Coalitieberaad in Pakistan levert niets op

De twee grote partijen in de Pakistaanse regeringscoalitie hebben gisteren, de dag na president Musharrafs terugtreden, geen overeenstemming kunnen bereiken over diens opvolging, noch over de toekomst van de rechterlijke macht in het land.

Op dit moment wordt Musharrafs post tijdelijk waargenomen door de voorzitter van de senaat. Binnen dertig dagen moeten de twee grote regeringspartijen, de Volkspartij (PPP) en de Moslimliga-N (PML-N), het eens worden over een presidentskandidaat. De nationale en regionale volksvertegenwoordiging, waar de coalitie over ruime meerderheden beschikt, moet die voordracht dan nog goedkeuren.

Gisteren spraken PPP-leider Ali Zardari, de weduwnaar van de vermoorde ex-premier Bhutto, en zijn zoon Bilawal in Islamabad urenlang met PML-N-leider Nawaz Sharif en andere coalitiepartners. Hoewel Justitieminister Farooq Naek vóór het overleg zei dat er een „verenigd besluit” zou worden genomen over de belangrijke thema’s, werd uiteindelijk besloten vrijdag weer verder te praten.

Behalve Musharrafs opvolging blijft de toekomst van zestig vorig jaar door hem ontslagen rechters een belangrijk twistpunt. Zardari maakt vooral bezwaar tegen het opnieuw aanstellen van opperrechter Iftikhar Chaudhry, omdat die hem zou willen vervolgen voor corruptie. Sharif beloofde dit jaar tijdens de campagne voor de parlementsverkiezingen juist Chaudhry te herbenoemen.

Een ander geschilpunt is de toekomst van Musharraf. De PML-N wil hem berecht zien voor verondersteld hoogverraad. De PPP zou overwegen hem immuniteit voor strafvervolging te verlenen.

De wankele coalitie dreigde de afgelopen maanden al meermaals over deze thema’s te vallen. De gedeelde ambitie Musharraf van de macht te verdrijven voorkwam zo’n breuk echter. Nu hij maandag – een afzettingsprocedure door het parlement niet afwachtende – zelf opstapte, dreigt de coalitie volgens sommige waarnemers nu alsnog te scheuren. (AP, BBC, Reuters)