Verlangen naar iets afwijkends

nrc.next-redacteuren nemen de bus, stoomtrein, tram of metro en stappen uit bij een eindhalte ergens in Nederland.

Vandaag Noord-Brabant: winkelen in Rosada.

Even weet ik niet meer waar ik ben. Ik zat net in een eethuisje, en op weg naar de wc ging ik een deur door. Maar in plaats van in een krap halletje met twee deuren en een urinoir sta ik nu in een brede, helderwitte kantoorgang. Rechts van me staat een deur open naar de straat. Een geplastificeerd blaadje wijst de weg naar de wc, een paar deuren verderop in de gang.

Dan realiseer ik me weer waar ik ben. In een kunstmatig stadje: Rosada.

Rosada is een ‘factory outlet’ aan de rand van Roosendaal. Het werd in 2006 geopend, als derde ‘outlet centre’ in Nederland – Lelystad en Roermond gingen Roosendaal voor. Het idee: in een outlet komen de producten rechtstreeks van de fabriek en zijn ze goedkoper dan in normale winkels.

Je komt er met een buurtbusje van de provincie. In het weekeinde rijdt er een pendelbus. Rosada ligt aan een doorgaande weg. Het stadje bestaat uit één straat in U-vorm, met een soort boulevard aan de kant van de rondweg. Komend van het centrum van Roosendaal zie je eerst een grote loods van grijs golfplaat. Als je daar omheen bent, loop je het dorp binnen. Daar hellen pakhuizen lichtjes over naar de straat. Trapgeveltjes zijn geschilderd in felle kleuren. Het is alsof Dorestad nooit door de Vikingen is verwoest. Op straat klinkt voortdurend muziek.

Net als in het eethuisje trouwens. En op de gang. En in de wc. Boven de urinoirs hangen kleine beeldschermen. Op die schermen schuiven voortdurend reclamedia’s langs. Onder het scherm zit een elektronisch oog. Een sensor? Of een camera? De paranoia slaat toe. Het is hier te schoon. Het is te onwerkelijk.

Nadat de Russen in de achttiende eeuw de Krim hadden veroverd, stelde tsarina Catharine de Grote graaf Potjomkin aan om het gebied tot ontwikkeling te brengen. Volgens de legende liet Potjomkin façades van hout en beschilderd doek maken. Tijdens een inspectiereis door het gebied was de tsarina onder de indruk van de vele dorpen; in werkelijkheid was het telkens hetzelfde nepdorp, dat snel werd verplaatst als de tsarina verder reisde.

Of neem Seahaven. Het stadje in de film The Truman Show waar Truman Burbank, gespeeld door Jim Carrey, zijn hele leven heeft doorgebracht, zonder dat hij doorheeft dat het stadje in een gigantische televisiestudio ligt en hij ongemerkt de hoofdrol speelt in een realityshow. Totdat hij een weg naar buiten vindt, door een deur in de wolkenhemel aan de rand van de studio.

Met het openen van de deur naar de wc ben ik voor mijn gevoel op net zo’n manier door de achterwand van het decor dat Rosada heet gestruikeld. Het is moeilijk om van die argwaan af te komen.

Want ook het eetcafeetje is niet meer wat het lijkt. Op Top heet het. The world is a pancake, luidt de ondertitel. Aha, dus toch? Zo’n blijmoedige ontkenning van de Verlichting riekt naar marketing. Een muur geeft uitleg: daar staat de bedrijfsfilosofie opgetekend. „In windmolen De Vlijt maalt molenaar Hans Dobbe verschillende meelsoorten voor On Top. Die vormen de basis voor karakteristieke pannekoekmixen, welke onze molenaar samen met een topkok heeft samengesteld. De pannekoek, de kleine pancake, de panquèque hebben daardoor allemaal hun eigen typische smaak. Nét als in de landen waar ze vandaan komen.” Alleen het woord ‘ambachtelijk’ ontbreekt nog. Een Latijns-Amerikaanse pannekoek, maar met meel van een Nederlandse molenaar. Hier wordt het fenomeen pannekoekenhuis even opnieuw uitgevonden. Je kunt hier je vertrouwde oud-Hollandsche zondagmiddagmaal halen en je toch een wereldburger voelen.

De inrichting weerspiegelt die spagaat. In de zaak hangen overgrote lampenkappen aan het plafond met een patroon van dikke behangstof erop. Eenzelfde soort stof op de zittingen van de houten stoelen en banken. De kleuren van de zaak zijn mediterraan blauw en gifgroen. Een soort Ikea op Cuba, eigenlijk.

Praktisch iedere winkel in Rosada behoort toe aan een gevestigd merk. Er is een winkel voor Nike, Otazu, Gsus, Calvin Klein. Je komt hier dus voor je kleding, schoenen, tassen, en schoenen. Ook hier het gevoel dat er iets niet klopt. Neem de speelgoedwinkel. Het assortiment is beperkt, en een opbouw in de uitstalling ontbreekt. Speelgoed voor verschillende leeftijden ligt door elkaar heen. Het geeft de indruk alsof artikelen die toevallig met korting voorhanden waren, in de winkel zijn gestouwd. Een vrouw van middelbare leeftijd tuurt omhoog naar een schap, terwijl ze een mobiele telefoon aan haar oor klemt en kennelijk met iemand van het thuisfront over een aankoop overlegt. Deze winkel heeft geen plafond. Als je omhoog kijkt zie je de grijze dakconstructie. Dat hebben meer winkels, zo blijkt.

Na de zoveelste winkel met topmerken begin je te verlangen naar een afwijkende visie. Een winkelhouder die ergens een rare partij op de kop heeft getikt, vintage desnoods, iets geks. Maar de winkelende golden girl die ik aanspreek vindt het „leuk gedaan”. Het is haar eerste keer hier, vertelt ze. Ze was nieuwsgierig, en het valt haar mee. „Een dikke acht”, zegt ze na enig nadenken. Haar man blijft op een paar meter afstand wachten. Ze willen door.

Zoals het een pittoresk stadje betaamt heeft Rosada ook een VVV-kantoor. Er is geen personeel te zien. In de ruimte liggen folders over Roosendaal en omgeving in rekken en op receptietafels. Naast een stapel folders ligt een A-viertje met een paar handtekeningen erop. Het is een petitie. Een actiegroep roept op om de Molenstraat in het centrum van Roosendaal onder handen te nemen. De verloedering van deze winkelstraat moet een halt toe worden geroepen, zo valt uit de omslachtige formulering op te maken, en de gemeente moet daar bij helpen. Er ligt nog een briefje. „Ik wil graag een Rosada-pas, maar er is hier nooit iemand”, heeft iemand op een briefje geschreven. Haar naam en adres staan er bij.

    • Ewout Lamé