Overrijpe tomaat verrijkt de literatuur

De schrijver provoceert. Een beetje. De luisteraar gooit een tomaat. Meestal niet raak.

Dat is de deal tijdens een reeks literaire avonden op de Rotterdamse Wilhelminakade.

Ramon Stoppelenburg als doelwit in Rotterdam. (Foto Dirk-Jan Visser) (Foto: Dirk-Jan Visser / Rotterdam: 07-08-2008) Publiek wordt in de gelegenheid gesteld tomaten naar schofferende schrijvers te gooien die uit hun werk voordragen op de kop van zuid bij cafe Rotterdam. Visser, Dirk-Jan

Hollanders zijn slechte drinkers, na drie biertjes liggen ze al uitgeteld op de vloer. Hollanders zijn ook onbeholpen, houterige dansers. Daaruit valt dan weer af te lezen dat Hollanders er absoluut niets van bakken tussen de lakens. Zegt Ernest van der Kwast, zelf maar een halve Hollander. Om zijn kluchtige betoog nog wat kracht bij te zetten haalt hij er buitenlandse bronnen bij. „Als in Rusland de wodkaproductie tegenvalt, dan zeggen de Russen: de wodka is zo slap als een Hollander! Zo, dat weet u dan ook weer!” Een bombardement aan overrijpe tomaten is zijn deel. Welkom op de literaire avond ‘Gooi een tomaat naar een schrijver & een roos naar de zangeres.’

Het bombardement en bijbehorend besmeurde shirt is eigen schuld van de in India geboren Van der Kwast, want hij heeft de avonden zelfbedacht. „Natuurlijk is het een gimmick. Maar het is ook een manier om literatuur een beetje uit stoffige kelders te halen. Dit is leuk, het is zomer, de zon schijnt en we luisteren naar een schrijver”, zegt Van der Kwast.

Of het dan leuk is om bekogeld te worden? „Uhm, het is apart, bijzonder. Het is uiteraard een spel. De interactie tussen schrijver en gooier is leuk. Een goed publiek voelt aan wanneer er gegooid kan en moet worden. De tomaat heeft dus zeker meerwaarde.”

Daar dacht Kristien Hemmerechts op een bepaald moment even anders over. Haar Nederlandse collega’s kozen vaak voor relatief makkelijke grollen, doorgaans over seks, terwijl de Vlaamse ernstig voorlas uit haar jongste pamflet De man, zijn penis en het mes. Dat is een tekst waarbij even moet worden nagedacht. In een ernstige passage kreeg Hemmerechts een tomaat op haar bril, en toen was de spanning even te snijden.

„Het is een leuk experiment, zeker. Maar het moet wel grappig blijven. Toen ik vol werd geraakt, voelde ik toch een zekere boosheid bij het publiek en bij mij. Maar het is een beetje als de regen: eerst denk je aan schuilen, dan ga je toch door.” Hemmerechts, uitgenodigd door haar vriend Van der Kwast, dacht trouwens eerst dat er niet echt met tomaten zou worden gegooid, dat de titel metaforisch was.

Van der Kwast: „Metaforisch? Haha, die Kristien! Daar moet je toch echt Belg voor zijn!” De Belgen zijn er iedere avond, als extra mikpunt. De tomaten zijn dan weer echt Hollands. Het gaat om milieubewust geteelde rispentomaten van ‘Holland Klasse 1’ uit Naaldwijk. Prima tomaten, al is er bij het publiek hier en daar wat gemor over de te geringe staat van ontbinding.

Als intermezzo tussen de schrijvers is er de rondborstige operazangeres Claudia Patacca, begeleid op piano door Jeroen Sarphati. Wie verliefd wordt op haar zang of haar ogen, mag de zangeres een rode roos overhandigen. Patacca haalt zo de spanning even uit de lucht.

Niet iedere schrijver is voor de literaire avond te porren, zegt Van der Kwast. Herman Brusselmans vindt het maar idioot, volgens Ilja Leonard Pfeiffer zijn er grenzen, Ronald Giphart is ‘helaas’ op vakantie. Het is ook niet helemaal zonder gevaar. Rufus Ketting werd na de eerste avond naar de eerste hulp gebracht, waar een heleboel pitjes uit zijn oor werden gespoten. Heeft dat tomaten gooien dus echt effect!

Meer info over de rispentomaten op www.fresteem.nl

    • Dirk Vandenberghe