Via Denver naar Washington is de inzet van de conventie

De Democraten houden deze week hun conventie. Vier dagen kunnen bepalen of Obama president wordt.

Vandaag gaat het al meteen over de Amerikaanse waarden.

Het behoort tot de rituelen van de Democratische conventie: elke vier jaar klagen kenners dat de bijeenkomst zijn authenticiteit heeft verloren.

„De conventie is te koop”, zei in 1996 een regionale politicus die later een nationale figuur werd. „Je hebt diners waarvoor je 10.000 dollar per couvert moet betalen. Als de gemiddelde kiezer dat ziet, voelt hij zich buitengesloten – en terecht.”

Die politicus was Barack Obama, destijds verwikkeld in een campagne om senator in Illinois te worden. Tien jaar later, in zijn bestseller The Audacity of Hope (2006), was zijn opvatting niet veranderd: „De conventies zijn beroofd van elke verrassing. (…) Ze dienen alleen nog als een infomercial voor de partij en haar kandidaat.”

Ook deze week zal de scheidslijn tussen politiek en reclame lastig te trekken zijn. Vandaag begint een voorprogramma van vier dagen waarin naar hét moment van de week wordt toegewerkt: Obama die donderdagavond (nacht in Nederland), in een sportstadion met 76.000 fans, en voor het grootste televisiepubliek dat hij ooit heeft getrokken, de kans krijgt zichzelf naar een voorsprong in de opiniepeilingen te praten.

The Bounce heet dat hier, en eigenlijk draait daar de hele week om. Bill Clinton, de laatste Democraat die het presidentschap veroverde, vestigde in 1992 een record: hij steeg na de conventie zestien procentpunt in de peilingen. John Kerry liet vier jaar geleden zien hoe het niet moet: hij viel Bush nauwelijks aan en daalde één procentpunt.

De paradox is nu dat dezelfde Bill Clinton en echtgenote Hillary mede zullen bepalen hoe groot Obama’s Bounce wordt. De keuze van Joe Biden als running mate – en dus de afwijzing van Hillary voor de functie – heeft een niet te onderschatten bijeffect: voor het eerst in zestien jaar hebben zij geen leidinggevende rol in hun partij meer. En één van de onzekere factoren is of ze deze week ondubbelzinnig de man kunnen steunen door wie ze zojuist van hun sokkel gestoten zijn.

1MAANDAG: GEWONE JONGEN

Vandaag concentreert de conventie zich op de branding van Obama. Amerikanen vinden nog altijd dat ze te weinig weten van de man. Vooral laaggeschoolde blanke mannen en ouderen betwijfelen of hij hun Amerikaanse „waarden” wel deelt.

De speculatie is daarom dat Toot naar Denver komt. Zij is de 84-jarige grootmoeder van Obama, die hem voor een deel opvoedde. Toot is van oorsprong een Republikeinse uit het oerconservatieve Kansas, waar het leven draait om God, vaderlandsliefde en hard werken. Een beter bewijs van Obama’s band met het heartland is niet te leveren, vandaar dat insiders hopen dat zij vandaag een onverwachte rol speelt. Complicatie is dat zij haar woonplaats op Hawaï al jaren niet meer heeft verlaten, omdat ze zou lijden aan vliegangst.

Vaststaat dat Michelle Obama de branding van haar echtgenoot als gewone jongen zal leiden: een sobere man, allerminst een celebrity, liefhebber van All American pancakes bij het ontbijt. Haar broer Craig Robinson, succesvol als basketbalcoach, zal de campagne ondersteunen. Ook treedt Jerry Kellman voor het eerst voor een groot publiek op – de man die Obama in 1984 inhuurde als opbouwwerker in een achterbuurt van Chicago, en daarmee de basis onder zijn politieke loopbaan legde.

2DINSDAG: WORKING CLASS HERO

Dinsdag is de eerste dag met risico’s. Het moet die dag draaien om Mark Warner, die als ondernemer een fortuin maakte in de mobiele telefonie en daarna gouverneur werd in het Republikeinse Virginia. Obama ziet Virginia als beste kans om, geholpen door de zwalkende economie, de klassieke verdeling tussen Democratische en Republikeinse staten te doorbreken. En Warner wordt gezien als de meest geschikte figuur om Obama aan de werkende klasse voor te stellen.

