Integratie Turk ook na dienst in leger

De Turkse dienstplicht belemmert de integratie van mannen met een Nederlands en Turks paspoort niet. Dat concludeert minister Vogelaar (Integratie, PvdA) op basis van een onderzoek waarbij 68 Turkse mannen zijn ondervraagd. De onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam voerden ook gesprekken met vertegenwoordigers van Turkse organisaties.

Vogelaar had de Tweede Kamer toegezegd het onderzoek te laten doen. Een Kamermeerderheid vindt de verplichte dienstplicht in Turkije ongewenst. Mannen die de Turkse nationaliteit willen behouden zijn verplicht voor hun 38ste de dienstplicht van vijftien maanden te vervullen. Uit het onderzoek blijkt dat de meesten kiezen voor een afkoopregeling. Zij moeten de Turkse staat dan 5.112 euro te betalen. De dienstplicht duurt dan drie weken. Daarna zijn ze reservist. Volgens het onderzoek is door de afkoopregeling geen sprake van een langdurige onttrekking aan de Nederlandse samenleving.

De respondenten verklaarden geen afstand te willen doen van de Turkse nationaliteit – zo kunnen zij de dienstplicht ontlopen – omdat ze zich in cultureel opzicht Turks én Nederlands voelen. Ze zeggen het gevoel te hebben dat het politieke en maatschappelijke klimaat in Nederland voor hen op een negatieve manier aan het veranderen is. „Het behoud van de Turkse nationaliteit geeft deze respondenten een veilig gevoel”, aldus het onderzoek. Het voldoen van de dienstplicht wordt door sommigen gezien als onderdeel van de identiteit van een ‘echte’ man. „Voor een aantal respondenten is het eenmalig dragen van het Turkse uniform een grote eer.”

Kamerlid Sietse Fritsma (PVV) heeft aan Vogelaar schriftelijke vragen gesteld over het onderzoek. De PVV, verklaard tegenstander van de dubbele nationaliteit, vindt het eenzijdig. Fritsma: „Als je alleen aan Turken vragen gaat stellen, dan krijg je geen goede antwoorden. Zij willen immers hun Turkse paspoort behouden.” Hij hekelt de dienstplicht, omdat er trouw gezworen moet worden aan de Turkse wet. „En in geval van oorlog moeten ze vechten voor Turkije, ook als Turkije met Nederland in oorlog zou zijn.”