Sparen voor school

Het zijn alarmerende berichten: een kwart van de kinderen verlaat de basisschool zonder dat ze goed kunnen lezen. Hun taalvaardigheid neemt af en in groep acht goed kunnen rekenen spreekt niet meer vanzelf. Geen wonder, want veel onderwijzers hadden als pabostudenten zelf moeite met rekenen en taal. Ja, er zijn nog genoeg goede basisscholen, maar de twijfel is gezaaid. De oogst is de overtuiging dat het basisonderwijs in Nederland onder de maat is.

Of is dat overdreven?

Voor ouders met een kind in de basisschoolleeftijd, doet dat er niet toe. Die willen zekerheid. Die willen optimaal basisonderwijs, in een kleine klas, met goede leermiddelen, onder de hoede van een lieve, bekwame leerkracht. En daar hebben ze best een bescheidener vakantie voor over. Of een tweede hypotheek. Geef ze ongelijk.

Die ouders lezen met aandacht over de eerste stappen van een landelijke keten van privaat gefinancierde basisscholen. 12.500 euro per kind per jaar kost dat, het is voor menigeen een hoop geld. Maar als het nou het beste is…

Algemeen bijzondere scholen, schoolverenigingen die lidmaatschapsgeld vragen plus een bedrag per jaar per kind, kunnen al heel lang de vraag niet aan. De veel duurdere particuliere basisscholen, die geen aanspraak maken op de jaarlijkse rijksvergoeding maar door de ouders betaald worden, lijken al jaren een groeimarkt. Niet langer beperkt hun klandizie zich tot ouders met bepaalde wensen, zoals de specifiek christelijke of de Iederwijsscholen. Ze komen meer en meer tegemoet aan iets overzichtelijks. Ze spelen in op het begrijpelijke verlangen naar goed onderwijs, liefst op maat, met een gelukkig kind als resultaat. En een goede Cito-score. Dat ook.

Zolang een particuliere school voldoet aan de eisen en de regels van het ministerie van Onderwijs is er, in het licht van de grondwettelijke vrijheid van onderwijs, niets tegen in te brengen. In landen als Engeland en de VS is het zelfs niets bijzonders. Daar beginnen ouders al voor lager, hoger en universitair onderwijs te sparen als hun kind nog in de wieg ligt. In Nederland leek dat nooit nodig, maar nu wel. En daar zit ’m de kneep.

De kwaliteit van het basisonderwijs neemt af. Dat schrijnt des te erger omdat gezinnen minder kinderrijk dan vroeger zijn: het belang van het succes van elk kind wordt groter. En ouders hebben per kind meer geld beschikbaar. Dan is het onhandig om afwerend te reageren op de oprichting van particuliere scholen zoals de voorzitter van de raad voor primair onderwijs: „Niet nodig, niet dringend en niet wenselijk.” Evenmin gaat het aan om, zoals de SP doet, de privéscholen te verwijten dat ze niet toegankelijk zijn voor ouders met een laag inkomen.

De particuliere basisscholen zijn een signaal: het regulier onderwijs moet beter. Niet langzaamaan, in een plan dat drie jaar de tijd neemt, zoals het ministerie nu hanteert, maar snel en doeltreffend, strategisch en tactisch. Want ouders nemen het niet langer.