Taart van Titia

Voor een taartvorm van 22 cm150 gram patentbloemsnufje zout90 gram witte basterdsuiker + 5 eetlepels extra110 gram zachte roomboter + extra voor invetten1 eierdooier20 blauwe pruimen

Het recept van deze eenvoudig te maken pruimentaart is van de schoonmoeder van mijn koninklijke voorproever. De taart is heel eenvoudig te maken en het eindresultaat is erg lekker en fris. Gebruik die smalle, puntig toelopende paarsblauwe pruimen met stevig vruchtvlees en niet al te veel sap. Ze zijn vanaf half augustus verkrijgbaar bij de meeste Turkse en Marokkaanse winkels. Blijken ze onvindbaar, gebruik dan blauwe pruimen met stevig vruchtvlees en niet al te veel sap.

Bereiding: Vermeng voor het deeg de droge bestanddelen in een ruime kom en houd de extra basterdsuiker apart. Prak de boter erdoor en vervolgens de eierdooier. Voeg het deeg bijeen, wikkel het in plasticfolie en laat het op een koele plaats 1 uur (of langer) rusten.

Vet de taartvorm dun in met roomboter. Druk het deeg met de hand op een met bloem bestoven werkvlak uit tot een dikke plak, leg die op een met bloem bestoven stuk plasticfolie en rol het deeg verder uit tot een ronde lap van 3 mm dik. Til de folie aan twee hoeken op en trek die over zichzelf heen zodat de deegkant in de taartvorm kan worden gelegd. Druk het deeg goed tegen de wand en verwijder de folie; dicht eventuele scheurtjes in het deeg met een vinger. Sla verhangend deeg terug en druk het vast op de rand.

Snijd de pruimen over de lengte in kwarten van de pit af. Leg de smalle parten met de velzijde op het deeg dicht tegen elkaar aan in concentrische cirkels; bestrooi ze met 3 eetlepels basterdsuiker. Bak de taart op de op één na bovenste richel van de op 190 graden voorverwarmde oven gedurende 40-45 minuten, of tot het deeg goudbruin en gaar is.

Neem de taartvorm uit de oven en bestrooi de pruimen met de resterende basterdsuiker. Laat de taart afkoelen in de vorm zodat het deeg kan opharden.

FLORINE BOUCHER

Morgen: Tweemaal coquilles

    • Florine Boucher