Het beleg van Kabul

Voor Frankrijk is de dood van tien soldaten in Afghanistan de zwaarste slag in het buitenland van de afgelopen 25 jaar. Na de Algerijnse bevrijdingsoorlog (1954-1962) overkwam het Franse troepen op deze schaal alleen in 1983 in Beiroet waar toen ook ‘blauwhelmen’ uit Frankrijk waren gelegerd. De militairen die dinsdag ten westen van Kabul in een hinderlaag liepen en sneuvelden, waren in Afghanistan omdat president Sarkozy in april extra troepen aan de NAVO had toegezegd. Deze geste was onderdeel van zijn besluit Frankrijk weer militair in de NAVO te integreren. De Gaulle had het land in 1966 uit de commandostructuur gehaald.

De oppositie, die tegen deze beslissing was, heeft mede daarom het debat over de Franse aanwezigheid in Afghanistan geopend. Maar Sarkozy wil het hoofd niet buigen. Dat Sarkozy voet bij stuk houdt, laat zich raden. De president heeft zich voorgenomen om de traditionele Franse scepsis over Amerika om te buigen naar engagement.

Maar dat neemt niet weg dat het militaire verlies van de Fransen omineus is. Was een jaar geleden vooral het zuidelijke grensgebied met Pakistan een bakermat voor de Talibaan-strijders, die op afstand het centrale gezag wilden ondermijnen, deze zomer lijken president Karzai en Kabul het voornaamste doelwit. Of de Talibaan de hoofdstad daadwerkelijk willen aanvallen, is onduidelijk. Maar ze willen volgens sommige analisten hoe dan ook het net rond Kabul sluiten om de NAVO verder onder druk te zetten en optimaal gebruik te maken van het machtsvacuüm na de Amerikaanse presidentsverkiezingen.

Volgens andere analyses is er echter nog meer aan de hand. Voor de goede orde, het woord Talibaan is een begrip dat tot misverstand aanleiding geeft. De Talibaan vormen geen eenduidige en hiërarchische organisatie. De naam verwijst vooral naar verwante gemeenschappen en netwerken. De Talibaan zouden afgelopen jaren niettemin een ander karakter hebben gekregen. In de eerste jaren na hun nederlaag in 2001 baseerden ze zich op hun oude aanhangers en machtsbases in het Zuiden. Sinds 2006 zouden de Talibaan succesvol rekruteren onder een nieuwe generatie jongeren en daarmee ook bolwerken verwerven in het van oudsher afkerige Noorden. President Karzai is daar niet tegen opgewassen en heeft, geteisterd door corruptie en opiumhandel, ook weinig te bieden. Hij fungeert vaak meer als schaamlap ter camouflage van lokale strijd, dan als machtscentrum. Voormalig commandant Van Harskamp schetste deze ambivalentie zaterdag nog in deze krant. Volgens hem is pas over 25 jaar duidelijk of de buitenlandse inzet iets duurzaams oplevert.

De kolonel heeft gelijk. Maar die termijn vergt wel te veel van ieders geduld. De Nederlanders gaan in 2010 uit Uruzgan weg. Maar voor het zover is, moeten ze op zijn minst rekening houden met een slag zoals die de Fransen dinsdag heeft getroffen. Het politiek-militaire beleid van de NAVO zal hier en nu nog flexibeler moeten worden dan het door de aard van de guerrillastrijd in Afghanistan toch al is.