Ze wordt goed, echt waar

Matthias Freund (48) is opgeleid in Duitsland. Daar werkte hij twaalf uur per dag.

Hij vindt het prettig dat Mirella handig is. Maar het is lastig dat ze parttime werkt.

Mirella leek hem vriendelijk toen ze een paar jaar geleden kwam solliciteren. Niet zo vriendelijk van: ik wil graag deze plek, maar écht. En ze oogde ook redelijk normaal, niet te hyper. Let niet op zijn taal, trouwens. Af en toe gebruikt hij woorden die hij niet in het Duits zou gebruiken.

Hij had het gevoel dat er niet zo’n grote afstand zou zijn tussen hem en Mirella. Dat is belangrijk voor de mensen op de afdeling, die moeten niet te ver uit elkaar staan.

Hij heeft de indruk dat hij zelf ook niet al te arrogant is. Maar de afstand moet ook niet te klein zijn. Hij hoeft niet te weten wat iedereen thuis doet.

Mirella leert katheteriseren van hem. Hij doet dat al vijftien jaar. Dat is moeilijker dan een echo maken of een ECG lezen, zeker bij een kleine patiënt. Nu is cardiologie bij kinderen véél interessanter dan gewone cardiologie. Werkt die kamer goed? Moet daar een pacemaker in? Saai.

Aangeboren hartafwijkingen zijn complexer, spannender. En kinderen zijn leuker. Niet dat hij het daarvoor doet, leuk is niet voldoende. Het moet ook boeien.

In het begin mocht Mirella alleen maar meekijken. Eerst leren in welke kast de naalden, de katheters, de draadjes liggen. Heel banaal. De meesten willen gelijk alles doen. Dat kan niet, hij wil niet dat dingen misgaan. Híj moet het kind bewaken.

Het is heel prettig dat Mirella handig is. Bij onhandige leerlingen wordt hij gauw ongeduldig. Dan neemt hij het over. Soms ook bij Mirella. Artsen moeten leren, dat weet hij wel. Maar dan niet meer op de patiënt, het is geen proefkonijn.

Hij zou best vaker tegen Mirella kunnen zeggen dat ze handig is, zorgvuldig. Dat ze hoge eisen aan zichzelf stelt. Want dat is zo. Hij weet niet waarom hij dat niet doet. Iemand loben. Hoe heet dat? Prijzen. Daar heeft hij moeite mee.

Eén keer hebben ze over haar gepraat. Mirella wilde een gesprek. Dat had hij ook al bedacht, écht. Op de cursus voor supervisors hadden ze gezegd dat het goed is om tussendoor de vorderingen te bespreken met je leerling. Vond hij een goed idee, maar Mirella was hem voor. Hij wil het nu ook wel zeggen. Ze gaat een goede arts worden. Dat mag in de krant. En hij vindt haar aardig.

Nederlanders zijn niet opener dan Duitsers. En als hij het cliché zou volgen dat het in Duitsland hiërarchischer is, zou hij schreeuwend rond moeten lopen. En hij schreeuwt nooit. Artsen die schreeuwen en met dingen gooien, moeten stoppen met hun vak.

Hij kan wel emotioneel worden, en boos. Huilen heeft hij hier niet gedaan. Nóg niet. Met ouders erbij kan dat ook niet. Hij vond het wel goed dat Mirella die keer huilde in de OK. Voelde ze in ieder geval dat het fout ging en dacht ze niet: oh, het maakt niets uit. Zo ijskoud, dat is niks.

Hij zou wel wat strenger moeten zijn. Hij is te gutmütig. Kijk, het gaat er niet om dat je netjes verkleed in de OK staat. Je moet ook de patiënt goed hebben voorbereid, weten wat het probleem is, de geschiedenis kennen, weten waar de spullen liggen, met welke katheters je gaat werken, wat je gaat vragen aan je medewerkers. Dat soort dingen.

Bij Mirella is dat niet nodig. Maar tegen mensen die zich niet goed voorbereiden, moet je kunnen zeggen: nu mag je niet meedoen. Hij kan slecht nee zeggen. Zeker niet als iemand aardig is, die vergeeft hij sneller.

Maar leerlingen moeten accepteren dat hij hoofdverantwoordelijke is. Hij stelt de eisen en die zijn voor hen net zo hoog als voor hemzelf. Het móét veilig zijn.

Dat drukt extra zwaar op hem hier. In 2001 stierf hier een kind tijdens een katheterisatie. De afdeling had toen ernstige problemen. De communicatie tussen de artsen was minimaal. De één werd veroordeeld, de ander weggestuurd, nog één nam ontslag.

Kindercardiologie moest helemaal opnieuw beginnen. Daarom kwam hij erbij. Nu moet alles zeker zijn. Geen risico’s. Hij laat Mirella nooit iets alleen afmaken. Hij gaat nooit weg. Want dan is er niemand in de kamer die haar kan helpen.

In Duitsland werden artsen in opleiding standaard geëxploiteerd in zijn tijd. Twaalf uur per dag, sowieso. Dan deed je wél heel veel ervaring op. Dat is nu anders. Kijk naar Mirella, die kan parttime werken. Hij is vader, hij snapt het wel.

Maar het is toch een groot nadeel dat ze er niet altijd is, want het is druk. En als het druk is, wordt hij kortaf. Maar ruzie hebben ze niet. Als ze het oneens zijn, beslist hij.

    • Carola Houtekamer