Honduras wil ook bij Chávez’ club

De president van Honduras ziet zijn regio links kleuren.

Nu zoekt hij toenadering tot de anti-Amerikaanse Chávez.

Manuel Zelaya pakte de cantaloupe, sneed een flink stuk af, keek recht de camera van CNN in en nam een grote hap. „Het is heerlijk fruit. Er overkomt mij niks”, vertelde de president van Honduras vervolgens met volle mond aan de nieuwszender. Even daarvoor had hij afgegeven op de Amerikaanse voedselwaakhond FDA, omdat die een paar dagen eerder waarschuwde dat duizenden cantaloupe-meloenen uit zijn land mogelijk besmet waren met salmonella. Onterecht, volgens Zelaya: „Ik eet dit fruit, zonder enige angst.”

Opnieuw kreeg fruit zo een rol te spelen in de relatie tussen het Midden-Amerikaanse land en de Verenigde Staten. In de vorige eeuw leefde Honduras zo onder het juk van Amerikaanse plantagehouders, dat het als eerste land ooit het etiket ‘bananenrepubliek’ kreeg opgeplakt. Ook in de 21ste eeuw blijven de betrekkingen met de grote noorderbuur nauw.

Manuel Zeleya, een voormalig houtmagnaat die in 2006 gekozen werd als kandidaat van de centrum-rechtse Liberale Partij, neemt sinds enkele maanden echter steeds duidelijker afstand van Washington. Na zijn tv-demonstratie, afgelopen maart, ging hij bijvoorbeeld enthousiast in op het aanbod van Hugo Chávez, de socialistische en anti-Amerikaanse president van Venezuela, die zei alle meloenen te zullen opkopen.

Eerder dit jaar, na het eerste bezoek van Chávez aan zijn land, had Zelaya al aangekondigd lid te worden van Petrocaribe. Binnen dit regionaal samenwerkingsverband levert het olierijke Venezuela aan een dozijn landen en eilandstaatjes in en rond de Caraïbische Zee goedkope olie onder zeer gunstige betalingsvoorwaarden.

En afgelopen dinsdag tekende Zelaya voor toetreding tot een ander regionaal project van Chávez, de Alba, een anti-neoliberaal, ‘Bolivariaanse’ alternatief voor de pan-Amerikaanse vrijhandelszone die Washington nastreeft. Zelaya deed dit in zijn hoofdstad Tegucigalpa, in bijzijn van Chávez en de leiders uit drie andere grote Alba-landen, de presidenten Morales (Bolivia) en Ortega (uit buurland Nicaragua) en vicepresident Lage van Cuba. Allen geen vrienden van de VS.

Op de toenadering tot Chávez klonk de afgelopen weken daarom ook scherpe kritiek van ondernemers en rechtse politici, onder wie prominente leden van Zelaya’s eigen partij. Goedkeuring door het congres zal daarom lastig worden. Maar, meent Zelaya: „We zijn voldoende soeverein en daarom kunnen we de wereld vertellen dat Honduras aan geen enkele imperialist toestemming hoeft te vragen om lid te worden van de Alba.”