Schrijnende toestanden door alimentatieregeling

De inning van partneralimentatie bij wanbetaling gaat nu ook tot het takenpakket van het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen (LBIO) behoren (NRC Handelsblad, 16 augustus). In Nederland bestaat er een recht op partneralimentatie als een partner redelijkerwijze niet in zijn eigen levensonderhoud kan voorzien. Huwelijken die tot vijf jaar geduurd hebben, geven recht op een gelijke periode alimentatie, huwelijken vanaf vijf jaar geven recht op twaalf jaar alimentatie. Alimentaties hebben zelden of nooit een aanvullend karakter, maar zijn meestal bedoeld om geheel in levensonderhoud te voorzien. De wijze waarop alimentaties worden vastgesteld, is echter onrechtvaardig. De alimentatieplichtige komt in een situatie terecht waarin het resterende inkomen karig is. De toegang tot de rechter wordt bemoeilijkt, omdat rechtsbijstand niet naar lasten wordt toegemeten, maar naar fiscaal jaarinkomen. Het gevolg is dat een alimentatieplichtige die niet in aanmerking komt voor rechtsbijstand en te weinig inkomen heeft, zich geen advocaat kan permitteren om een alimentatiemutatie te vragen. De kosten van advocaten leiden tot schrijnende toestanden. De daardoor ontstane schulden worden bij alimentatieberekeningen door rechters niet meegenomen, om te voorkomen dat schulden in het algemeen als argument voor alimentatieverlaging worden aangevoerd. Alimentatiegerechtigden worden verder niet gestimuleerd om aan het werk te gaan, ofschoon er een inspanningsverplichting bestaat. Programma`s die tot werk moeten leiden zijn afgesloten voor alimentatiegerechtigden. Zo blijft het laatste stukje slavernij in Nederland in stand.

    • Daan Speetjens `S-Hertogenbosch