Het risico schuilt in Hillary Clinton, die de conventie dezelfde avond toespreekt en tijdens de voorverkiezingen de ware working class hero van de partij was. Een deel van haar ontevreden aanhangers is in Denver. En haar broer, Tony Rodham, gaf vorige week een onheilspellend signaal af door een vergadering met een topadviseur van John McCain bij te wonen.

Het krijgt weinig aandacht – maar de Democraten stellen deze week ook een globaal beleidsprogramma vast: 51 pagina’s plannen die een idee geven van de richting waarin het land onder Obama zou gaan.

Clinton werd in 1992 gekozen omdat hij zich als ‘New Democrat’ afzette tegen de progressieve vleugel van zijn partij. Obama komt in de meeste gevallen links van Clinton uit. Zijn afwijzing van de oorlog in Irak typeert hem het beste – dat was de opvatting van de progressieve vleugel van de partij. Maar ook zijn economische politiek – rem op vrijhandel, hogere belastingen, herstel rechten vakbonden – zou een ruk naar links zijn.

Op andere gebieden is hij weer gematigd. Hij baseert milieubeleid op het marktmechanisme (handel in emissierechten) en steunt Bush’ initiatief sociaal beleid te laten uitvoeren door kerken. Op dat gebied is Obama beïnvloed door twee ex-collega’s van de universiteit van Chicago, Richard Thaler en Cass Sunstein, die in het boek Nudge: Improving Decisions About Health, Wealth and Happiness uiteenzetten dat de overheid de beste resultaten boekt als zij burgers geen plichten oplegt, maar eigen keuzes laat maken. Mede om die reden wil Obama niet opleggen dat Amerikanen zich tegen ziektekosten verzekeren, maar het slechts duurder voor hen maken wanneer ze het nalaten.

3WOENSDAG: DE RUNNING MATE

Woensdag belegt Hillary ’s middags een receptie met haar afgevaardigden, wat partijbonzen ongerust maakt. ’s Avonds spreekt Bill – elk woord zal op een weegschaal gelegd worden. Kan hij nu wel zeggen dat Obama geschikt is als president? En een betere bevelhebber dan McCain? Als hij maar de minste twijfel laat bestaan, zal dat hét verhaal van de dag zijn.

Maar officieel is het de dag van Biden. De running mate presenteert zich in een passende setting: een programma over nationale veiligheid en buitenlandse politiek. Biden zal er alles aan doen het aanzien van McCain als opperbevelhebber te ondermijnen. Op dit moment schat het publiek hem op dat gebied hoger in dan Obama. Aan Biden de taak McCain zo agressief mogelijk aan te pakken.

4DONDERDAG: DE SPEECH

Dan volgt het klapstuk: Obama die donderdagavond het Invesco stadion in Denver betreedt, op weg naar zijn Bounce. Een met symboliek overladen moment: het overvolle stadion staat voor het enthousiasme dat Obama onder zijn (jonge) aanhangers genereert.

De stad staat voor het politieke landschap dat Obama hoopt te veranderen: Denver is de hoofdstad van Colorado, na Virginia een tweede Republikeinse staat die de Democraten dit jaar denken te winnen. En de datum staat voor de zwarte emancipatie die Obama hoopt te volbrengen – het is donderdag exact 45 jaar geleden dat Martin Luther King zijn fameuze toespraak hield („I have a dream”), waarin hij de hoop uitsprak dat blank en zwart in de VS ooit in harmonie samen zouden leven.

De campagne van McCain voorspelde afgelopen weekeinde dat de setting goed zal zijn voor een Bounce van minimaal vijftien procentpunt – uiteraard in de hoop dat de werkelijkheid ver bij de verwachtingen achter zal blijven.

Volg het verloop van de conventie op nrcnext.nl/race08

    • Tom-Jan Meeus