De strijd om het oor

De Ochtenden is vanaf volgende week niet meer op Radio 1 te beluisteren. Net zo min als MM Magazine. En nog enkele programma’s. Ze maken plaats voor Dit is de dag of Lunch! Radio 1 wil meer luisteraars bereiken en dus moeten zij via „een kortere spanningsboog [..] bij de kladden worden gegrepen”. Aldus zendermanager Borst in het vakblad De Journalist. Het is een ontwikkeling die te denken geeft.

Wie via internet naar de radio luistert, heeft de keuze uit een ontelbaar aantal programma’s. En via de kabel zijn tientallen binnen- en buitenlandse zenders te bereiken, waaronder ten minste zeven publieke (landelijk en regionaal). In de auto is dat wat minder, maar ook de rijdende mens kan kiezen uit een in kwantitatief opzicht royaal aanbod.

Hoewel menig luisteraar soms niet of nauwelijks weet naar welke zender hij luistert – in het bijzonder wanneer de radio niet meer functie heeft dan auditief behang te zijn – is het gevecht om zijn aandacht gaande en bij zoveel keuzemogelijkheden is dat geen eenvoudige strijd. Naar Radio 1 luisteren gemiddeld 2,5 miljoen mensen, maar dat vindt de leiding van de zender niet genoeg, althans: ze luisteren niet lang genoeg. Het ‘marktaandeel’ ligt op 7 procent en moet in 2009 8 procent bedragen en in 2010 8,5 procent. De tijd is rijp, vinden de omroepen, om de zender „rigoureus op de schop te nemen”, meldde het ANP. Hierbij verdient aantekening dat van die omroepen de EO, de VARA en de VPRO hebben geprotesteerd tegen de verluchtiging van hun programmering, waartoe ze zich gedwongen zien.

Ook de ondernemingsraad van de NOS maakte bezwaar, maar richtte dat aan het verkeerde adres, zo vonniste de Ondernemingskamer. Niet de directie van de NOS, maar de raad van bestuur van de Nederlandse Publieke Omroep (NPO) had moeten worden aangesproken. Waaruit blijkt dat niet alleen buitenstaanders de weg weleens kwijtraken in het doolhof dat publieke omroep heet.

Het lijkt erop dat in hun gevecht om het oor van de luisteraar zenders en in het bijzonder de leiding ervan steeds meer trachten van de radio televisie zonder beeld te maken door succesformules te kopiëren. Bekendheid van presentatoren schijnt belangrijker te zijn dan deskundigheid. Een opvatting die voorbijgaat aan de ontwikkeling dat tv zoveel Bekende Nederlanders produceert, dat er tegenwoordig ook heel veel onbekende Bekende Nederlanders zijn.

De publieke omroep verkeert in een spagaat. Zij wordt voor een deel met belastinggeld gefinancierd en dat zou ertoe moeten leiden dat Radio 1 tot en met 6 niet voor een programmering hoeven te zorgen die al via commerciële zenders aan bod komt. Anderzijds leidt de noodzaak om ook via reclamespotjes inkomsten te verwerven bij de publieke omroep tot een keuze voor vervlakking, voor de overtuiging dat de luisteraar bij de kladden moet worden gegrepen en dat een marktaandeel van 7 procent dus niet genoeg is. Die luisteraar echter verdient een omroep voor actualiteit en achtergrond die hem serieus benadert. En daarvoor de tijd neemt.