IJsbal van km draait rond de zon in jaar 50 22.500

Links: Hemellichaam 2006 sq372 (blauw) draait in de ruimste baan rond de zon. Ook getekend is de vorige recordhouder Sedna (rood). Rechts: situatie nabij de zon, met de Plutobaan in groen (foto). illustratie Nathan Kaib Kaib, Nathan

Het hemellichaam in een baan om de zon dat zich het verst van de zon verwijdert, is een ijsbal van 50 tot 100 kilometer diameter. Voor één omloop rond de zon heeft hij 22.500 jaar nodig. Dat maakten astronomen van de universiteit van Washington eind vorige week bekend tijdens een symposium in Chicago. De baan van de ijsbal is zo langgerekt dat hij periodiek op een afstand van 240 miljard kilometer van de zon af staat. Dat is veertig maal verder dan Pluto. De twee vorige recordhouders, waaronder Sedna, kwamen ‘slechts’ tot zo’n 150 miljard kilometer.

De ijsbal, die het catalogusnummer 2006 SQ372 draagt, staat nu het dichtst bij de zon, tussen de baan van Uranus en Neptunus. Dus nog steeds ver weg. Hij werd ontdekt op opnamen die in oktober 2006 zijn gemaakt in het kader van de Sloan Digital Sky Survey: een gedetailleerde fotografische inventarisatie van een deel van de noordelijke hemel. Daarna werd hij ook gesignaleerd op eerder gemaakte opnamen en in combinatie met weer latere waarnemingen kon een baan worden berekend.

De herkomst van de nieuwe recordhouder is vooralsnog onduidelijk. De ijsbal zou – net als bijvoorbeeld Pluto en vele andere ijswerelden aan de grens van het planetenstelsel – ontstaan kunnen zijn in het koude materiaal dat na de vorming van de planeten achterbleef. Hij draaide toen in een min of meer cirkelvormige baan rond de zon, maar een ontmoeting met Neptunus of Uranus zou er op een bepaald moment voor gezorgd kunnen hebben dat de ijsbal in zijn langgerekte baan werd geslingerd.

Andrew Becker en Nathan Kaib, de ontdekkers, opperen dat als mogelijkheid, maar ze vinden het waarschijnlijker dat de ijsbal uit de Oortwolk is gekomen: de reusachtige ‘wolk’ van komeetkernen die de zon op nog grotere afstanden omringt. Af en toe wordt de baan van zo’n object door bijvoorbeeld een naburige ster zodanig verstoord dat het dichter bij de zon kan komen. Dat zou ook met 2006 SQ373 kunnen zijn gebeurd, hoewel die de zon nooit dicht genoeg zal naderen om zich – door opwarming en verdamping – als komeet te manifesteren. George Beekman

    • George Beekman