Scheiding kerk en staat

In het ‘breaking news’ van CNN van afgelopen zaterdag over de voordracht van Joe Biden, was zijn geloof de op twee na belangrijkste kwalificatie. Na de vaststelling dat hij een 65-jarige senator uit Delaware was en voorzitter van de commissie voor Buitenlandse zaken, verscheen in beeld dat de kandidaat vicepresident ook nog eens katholiek is. Alsof die informatie de normaalste zaak van de wereld is.

Zijn kerk en staat in de Verenigde Staten dan niet gescheiden? Nee. Al is het tot nu toe ondenkbaar dat er een president wordt gekozen die géén christen is. En al was het sinds de onafhankelijkheidsverklaring in 1776 bijna altijd ondenkbaar dat het land zou worden geregeerd door een president die géén protestantse kerkdenominatie aanhing. John F. Kennedy was tussen 1960 en 1963 de eerste en laatste roomse bewoner van het Witte Huis, hoewel bijna een kwart van de bevolking dat ook zegt te zijn. Die onevenwichtigheid is een van de redenen dat Obama een katholiek als ‘running mate’ heeft aangezocht.

Toch is er verwarring. Menigeen denkt dat de scheiding van kerk en staat betekent dat religie zich verre van de maatschappij houdt. Maar in het verleden is er vaak voor precies het omgekeerde gevochten. Tijdens de ‘Investituurstrijd’ in de elfde eeuw probeerden de geestelijkheid zich te ontdoen van de wereldlijke macht. Ze wonnen uiteindelijk met de gang van keizer Hendrik IV naar Canossa in 1077. In de zeventiende eeuw verzetten ‘oud gelovigen’ in Rusland zich tegen de politiek gemotiveerde kerkhervorming van tsaar Aleksej. Ze verloren met het ‘schisma’ van 1653.

Pas sinds de Franse revolutie wordt met de scheiding van kerk en staat bedoeld dat het geloof een privé-aangelegenheid is waarmee de seculiere staat niets te maken heeft en ook niet lastig gevallen moet worden. Desondanks zijn er staten die zich beroepen op hun seculiere karakter, waar de scheiding van kerk en staat juist niet bestaat. Zoals Turkije, een land waar hoofddoekjes op de universiteit zijn verboden maar waar geen imam kan worden benoemd zonder de Diyanet Isleri Baskanligi , het presidium van religieuze zaken van dezelfde seculiere staat.

In de VS is zo’n overheidsdienst ondenkbaar. In de VS zijn kerk en staat pas echt gescheiden.

    • Hubert Smeets