Waarom zijn er witte en zwarte mensen op aarde?

Een vlotte babbel, goed kunnen jagen en lichamelijke weerstand waren veel belangrijker voor natuurlijke selectie dan huidskleur, meent een lezer. Waarom is mijn huid dan licht en waren mijn verre Afrikaanse voorouders donker?

Het is nu wat moeilijk voor te stellen, maar het was Charles Darwin – niet de eerste de beste wetenschapper – die bedacht dat onze voorouders een blanke huid aantrekkelijker vonden dan een zwarte huid.

Over zijn theorie van de seksuele selectie schrijft Darwin in The Descent of Man, and Selection in Relation to Sex (1871) het volgende: ‘Als alle vrouwen net zo mooi zouden zijn als de Venus de Medici, dan zouden we een tijdlang gecharmeerd zijn, maar al snel verlangen naar afwisseling en zodra we die afwisseling krijgen, wensen dat bepaalde eigenschappen net wat meer uitgesproken zouden zijn dan de geldende norm.’ Kortom: een blanke man of vrouw valt op tussen allemaal donkere mensen en zou een relatief sterke seksuele aantrekkingskracht uitoefenen.

Tegenwoordig is de consensus dat de huid door migratie naar koudere gebieden lichter is geworden. Een kwestie van evolutie, omdat mensen voldoende zonlicht nodig hebben om vitamine D uit voedingsstoffen te maken, aldus professor Robert Hofstra, geneticus van het Universitair Medisch Centrum Groningen. „Een donkere huid beschermt tegen ultraviolette straling en laat in een tropisch klimaat met veel intensieve zonuren voldoende zonlicht door om vitamine D aan te maken. In een Europees klimaat is dat niet het geval. Je kunt dus zeggen dat de plek waar je woont je huidskleur beïnvloedt.”

Het geëvolueerde gen is het Mc1r-gen (melanocortin 1 receptor), dat een rol speelt bij de aanmaak van huidpigment. „De verandering van huidskleur heeft natuurlijk wel generaties geduurd”, zegt Peter de Knijff, hoogleraar populatie- en evolutiegenetica in Leiden. „De eerste moderne mens op aarde is ongeveer 60.000 tot 70.000 jaar geleden uit Afrika vertrokken en over de hele wereld uitgewaaierd.”

Hilde van Halm

    • Hilde van Halm