Als er échte mensen zijn

Tussen logica en lyriek ontstaan in de poëzie van Miroslav Holub, de uit voormalig Tsjechoslowakije komende en door velen beschouwd als een van de grote internationale dichters van de laatste eeuw, verbluffende beelden, schrijft Guus Middag. Ze zijn nu gebundeld in De geboorte van Sisyphus (Bezige Bij, €34,90). ‘ Holub was behalve dichter ook een gewaardeerd immunoloog. Hij keek graag met een wetenschappelijke blik naar de wereld, en vanuit verschillende perspectieven. Bij zulk soort afstandelijkheid hoort droge waarneming en droge humor. Als het gaat over Lucy, een Australopithecus afarensis, de voorloper van de mens, die drie miljoen jaar geleden leefde, wil Holub zich graag voorstellen hoe er over drie miljoen jaar op ons neergekeken wordt: „Misschien vinden ze ons, / als er échte mensen zijn.” Uit dat toekomstperspectief zijn wij natuurlijk alleen nog maar slecht ontwikkelde voorlopers. Als het alleen maar om dit soort gedachte-experimenten zou gaan, zou je Holub ook wel een columnist, of essayist, of prozaschrijver kunnen noemen. Maar daarvoor zit er toch te veel dichterlijkheid in zijn aanpak, en is er te veel afwisseling van logica en lyriek.’