Diplomaloze stap naar mbo versterkt uitval

De mogelijkheid voor leerlingen om zonder vmbo-diploma naar het mbo over te gaan, werkt schooluitval in de hand. Deze ‘drempelloze doorstroom’ schuift problemen als taalachterstand door naar het mbo.

Dat concludeert het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) in het rapport Gestruikeld voor de start. De school verlaten zonder startkwalificatie, dat vanmiddag is aangeboden aan staatssecretaris Van Bijsterveldt (Onderwijs, CDA).

In het schooljaar 2005/2006 verlieten 18.000 middelbare scholieren en 35.000 mbo’ers het onderwijs zonder een zogenoemde ‘startkwalificatie’ voor de arbeidsmarkt (zie inzet). Het aantal voortijdig schoolverlaters in het voortgezet onderwijs is relatief laag doordat ruim de helft van alle leerlingen in de vierde klas van het vmbo die geen diploma hebben gehaald, overstapt naar het mbo.

Op het mbo lopen de leerlingen zonder vmbo-diploma een relatief grote kans op uitval. Zij vormen ruim eenderde van de 35.000 mbo-uitvallers.

Het SCP ziet een oorzaak voor deze uitval in het gebrek aan lees- en rekenvaardigheden bij een deel van de vmbo-leerlingen. De „problemen en risico’s” die dit met zich meebrengt, worden „doorgeschoven” naar het mbo. „Dit zet zowel het rendement als het niveau van het mbo onder druk.”

Om dat tegen te gaan, beveelt het SCP aan achterstanden eerder bij te spijkeren, „te beginnen in het basisonderwijs en daarna in het vmbo”. Dat moet de „voorbereidende functie” van het vmbo versterken.

Met dit pleidooi sluit het SCP aan bij de commissie-Meijerink, die eerder dit jaar bepleitte dat leerlingen op alle niveaus van het onderwijs meer moeten oefenen op basisvaardigheden. Van Bijsterveldt trok al 115 miljoen euro uit voor onderwijs in rekenen en taal.

De daling van het aantal voortijdig schoolverlaters stagneert, concludeert het SCP. Volgens EU-afspraken mag Nederland in 2012 nog maximaal 35.000 uitvallers tellen. Sinds 2000 daalt het aantal uitvallers, maar volgens het SCP niet snel genoeg. Zo waren er in 2005/2006 maar 1.000 uitvallers minder dan in het jaar ervoor.

De staatssecretaris laat weten dat het SCP nog niet de beoogde effecten heeft meegewogen van maatregelen die haar departement neemt om de uitval te bestrijden, zoals afspraken met gemeenten en scholen, de invoering van de kwalificatieplicht tot achttien jaar en investeringen in de verzuimaanpak. Van Bijsterveldt: „Een aantal effecten van het ingezette beleid wordt vanaf 2009 écht zichtbaar.”