Niet alleen VS gebruiken wapens als drukmiddel

Terwijl de meeste gezaghebbende historici de revisionistische geschiedschrijving over de Koude Oorlog uit de jaren 60 en 70 allang ter zijde hebben geschoven wegens de onwetenschappelijke eenzijdigheid, trakteert Rob Gallenkamp de lezer in zijn artikel `Met de bom konden de VS hun gang gaan` (Opiniepagina, 7 augustus) op een onvervalst staaltje van deze achterhaalde vooringenomenheid. Al lezend zou men bijna medelijden krijgen met de asmogendheden die tijdens WOII moeten buigen voor een na te streven `door de Verenigde Staten gedomineerde invloedssfeer`. Die oorlog werd gevoerd, maar wel primair vanuit geheel andere achtergronden. Dat de Sovjet-Unie zich gedurende de eerste naoorlogse jaren weinig bemoeide met de Derde Wereld had meer te maken met de inzichten van Stalin dan met de atoombom. Tijdens de Suezcrisis van 1956 werd inderdaad met de inzet van atoomwapens gedreigd: tegen Engeland door de Russische leider Boelganin en niet door de Amerikanen. Die gebruikten nu juist een economisch wapen om de Britse regering op de knieën te dwingen, namelijk het op de geldmarkt brengen van vele ponden sterling om de koers van deze munt onder druk te zetten, en het weigeren van een lening aan de Engelse regering.

Dat ook atoommogendheden (dus niet alleen de VS) hun wapenarsenaal als politiek drukmiddel plegen te gebruiken, is een waarheid die nu eenmaal geldt voor grootmachten van alle tijden.

Of de atoombom het uitbreken van een nieuwe wereldoorlog heeft verhinderd, is inderdaad moeilijk te bewijzen (hoewel er sterke aanwijzingen voor zijn), maar dat geldt nog sterker voor de bewering van Gallenkamp aan het einde van zijn artikel over de miljoenen slachtoffers, die het indirect gevolg zouden zijn van het bezit van de atomaire `paraplu waaronder Washington vrij kon interveniëren in ontwikkelingslanden`.

    • Drs. Marinus van Santen