Vergeef hem zijn blessure

Hordenloper Liu Xiang is een grote sportheld in China.

Nadat hij geblesseerd was uitgevallen deed de staatstelevisie een oproep hem vooral te vergeven.

China is in rep en roer sinds hordenloper Liu Xiang, China’s grootste sportheld na basketballer Xao Ming, maandag al in de eerste kwalificatieronde geblesseerd uitstapte zonder ook maar een horde te hebben genomen. Liu Xiang won goud bij de Spelen van Athene (2004).

In een speciaal ingelaste uitzending riep presentator Lao Liang van de staatstelevisiezender CTTV de bevolking op om de populaire hordenloper toch vooral te vergeven. De anchorman maande de bevolking tot rust en benadrukte nog eens dat Liu Xiang toch echt niet was bezweken onder de druk, maar was uitgevallen door een oude achillespeesblessure die in het afgelopen weekeinde weer was gaan opspelen. Hij hield een tekening van een voet voor de camera om de kijkers te laten zien waar een achillespees zit. De uitzending moest voorkomen dat de sympathie voor Liu zou omslaan in achterdocht.

Nog voor de wedstrijd werd, in onder meer de ochtendeditie van de South China Morning Post, al de vraag gesteld of Liu wel fit en in vorm was. Hij zou last hebben gehad van een hamstringblessure waardoor hij niet had kunnen deelnemen aan wedstrijden in Amerika begin juni. Van die blessure zou hij nog zoveel last hebben dat hij geen kans zou maken op een nieuwe gouden medaille.

Insiders zouden juist hebben gezegd dat Liu tijdens de training had laten zien fantastisch in vorm te zijn. Hij naderde de 12,9 seconden, nodig om een kans te maken op goud. Maar volgens de laatste berichten had de atleet last van een hielblessure waarover vaag werd gedaan. Ongelukkigerwijs had de minister van Sport zondag tijdens een persconferentie nog verklaard dat alles normaal was en dat Liu er klaar voor was.

De Chinese fans barstten in tranen uit toen Liu Xiang maandag de catacomben in strompelde. Liu’s vader Liu Xuegen reageerde stoïcijns: „We moeten accepteren wat hem is overkomen. Geloof me, Liu komt terug.”

    • Bettine Vriesekoop