Zelfs miljardair Buffet bezorgd over schuldenberg

De VS hebben een enorme staatsschuld en het grootste handelstekort ter wereld. Maar geen Amerikaan die daar wakker van ligt. Een nieuwe documentaire poogt dat te veranderen.

Dollarbiljetten

De Amerikaanse investeerder Warren Buffett (77), met een geschat vermogen van 62 miljard dollar ’s werelds rijkste man, probeert al het doemdenken over economische zware tijden wat te verlichten. „Ik koop alleen maar aandelen in bedrijven die zo simpel zijn dat ze door een idioot bestuurd kunnen worden”, zegt hij. „Vroeger of later gebeurt dat dan ook.” Gegniffel uit de zaal. Buffett neemt daarop zijn tijd, wacht nog even. Dan wordt het stil en gaat hij voor de bulderlach uit tweeduizend kelen: „En voor ons land geldt eigenlijk hetzelfde.”

Buffetts blijmoedigheid over Amerika’s financiële staat was de uitzondering, eerder deze week in de schouwburg van zijn woonplaats Omaha in Nebraska. Het was vooral, zoals een van de panelleden het samenvatte, „doom and gloom”, kommer en kwel. De kern van de avond was de première van de documentairefilm I.O.U.S.A.. Onderwerp: de Amerikaanse nationale schuld. Na de film kwamen enkele in de film opduikende sprekers op het toneel om vragen uit het publiek te beantwoorden.

Zowel film als discussie achteraf werd per satelliet uitgezonden in 358 bioscoopzalen in heel de VS, waar bezoekers live konden meekijken. Het maakt deel uit van de campagne die Buffetts mede-miljardair-op-leeftijd Peter Peterson (84), minister van Handel onder Nixon en oprichter van private-equityfonds Blackstone, op dit moment voert om de nationale schuld tot een verkiezingsthema te maken. Peterson heeft er een naar zichzelf genoemde stichting voor opgericht, waar hij 1 miljard dollar in stak.

‘I.O.U.’ staat voor ‘I owe you’, ik ben je verschuldigd, de afkorting die in de financiële wereld gebruikt wordt voor een openstaande schuld. Die Amerikaanse schuld bedraagt op dit moment 9.600 miljard dollar – ongeveer tweederde van de totale omvang van de Amerikaanse economie. De filmmakers stellen echter dat dit bedrag slechts een fractie van het probleem is. Want reken reeds gedane toezeggingen zoals ziektekosten-, oudedagsvoorzieningen en overheidspensioenen mee, en het totaal komt uit op 53.000 miljard dollar. Dat is 175.000 dollar per Amerikaan, inclusief kinderen en bejaarden. Ter indicatie: met het huidige gemiddelde jaarinkomen moet elke Amerikaan bijna vier jaarinkomens afstaan om dat persoonlijke deel van de staatschuld af te betalen.

De grote getallen komen bedreigend over, maar hoe erg is erg?

David Walker, tot voor kort Amerika’s opperboekhouder en voorzitter van de Amerikaanse Rekenkamer: „We hebben een fiscale kanker die in ons groeit.” Pete Peterson: „Het is economisch riskant dat we zoveel schuld hebben en dat andere landen deze op zich nemen. Ik ken mijn geschiedenis. Anderen vergaren zo gigantische politieke macht en we zouden ze niet moeten vertrouwen.”

Warren Buffett (de anderen hebben een kan water naast zich staan, hij een kan cola) veroorlooft zich opnieuw een afwijkend en minder negatief ingesteld antwoord. „Ik zie het nog niet als buitengewoon alarmerend, maar de groei moet niet doorzetten. Op termijn zou dat politiek gezien tot instabiliteit kunnen leiden. Er zouden wat demagogen kunnen opkomen.”

De film kan „net zo belangrijk voor de economie worden als Al Gore’s film voor het milieu was”, speculeren persbureau Reuters en zakentijdschrift The Economist. Toen regisseur Patrick Creadon voorstelde de film te maken, verklaarde zijn filmstudio (die faam verwierf met de fastfooddocumentaire Super Size Me) hem letterlijk „krankzinnig”. Het ging immers wel over macro-economie – „niet echt sexy of vol gekkigheid” – in de bioscoopzaal. Creadon vond het echter „een fantastisch verhaal”, ook al „had ik geen ijsberen op ijsschotsen om het te illustreren”.

De oplossing: veel drukkerijen van geldbiljetten in beeld, en dollarmunten die taartgrafieken blijken tegen een achtergrond van dreigende muziek. Aan de reactie in de zaal te zien werkt het. Op het moment dat de documentaire een lijst met landen over het beeld laat lopen, en Amerika een groter handelstekort dan wie dan ook blijkt te hebben – zonder bijvoorbeeld relativerend te melden dat er geen grotere economie dan de Amerikaanse is – slaat een dame in de schouwburg haar hand voor de mond. „Jeeeez.” Dat wist ze niet.

Ze is niet de enige. De film zit vol korte montages waarin jongeren vragen krijgen als ‘hoe groot is het tekort’ (ze hebben geen idee), ‘hoeveel spaar je zelf’ (zo goed als niks) en ‘hoe werkt dat eigenlijk, als de Amerikaanse overheid van andere landen geld wil lenen?’ („ik had de indruk dat alle anderen juist van óns leenden”).

Er is consensus dat de schuld veroorzaakt is door roekeloze uitgaven door politieke machthebbers – zo voerde president Bush een kostbare oorlog in Irak, maar verlaagde hij tegelijkertijd de belastingen.

Wat nu te doen? Film en panelleden verstrekken praktische tips. Geef niet meer uit dan je hebt. Spaar. En stem op politici die het probleem durven aan te pakken. Belastingen moeten worden verhoogd, in overheidsuitgaven moet worden gesneden en het sociale zekerheidsstelsel moet worden hervormd.

Mocht dat alles niet defaitistisch genoeg zijn overgekomen, de aftiteling eindigt met een feitelijke mededeling: „Tijdens deze film is de nationale schuld met 85 miljoen dollar gegroeid.”

    • Freek Staps