Huiseigenaren honkvaster

Nederlanders blijven steeds langer wonen in hetzelfde huis. De gemiddelde koopwoning wisselt nu eens in de 20 jaar van eigenaar, in 1996 was dat nog eens in de 17,5 jaar. Dat blijkt uit onderzoek van de Nederlandse Vereniging van Makelaars (NVM).

De honkvastheid van de Nederlander is toegenomen. De gemiddelde eengezinswoning gaat slechts één keer in de 25 jaar van de hand. Appartementen rouleren een stuk sneller; die worden eens in de 8 jaar doorverkocht.

De cijfers wijzen er volgens de NVM op dat de doorstroom op de huizenmarkt stokt. „In Nederland komt per jaar slechts één op de twintig koopwoningen vrij. Voor woningzoekenden is er steeds minder aanbod beschikbaar”, aldus de NVM.

Volgens de makelaarsvereniging is de druk op de huizenmarkt extra groot, doordat er in Nederland structureel te weinig nieuwe woningen worden gebouwd.

De Vereniging Eigen Huis onderschrijft de uitkomsten en conclusies van het NVM-onderzoek volledig, aldus een woordvoerder. De belangenorganisatie van huizenbezitters stelde toevallig ook in een eigen onderzoek vast dat de doorstroom op de huizenmarkt stokt.

Volgens Eigen Huis kwam daarin ook naar voren dat mensen tegenwoordig liever een andere baan dichter bij huis zoeken dan dat zij kiezen voor een ander huis. „Verhuizen is voor veel mensen te duur, en daarnaast speelt ook de sociale binding een grote rol, van bijvoorbeeld vrienden, verenigingen of kinderen die op school zitten.”

Maar ook de overdrachtsbelasting – die in Nederland 6 procent bedraagt – is „een grote drempel voor het verhuizen”, aldus Eigen Huis. „Daardoor zijn de ‘kosten koper’ voor veel mensen te hoog. In veel gevallen zijn ze daaraan bijna een jaarsalaris kwijt. Zo veel hebben mensen niet, en dus moeten ze het lenen.”

Eigen Huis wijst erop dat onderzoek van de Vrij Universiteit in Amsterdam van een paar jaar geleden heeft uitgewezen dat verlaging van de overdrachtsbelasting met 1 procentpunt de huizenverkoop met 8 procent kan stimuleren.