Introvert rancuneus

De beurs van Moskou is in paniek. Nadat gistermiddag bekend was geworden dat president Medvedev „niet lichtzinnig” had besloten tot erkenning van Zuid-Ossetië en Abchazië, kelderden de koersen. Olieconcerns Loekoil en Rosneft verloren 5 procent, Norilsk Nikkel en Gazprom meer dan 7,5 procent en de monopolistische Spaarbank raakte bijna 10 procent kwijt. Sinds het begin van de oorlog zijn de koersen met 19 procent gedaald en de deviezenreserves van de staat met 16,4 miljard dollar teruggelopen. De centrale bank heeft nog altijd 581 miljard in kas. Maar het is voor het eerst in de 21ste eeuw dat deze pot niet meer groeit.

Oorlog voeren is niet gratis. Zelfs niet in het martiale en patriottische Rusland, waar het vrije kapitaal ook beter gedijt in vrede dan in oorlog en het bedrijfsleven, dat hoopte op een liberaler economisch beleid, eieren voor zijn geld kiest. Op de politieke leiding maakt dit echter geen indruk.

De beslissing om de soevereiniteit van de Georgische provincies per decreet te erkennen, was op zichzelf geen verrassing. Beide republiekjes worden sinds de ontmanteling van de Sovjet-Unie in 1991 overeind gehouden door Rusland: met roebels, paspoorten, ‘vredestroepen’ en toegeknepen ogen als het om criminele zaken gaat. Na de onafhankelijkheid in februari en erkenning van Kosovo door de meeste lidstaten van de NAVO heeft Moskou er steeds op gepreludeerd dat de westerse ‘dubbele moraal’ consequenties zou krijgen. Maar dat deze rancune nu gepaard gaat met oorlog is toch omineus.

Meer nog dan met de erkenning van het separatisme van Zuid-Ossetië en Abchazië liet Moskou dat maandag echt blijken. Eerst stelde premier Poetin die dag dat het lidmaatschap van de Wereldhandelsorganisatie geen prioriteit meer is, omdat Rusland hiervan wel de lasten draagt maar niet de lusten krijgt. Vervolgens zei president Medvedev dat de NAVO meer belang heeft bij Rusland dan omgekeerd. „Als het komt tot een complete breuk, gebeurt er niets ernstigs.”

Behalve verontwaardiging heeft de NAVO geen antwoord. Ze zit op de achterhand en kan alleen kaarten bijgooien.

Niet minder belangrijk is dat deze kardinale stappen van de tandem Medvedev/Poetin ook in Rusland zelf gevolgen zullen hebben. Mede dankzij de fatale hoogmoed van president Saakasjvili van Georgië, die dacht dat de eerste klap een daalder waard zou zijn en Bush wel te hulp zou schieten, heeft de ‘gewapende macht’ zijn positie nu substantieel versterkt. De ‘liberale technocraten’, die beseffen dat samenwerking met de WTO en het Westen onvermijdelijk is wegens de broodnodige investeringen in zowel de natuurlijke als de menselijke hulpbronnen van Rusland, zijn even uitgepraat.

Onder leiding van die eerste, geüniformeerde fractie lijkt Rusland zich nu naar binnen te keren. Zo’n autarkische politiek heeft het land in het verleden nooit sociale en op den duur ook nimmer economische voorspoed gebracht. Een introvert Rusland is daarom niet alleen voor het Westen een bedreiging maar uiteindelijk ook voor de Russen zelf.