Zelfmoord bestaat, lieve vriend

Beeld Solko Schalm en Wibbine Kien Briefwisseling Gerrit Komrij en Hafid Bouazza Beeld Solko Schalm & Wibbine Kien Schalm, Solko;Kien, Wibbine

Lieve Hafid,

Ja, ironisch bedoeld, zo ken ik er nog een paar. Ik kan ironie ruiken als een kat schelvis. Dat je over biculturaliteit uitgebreider gedachten had was me bekend. Waartoe ik je wilde verleiden was om van ons navelstaren af te geraken en te belanden in de grote wereld. Ik ben en blijf benieuwd naar je sociale en politieke ideeën. Of liever – om zowel van het navelstaren als de theorieën af te zijn – naar je sociale en politieke praktijken.

Je staat in het brandpunt van de problemen die Europa bezighouden – mag ik het wel zo koket zeggen? – en bent een goudmijn van gedachten en ervaringen omtrent de maatschappij van nu. De hoop dat je vanuit die goudmijn een en ander zou willen formuleren lijkt me geen totale zotheid. Het zouden formuleringen kunnen worden die je zelf opluchten en de lezer troosten.

Er kleeft iets verschrikkelijks aan het geloof in een monocultuur, maar dat dit geloof in een monocultuur steeds meer als zegenend wordt ervaren is ook een onontkoombaar feit. Nationalisme, populisme, separatisme, terrorisme en evangelisme krijgen een steeds dikkere pens. Satannetjes worden met Beëlzebub uitgedreven. Controleziekte en vrijheidsinperkingen worden absurder en tegelijk minder controversieel. Het is een toptaboe geworden de zaken bij hun naam te noemen, ook in de zogenaamd vrijheidlievende en tolerante lage landjes.

Spreek. Verlicht mijn gedachten. Bereid me voor.

Dat je het bij de terminologie van de ‘allochtoon’ ineens over ‘we’ hebt, daar schrik ik van. Maar misschien is het scherts of ironisch? Of gaat het over een ‘we’ waar ik nog niet aan toe ben? Ik zie je vooral als buitenstaander. Zo ongeveer zie ik mezelf ook, al weet ik niet of ik wel goed naar mezelf kan kijken.

Nu ja, pedante vragen en stellingen misschien, maar niettemin vragen en stellingen waar we het gerust een keer over zouden kunnen hebben. Waar we het niet vaak genoeg over zouden kunnen hebben. Ik ben nieuwsgierig naar wat jij ervan vindt, omdat ik nieuwsgierig ben naar wat ik er zelf van vind.

Maar je wilt dus dood. Als je ten onder wilt gaan, doe het. Wanneer ik me in het verleden wel eens zorgen maakte over je toestand tikte je me meteen op de vingers. Hou op met dat gefrons, zei je, anders word ik boos. Daar hield ik me aan. Ik hou van je, maar ik ben je vader niet.

Natuurlijk heb ik je iedere keer graag willen redden, zo zit ik in elkaar. Maar als het me onze vriendschap kostte was ik bereid daar onmiddellijk mee op te houden. Vriendschap is niet zomaar iets.

Je kiest voor de rechte weg. Dat ik naar ontsnappingsroutes zoek en naar veiligheidskleppen, waaronder ook dat gedoe valt met die ikken, is misschien minder maudit en minder romantisch, maar ik vind het wat kort door de bocht dat koketterie te noemen.

Dat gedweep met opium en absint zou op minder goedwillende beschouwers ook wel eens als koketterie kunnen overkomen, vind je niet? Gelukkig is het om de dooie dood niet koket. Het is stomme verslaving, dat is het. Het is je onwil om er tegen aan te gaan, anders niet. Het is kiezen voor je leven en niet voor de literatuur.

Ik zal de eerste zijn om te erkennen dat dit laatste een verstandige beslissing is, maar niet als het om een leven gaat dat je opbouwt uit zwakte en verdoving. Schaam je om bij die twee flessen en die dertig grammetjes neer te zitten, als een kind bij zijn bord Brinta.

Ook over schaamte en schuld hebben we het nooit gehad. Over zoveel niet wat misschien niet eens bestaat.

Zelfmoord bestaat, lieve vriend. Zorg er wel voor dat je het doet, anders blijft het zo bij... precies, bij koketteren. Wil je je doodblowen of kapotzuipen? Ga je gang. Doe het vooral. De breedste horizonnen zullen je deel worden.

Als je me maar belooft alleen aan dat gebroken hart te sterven. Alleen aan die mooie illusie. Als je maar niet sterft aan gebrek aan wil.

Ik hoop dat ik nu schertsend genoeg klink. Ironisch genoeg. Koket genoeg. Ik heb daar een hard hoofd in. Ik heb het van vrienden meegemaakt – wie doorgaat met het aankondigen van zelfmoord zal het uiteindelijk ook doen. De dappere toevoeging van de zelfmoordenaar in spe dat ‘hij het wel zal redden’ heeft geen enkele betekenis.

Als je moe van elkaar wordt, zelfs al is het maar een beetje, moet je ophouden met elkaar brieven schrijven, moet je ophouden met alles. Ik ben nu echt boos, in oprechte liefde, je

Gerrit

Dit is de laatste aflevering in de wekelijkse serie brieven van Hafid Bouazza en Gerrit Komrij. De eerste verschenen 16 mei jl.