Omzetgroei in de detailhandel stagneert in tweede kwartaal

De omzetgroei van de Nederlandse detailhandel stagneert. In het tweede kwartaal van dit jaar was de omzet van de detailhandel 2,3 procent hoger dan in dezelfde periode vorig jaar. In de maanden april en mei steeg de winkelomzet nog, in juni daalde die met 3,9 procent. Dat blijkt uit cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vandaag bekendmaakte.

De groei in het tweede kwartaal van 2008 is volgens het CBS „vrijwel geheel toe te schrijven aan de gestegen prijzen”. Dat is een teken dat de inflatie zich doet gelden, want meer producten werden er niet verkocht.

De omzetgroei van de detailhandel bereikte in het afgelopen kwartaal het laagste niveau sinds het vierde kwartaal van 2005, vooral als gevolg van de omzetdaling in juni. Die daling had vooral te maken met het geringe aantal koopdagen. Juni 2008 had een zondag en maandag meer en een vrijdag en zaterdag minder vergeleken met juni 2007. Na correctie voor dit effect bleek er dit jaar in juni weliswaar sprake van een geringe omzetgroei, maar nog steeds van een lichte daling van het aantal verkochte artikelen.

Winkels in voedings- en genotsmiddelen boekten in het tweede kwartaal een omzetgroei van 5,4 procent. Dit komt vooral door de supermarkten die hun omzet met ruim 7 procent zagen stijgen. Hun prijzen stegen in de voorbije periode met 5 procent. Voedselspeciaalzaken hadden een omzetdaling van ruim 4 procent.

Winkels buiten de voedingssector realiseerden nauwelijks omzetgroei in het tweede kwartaal. Vooral kledingzaken zagen hun omzet dalen. Bij de zogeheten textielsupermarkten (zoals Zeeman en Wibra) kromp de omzet met 2,6 procent.

Vooruitlopend op de CBS-cijfers luidde de Raad Nederlandse Detailhandel gisteren de noodklok over de verslechterende economische omstandigheden. Volgens de raad zullen mogelijk 5.000 tot 10.000 winkels de komende jaren hun deuren moeten sluiten.