De heilloze spiraal

Werkgevers, vakbonden, een meerderheid van de Tweede Kamer én de centrale bank: het komt niet vaak voor dat er zo’n consensus is over een hoofdzaak van de begroting. Toch valt die eer het kabinet ten deel dat gisteren heeft besloten om de eerder voorgenomen verhoging van de btw per volgend jaar uit te stellen. Die maatregel, waarbij het hoge tarief van 19 procent naar 20 procent zou gaan, zou de inflatie met 0,5 procentpunt hebben verhoogd. Nu de geldontwaarding in de loop van dit jaar de vier procent kan naderen, en ook volgend jaar fors blijft, zou een verhoging van de btw zeer ongelegen komen.

Nu is het natuurlijk niet zo moeilijk om de handen op elkaar te krijgen voor een besluit om een belasting niét te verhogen. Wat het besluit bijzonder maakt is dat de voorgenomen verlaging van de ww-premies wél doorgaat. Ook nu de financiering van die maatregel, die van de btw-verhoging had moeten komen, toch niet doorgaat. Met enig schuiven, en met de stofkam, denkt minister Bos (Financiën, PvdA) het geld toch bij elkaar te krijgen. Dat is te prijzen: de verleiding om het gat niet, zoals nu, met lagere uitgaven te dekken, maar met meevallende inkomsten – denk aan de aardgasbaten – moet aanwezig zijn geweest. Wel valt te bezien hoe dit alles neerslaat in de uiteindelijke begroting voor 2009, die over ruim drie weken wordt gepresenteerd. Er zijn kennelijk andere tegenvallers bij de uitgaven te verwachten. Ook die moeten nog worden gefinancierd.

Zowel de btw-maatregel als het verlagen van de ww-premies kan er voor zorgen dat een loonprijsspiraal wordt voorkomen. Werknemers houden meer loon over, en de prijzen stijgen minder hard. Dat maakt het mogelijk dat de looneisen voor volgend jaar eveneens worden getemperd. Nu is een verwachte inflatie van 3,75 procent voor de bonden het uitgangspunt. Als een navenante looneis wordt gehonoreerd, zou de hoge inflatie zich kunnen nestelen. De oproep van het kabinet aan de bonden dat de looneisen moeten worden gematigd is dus redelijk.

Een lager dan verwachte inflatie betekent een hoger dan gedachte koopkracht. Arbeid wordt aantrekkelijker als de premies lager zijn. Zo kunnen beide maatregelen, naast dat zij een bijdrage leveren aan de prijsstabiliteit, ook worden gezien als een stimulans voor de economie, juist in een tijd dat die in zwaar weer terecht lijkt te komen. In het afgelopen kwartaal viel de economische groei weg, en het is niet onmogelijk dat er nog lastige kwartalen aankomen.

Toch kan het begrotingsbeleid daar beter niet op worden toegespitst. De met veel tamtam doorgevoerde lastenverlichting in de Verenigde Staten, waar de burgers 160 miljard dollar te verdelen kregen, lijkt vooralsnog goeddeels te zijn gespaard en niet te zijn uitgegeven.

De timing van stimuleringsbeleid is notoir lastig, en de effecten niet altijd eenduidig of zelfs averechts. De jaren zeventig, toen de combinatie van oplopende inflatie en een stagnerende economie zich eveneens voordeed, kunnen tot voorbeeld strekken.