is het water dat het zwak verdedigbare Zuiden van Rusland beschermt: de Krasnodar-regio en Oekraïne met hun vlakke land, van waaruit vijandelijke troepen snel Moskou kunnen bereiken.

De Zwarte Zee huisvest ook al eeuwen de enige niet dichtvriezende havens van Rusland, die toegang verschaffen tot het Middellandse Zeegebied. Zjarigin: „Het is belangrijk voor Rusland om een marinevloot in de Zwarte Zee te hebben, ook omdat het een rol in de Middellandse Zee wil spelen.”

In de twintigste eeuw nam het belang van de Kaukasus voor Rusland allerminst af. In de Eerste Wereldoorlog vormde het gebied het Russische front tegen de Turken. En Georgië mocht zich na de chaos van de Russische revolutie weliswaar tussen 1918 en 1921 tot een onafhankelijke democratie ontwikkelen, het machtsbelang van het Kremlin deed de bolsjewistische leiders na hun overwinning in de burgeroorlog anders beschikken. De Zuid-Kaukasus, die behalve uit Georgië ook uit Armenië en Azerbeidzjan bestond, werd in de daaropvolgende jaren met de knoet aan de heerschappij van Moskou onderworpen. Stalin, een Georgiër van geboorte, speelde daarbij samen met de chef van de veiligheidsdienst NKVD Beria een grote rol. Hun politiek was er een van verdeel, heers en terreur.

Bij het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991 vloog in Georgië de geest uit de fles, toen na het uitroepen van de Georgische onafhankelijkheid de provincies Abchazië en Zuid-Ossetië hun eigen vrijheidsstrijd begonnen. Zij werden gesteund door Rusland, dat zo veel mogelijk invloed in hun gebieden trachtte te behouden.

Eind jaren negentig bleek opnieuw waarom die invloed in de Kaukasus zo essentieel was. Toen in de Russische deelrepublieken Ingoesjetië, Dagestan en Tsjetsjenië een door islamitisch fundamentalisme aangewakkerd onafhankelijkheidsstreven opkwam, bleek Ruslands zuidflank opnieuw kwetsbaar.

Grote vraag is nu of dat onafhankelijkheidsstreven door de erkenning van Zuid-Ossetië en Abchazië nieuwe levenskracht krijgt ingeblazen. Onrust aan zijn zuidgrenzen kan Rusland zich niet veroorloven. Zjarigin: „Stabiliteit in de Kaukasus van het grootste belang voor Rusland. Het is onzin dat het imperialistische ambities zou hebben, want ons land heeft genoeg grondstoffen en territorium. Rusland wil alleen geen geschiet aan zijn grenzen. En natuurlijk wil het Kremlin in de landen van de Kaukasus loyale politici hebben. Maar ook een marionet kan op een gegeven moment onvoorspelbare dingen gaan doen.”

    • Michel Krielaars