Anwar wil terug in hart van de politiek

De Maleisische oppositieleider Anwar probeert morgen met een naverkiezing alsnog in het parlement te komen. Voor de regerende coalitie is hij een groter gevaar dan ooit.

„Waarom laat je dat meisje zomaar in je auto stappen?” roept een vrouw in kampung Pertama tegen de Maleisische oppositieleider Anwar Ibrahim. Hij heeft net een korte verkiezingsrede gegeven in Permatang Pauh, waar morgen verkiezingen zijn. „Dit is een journalist uit Nederland die me gaat interviewen, dus zoek er niets achter”, antwoordt Anwar zijn aanhangers. „Maar ja, morgen zal inderdaad wel in de krantenkoppen staan: Anwar gaat er vandoor met een Nederlandse vrouw.”

Het was een grapje met een serieuze ondertoon. „Het was aardig van haar om me te waarschuwen”, zegt Anwar. „De mensen hier zijn me goedgezind. De problemen komen van buitenaf. De regerende partij probeert ons kapot te maken.” De tegenpartij in Permatang Pauh probeert Anwar neer te zetten als promiscue, westers en onislamitisch. Een reëel risico, dus na anderhalve vraag wordt de vrouwelijke journalist weer de auto uitgegooid. Anwar: „Sorry, maar er is hier een imam die het geen goed idee vindt als je meerijdt.”

Het is exemplarisch voor de campagne in Permatang Pauh, een gebied met bijna 60.000 kiezers op het vasteland van de staat Penang. Het hele land kijkt naar deze regio, waar Anwar morgen strijdt om een zetel in het Maleisische parlement. Als hij wint, wat zeer waarschijnlijk is, keert de oppositieleider na ruim tien jaar terug in het hart van de politiek.

De regerende coalitie Barisan Nasional (BN) probeert dat uit alle macht te voorkomen. In haar campagne krijgt de eigen kandidaat nauwelijks aandacht, het gaat allemaal over Anwar. Een centraal thema is de kwestie rond Saiful: Anwar werd in juli gearresteerd omdat hij deze 23-jarige, mannelijke assistent zou hebben verkracht. Het is de tweede keer dat Anwar terecht moet staan voor sodomie: in 1999 kostte een eerdere beschuldiging hem zijn baan in de regering en belandde hij in de gevangenis. Medewerkers van BN verspreiden campagnemateriaal met Saiful die op de Koran zweert dat hij de waarheid spreekt. Eronder staat: „Saiful doet de eed, wanneer gaat Anwar dat doen?” Andere Maleisische vrouwen in kampung Pertama verspreiden folders met een foto waar Anwar op staat met een politicus van de Chinese minderheid: „Gefeliciteerd Anwar, verrader van je eigen ras! Gefeliciteerd dat de Maleiers in Penang nu moeten bedelen bij de Chinese leiders om niet opzij te worden geschoven.” En, in een andere folder: „Als jullie Anwar kiezen, nemen jullie het risico dat Maleisië weer onder de invloed van andere landen komt.”

Het kamp-Anwar doet bijna even hard mee met moddergooien. De oppositieleider doorspekte een van zijn toespraken met grappen over vicepremier Najib Razak, die verwikkeld is in een zaak rond een vermoorde vertaalster uit Mongolië. En in een interview met website islamonline.net beschuldigt Anwar de regering van het „steunen van Israël”.

Voor Barisan Nasional is Anwar een grotere bedreiging dan ooit, nadat diens alliantie bij de verkiezingen in maart een recordaantal zetels had gewonnen. „Dat was voor iedereen een verrassing, zelfs voor de kiezers zelf”, zegt blogger Steven Gan, hoofdredacteur van de invloedrijke nieuwssite Malaysiakini.com. „Allerlei factoren kwamen op hetzelfde moment samen.” Ten eerste de ontevredenheid met premier Abdullah Badawi. Kiezers vinden dat hij beloftes heeft gebroken en geven hem de schuld dat hun land economisch steeds verder achteropraakt bij landen als Singapore en Zuid-Korea.

Verder werd vorig jaar de Indiase kiezer wakker geschud door de oprichting van de Hindu Rights Action Force (Hindraf) die zich inzet voor ‘gelijke rechten’ voor de Indiase minderheid. Want sinds de onafhankelijkheid heeft de Maleise meerderheid in het land een voorkeurspositie ten opzichte van de Chinese en Indiase minderheden, die in de wet is vastgelegd. Zo is het grootste deel van de plaatsen op universiteiten gereserveerd voor Maleiers, net als overheidscontracten en bepaalde vergunningen. Terwijl Indiërs traditioneel kozen voor de Indiase partij MIC binnen de Barisan Nasional-coalitie, heeft de Hindraf hen massaal doen overstappen naar de oppositie, die ‘eenheid tussen de rassen’ als speerpunt heeft.

Overigens is het niet Anwars bedoeling om het voorkeursbeleid omver te werpen. „De Chinezen moeten begrijpen dat we de rechten van de arme Maleiers zullen blijven beschermen”, zegt Anwar in de auto. „Maar dat willen we doen zonder te discrimineren.”

Anwar zelf is volgens blogger Steven Gan de derde reden dat de alliantie Pakatan Rakyat zo sterk kon worden. „Mensen zagen de oppositie altijd als oppositie, niet als een alternatief voor de regering. Maar Anwar laat nu zien dat de Pakatan Rakyat klaar is om te regeren en dat hij premier kan worden.” Toen hij in 2004 in de cel zat, was de oppositie nergens. Ze viel uit elkaar omdat de seculiere, door Chinezen gedomineerde DAP-partij niet meer wilde samenwerken met de PAS, die toen voor een islamitische staat streed. Beide partijen hebben sindsdien hun doelstellingen afgezwakt. Anwar: „De kwestie van de islamitische staat is geen kwestie meer.”

Als het aantal kiezers dat voor beide kampen op de been komt een goede indicator is, zou Anwar zijn parlementszetel makkelijk binnenhalen. De activiteiten van BN trekken nauwelijks mensen. Anwar daarentegen sprak zaterdagavond, gekleed in goudkleurige cape, zeker duizend aanhangers toe. Toch is de Pakatan Rakyat onzeker. „Logisch gezien zou Anwar deze zetel makkelijk moeten winnen”, zegt Mustaffa Kamil Ayub, vicepresident van Anwars partij PKR. „Maar met die politieke spelletjes van BN weet je het niet. Omdat ze wanhopig zijn, proberen ze het maar op deze smerige manier.”

Het weblog van Elske Schouten is te lezen via nrc.nl/jakarta

    • Elske Schouten