Fonds zet podiumkunst op zijn kop

Het nieuwe fonds dat de subsidies voor de podiumkunsten verdeelt, gaat drastisch ingrijpen in de sector. Van de 141 muziekensembles, toneelgroepen en festivals die rijkssteun krijgen, verliezen er 59 hun subsidie.

Dat blijkt uit het besluit over de vierjarige landelijke theater- en muzieksubsidies voor de periode 2009-2012, die het Nederlands Fonds voor de Podiumkunsten (NFPK) vanmiddag bekendgemaakt heeft. De lijst die het Fonds heeft opgesteld, is de definitieve beslissing over de verdeling van de subsidies. Kunstinstellingen die zich benadeeld achten, kunnen in beroep tegen de procedure, maar niet tegen de beslissing zelf.

Eminente ensembles en gezelschappen als Ton Koopmans’ Amsterdam Baroque Orchestra, het Willem Breuker Kollektief, Theu Boermans’ Theatercompagnie en Ton Simons’ Dance Works Rotterdam moeten wijken voor nieuwkomers als theatermakers Lotte van den Berg, Boukje Schweigman, Eric de Vroedt en collectief Wunderbaum. Voor het eerst krijgt ook een podiuminstelling op de Nederlandse Antillen structurele landelijke subsidie: Teatro Luna Blau op Curaçao.

Voor de meeste gezelschappen waarvan de subsidie volgend jaar wordt geschrapt, leidt dit tot opheffing. De miljoenen die hiermee vrijkomen, worden royaal verdeeld onder 36 nieuwe groepen en de 82 ‘oude’ instellingen die wel rijkssteun blijven krijgen.

Het gemiddelde subsidiebedrag per instelling stijgt met ruim 20 procent.

Met deze „substantiële instroom naast aanzienlijke uitstroom” wil het fonds de doorstroming bevorderen en de versnippering van rijkssteun tegengaan. Het fonds heeft 38 miljoen euro te verdelen en vraagt de minister nog twee miljoen extra.

Het besluit van het nieuwe fonds markeert de start van een nieuw subsidiestelsel. Vanaf 1 januari subsidieert minister Plasterk (Cultuur, PvdA) alleen rechtstreeks de instellingen die hij van vitaal belang acht voor de Nederlandse cultuur. Zij worden ondergebracht in de zogenoemde ‘basisinfrastructuur’. Alle andere instellingen moeten hun geld eens in de vier jaar aanvragen bij de fondsen, waarvan het NFPK het grootste is.

Het idee van de tweedeling is dat de minister voortaan voor de continuïteit van de grote culturele voorzieningen zorgt en de fondsen voor de doorstroming van kleinere gezelschappen. „Tot nu toe kwamen er via de Raad voor Cultuur altijd meer instellingen bij dan eruit gingen”, zegt NFPK-directeur George Lawson in een interview met deze krant. „We vinden het heel moeilijk om te kiezen: laat duizend bloemen bloeien. Maar dat leidt tot een verlept narcissenveld.”

Interview Lawson: pagina 9