De val van Zonderland

De val van Zonderland Door Henk Stouwdam Peking. Epke Zonderland grijpt mis in de toestelfinale aan rek. De 22-jarige turner verspeelde door de val zijn kansen op een olympische medaille. Van de acht finalisten werd hij zevende. Zonderland turnde slordig. Hij miste van zijn vluchtelementen de ‘Kolman’, die hem in combinatie met de ‘Kovac’ een bonus van drietiende punt zou hebben opgeleverd. Om die fout te herstellen besloot Zonderland de Kolman er nog tussen te frutselen. Maar hij kreeg geen vat op de stang en kwam ten val. Zonderland verklaarde na afloop dat het beschermleertje dubbel had gezeten en dat hij daardoor zijn grip verloor. Zonderlands onzorgvuldigheid was opvallend omdat hij een stabiele turner is en hij voor de veilige weg had gekozen. Om grote risico’s te vermijden had hij ruim voor de finale al besloten af te zien van een opwaardering van zijn oefening. Hij speelde lange tijd met het plan een vluchtelement toe te voegen, waardoor hij zijn uitgangswaarde met drietiende zou hebben opgekrikt. De zekerheid van de ingesleten oefening gaf hem schijnbaar niet het broodnodige vertrouwen. Zonderland leek na afloop van zijn eerste olympische finale niet echt aangeslagen. Hij was zijn teleurstelling snel te boven en gaf een zakelijke en heldere analyse van zijn olympisch debuut. Uiteindelijk zei Zonderland tevreden te zijn met het bereiken van de finale, waardoor hij langdurig van zijn deelname aan de Spelen heeft kunnen genieten. Zonderland ziet dat als een ervaring die hem de komende jaren sterker maakt. Hij noemde de mislukte finale vooral een goede les. Olympisch kampioen werd de Chinees Zou Kai. Het zilver was voor de Amerikaan Jonathan Horton, de Duitser Fabian Hambüchen won brons. Foto Reuters/Desmond Boylan Epke Zonderland of the Netherlands falls during his routine in the gymnastics men's horizontal bar final at the Beijing 2008 Olympic Games August 19, 2008. REUTERS/Desmond Boylan (CHINA) REUTERS

Epke Zonderland grijpt mis in de toestelfinale aan rek. De 22-jarige turner verspeelde door de val zijn kansen op een olympische medaille. Van de acht finalisten werd hij zevende.

Zonderland turnde slordig. Hij miste van zijn vluchtelementen de ‘Kolman’, die hem in combinatie met de ‘Kovac’ een bonus van drietiende punt zou hebben opgeleverd. Om die fout te herstellen besloot Zonderland de Kolman er nog tussen te frutselen. Maar hij kreeg geen vat op de stang en kwam ten val. Zonderland verklaarde na afloop dat het beschermleertje dubbel had gezeten en dat hij daardoor zijn grip verloor.

Zonderlands onzorgvuldigheid was opvallend omdat hij een stabiele turner is en hij voor de veilige weg had gekozen. Om grote risico’s te vermijden had hij ruim voor de finale al besloten af te zien van een opwaardering van zijn oefening. Hij speelde lange tijd met het plan een vluchtelement toe te voegen, waardoor hij zijn uitgangswaarde met drietiende zou hebben opgekrikt. De zekerheid van de ingesleten oefening gaf hem schijnbaar niet het broodnodige vertrouwen.

Zonderland leek na afloop van zijn eerste olympische finale niet echt aangeslagen. Hij was zijn teleurstelling snel te boven en gaf een zakelijke en heldere analyse van zijn olympisch debuut. Uiteindelijk zei Zonderland tevreden te zijn met het bereiken van de finale, waardoor hij langdurig van zijn deelname aan de Spelen heeft kunnen genieten. Zonderland ziet dat als een ervaring die hem de komende jaren sterker maakt. Hij noemde de mislukte finale vooral een goede les.

Olympisch kampioen werd de Chinees Zou Kai. Het zilver was voor de Amerikaan Jonathan Horton, de Duitser Fabian Hambüchen won brons.

    • Henk Stouwdam