Brandstofbewust autorijden

Voor sommigen is het een sport om zo zuinig mogelijk met brandstof om te gaan. In Amerika is het uitgegroeid tot een beweging die hypermiling wordt genoemd. Ze voeren het zo ver door dat ze zelfs risico’s nemen.

Brandstofbewust autorijden Posthuma, Sieb

De hoge brandstofprijzen blazen wind in de zeilen van hypermilers: automobilisten voor wie het een sport is zo zuinig mogelijk met brandstof om te gaan. In de VS is dit een heuse beweging, die ruim aandacht krijgt in de media. Het wereldrecord zuinigheid staat op zeventig kilometer met één liter brandstof.

In Nederland hebben we het Delftse zonnewagentje Nuna, dat in Australië 3000 km reed zonder één druppel brandstof. Hypermilers doen het met hun eigen auto – gewone productiemodellen, al zijn het vaak hybrides als de Toyota Prius en de Honda Insight. Dergelijke auto’s slaan bij remmen de overtollige bewegingsenergie op in de accu’s. Dezelfde accu’s helpen de auto daarna weer in beweging, zodat de tank wordt ontzien.

In Nederland bestaat geen hypermiling; we hebben er ook geen woord voor. Wel hebben we het Nieuwe Rijden: brandstofbewust rijgedrag. Daarvoor gelden simpele en begrijpelijke adviezen. Rustig optrekken, niet hard rijden, geen overbodig gewicht aan boord hebben, bij constante snelheid een zo hoog mogelijke versnelling gebruiken, de banden op de juiste spanning houden, eerder het gas loslaten bij stoplichten en files zodat minder remmen nodig is. De brandstofbesparing kan tientallen procenten bedragen. Toch slaat dit Nieuwe Rijden onder Nederlandse automobilisten nog niet echt aan. Misschien moet de benzineprijs eerst nog wat omhoog.

Amerikaanse hypermilers gaan verder. Ze houden hun brandstofverbruik angstvallig in de gaten, zowel live via een metertje op het dashboard als door het noteren van kilometerstanden en getankte liters. Ze zetten de airco niet aan want die wordt aangedreven door de motor. Ze gebruiken extra dunne motorolie voor minder wrijving. Ze gebruiken waar mogelijk de cruise control. Dat bespaart ongeveer 10 procent door minder snelheidsfluctuaties en voorkomt dat je onwillekeurig steeds harder gaat rijden. (En het scheelt bekeuringen.)

Ze houden de ramen dicht want open ramen verhogen de luchtweerstand. Ze zetten de motor uit bij rode stoplichten, om hem bij groen weer te starten. Ze pompen de banden op tot het maximum dat de fabrikant toestaat.

Hierover kun je al stevig discussiëren. Sommige maatregelen vereisen een investering in tijd of geld die alleen wordt terugverdiend bij voldoende besparing, dus voldoende kilometers. Sommige zijn tegenstrijdig: soms hou je het zonder airco alleen uit als je een raam openzet. Andere aanpassingen besparen wel, maar introduceren ook kosten. Te harde banden slijten sneller in het midden van het loopvlak. Vaak de motor stoppen en opnieuw starten is niet best voor de startmotor.

Maar een echte hypermiler discussieert niet. Zijn ambities gaan verder dan 1 op 20. Daarbij horen risico’s. Top-hypermilers volgen vrachtwagens op korte afstand, wat de luchtweerstand spectaculair vermindert. Ze stoppen niet altijd voor stoplichten en -borden. Ze gaan met hoge snelheid door bochten om niet te hoeven remmen en rijden elders juist extreem langzaam. Ze laten zich bijvoorbeeld met uitgeschakelde motor langdurig uitrijden, om pas daarna weer snelheid te maken. Ze verwijderen buitenspiegels voor minder luchtweerstand. Eén gek vond een alternatief voor het gebruik van de airco: een vest met koelelementen, dat hij voorafgaand aan het rijden koelde in de diepvries. Dat is het verplaatsen van de kosten van de koeling en heeft met bezuinigen niets te maken.

Als je je verdiept in de leefwereld van de hypermiler lijkt het wel of hij besparing zoekt om zoveel mogelijk te kunnen rijden, en zoveel mogelijk wil rijden om zijn zuinigheidsrecords te verbeteren. Het toppunt is de jaarlijkse rally ‘Tour to the Shore’ waarin hypermilers zich met elkaar meten in zuinigheid – terwijl thuisblijven uiteraard het allerzuinigste zou zijn.

Normale mensen willen gewoon de kosten drukken. En dan is het beste advies: maak minder kilometers. Combineer ritten, ga wonen bij het werk of werken nabij de woning, ga er niet onnodig op uit en neem niet de auto als er een goed alternatief is in de vorm van lopen, fietsen of openbaar vervoer.

    • Herbert Blankesteijn