Platitudes Bussemaker tijdens Indiëherdenking

Mijn moeder en mijn grootouders hebben de Tweede Wereldoorlog doorgebracht in een jappenkamp dat zij maar ternauwernood hebben overleefd. Bij de jaarlijkse Indiëherdenking op 15 augustus (NRC Handelsblad, 16 augustus) heeft staatssecretaris Jet Bussemaker de overlevenden en nabestaanden namens de regering toegesproken: ”We moeten naar de toekomst durven kijken. Niet alleen, maar met elkaar. Ook met de daders. Dan kunnen we de oorlog een plaats geven en dan kan iedereen er de noodzakelijke lering uit trekken.” Deze woorden hebben mij zeer getroffen. Ik word namelijk niet dagelijks beledigd met zulke goedkope teksten. Tot op de dag van vandaag weigert de Japanse regering de slachtoffers van haar oorlogsmisdaden een schadevergoeding te betalen. Zelfs voor de materiële schade die zij hebben geleden. Alleen als het echt niet anders kan, wordt met de grootst mogelijke tegenzin een halfhartige spijtbetuiging uitgesproken. En plichtmatig gebogen natuurlijk. De Nederlandse regering is niet veel beter. In 1951 heeft zij in het verdrag van San Francisco de rechten van haar eigen oorlogsgetroffenen verkwanseld en sindsdien bedrijft zij jegens hen louter symboolpolitiek. De platitudes van Bussemaker hadden het niet beter kunnen illustreren.