Ook de websatire kent grenzen

Een medewerker van Rover bedreigde Femke Halsema onder pseudoniem op internet, bij wijze van satire. Nu loopt hij kans op vervolging en celstraf.

Het is uitzonderlijk, een columnist die via internet oproept tot geweld tegen een bekende Nederlander. Voor belediging of laster heeft menig columnist zich de afgelopen jaren voor de rechter moeten verantwoorden. Maar aangifte na bedreiging komt zelden voor. Rikus Spithorst loopt dat risico, na een ludiek bedoelde oproep tot brandstichting bij GroenLinks-fractievoorzitter Femke Halsema. Zij heeft aangifte gedaan.

Voor Spithorst (49), schrijvend op Fok.nl en een PvdA-site onder het pseudoniem ‘Driek Oplopers’, is de affaire niet voorbij nu zijn columns zijn verwijderd en hij zich uitput in verontschuldigingen met het verweer dat het allemaal ludiek en grappig was bedoeld. Spithorst heeft kans op maximaal vier jaar celstraf, omdat hij zijn dreigement schriftelijk heeft uitgevoerd. Het feit dat Fok.nl en de PvdA de tekst van hun sites hebben verwijderd, doet daar niets aan af, al was het maar omdat de inhoud nog steeds te lezen is op de site GeenStijl.nl.

Het is in eerste instantie aan het Openbaar Ministerie in Amsterdam om te oordelen over de vraag of Spithorst strafrechtelijk gaat worden vervolgd. In die afweging speelt de context waarbinnen de column is geschreven een rol. Het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens biedt columnisten ook op internet veel ruimte, blijkt uit recente jurisprudentie van de Amsterdamse rechtbank.

Als het als grap bedoeld was, kan de strafbaarheid vervallen, aldus hoogleraar ICT en recht Bert-Jaap Koops van de Universiteit van Tilburg. „Maar dat is niet het enige. Het gaat ook om het type website waarop de column is geplaatst. Als dat een platform is dat vol staat met dergelijke bedreigingen, wordt de waarschijnlijkheid groter dat het niet om een grap gaat.”

Bovendien wordt er volgens Koops gekeken naar het slachtoffer zelf. Heeft Halsema zich serieus bedreigd gevoeld en had ze aanleiding te veronderstellen dat anderen die oproep tot brandstichting werkelijk serieus zouden nemen? Volgens Arnoud Engelfriet van het juridisch adviesbureau ICTRecht schoot de rubriek van Spithorst tekort in argumenten om dat te ontkennen.

Vervolg Bedreiging: pagina 3

Providers zijn het ‘juridische afvoerputje’ van Nederland

Bedreiging

Vervolg Bedreiging van pagina 1

Engelfriet: „Je kunt, ook op internet, mompelen dat alle politici dood moeten. Niemand verwacht dan een reeks van aanslagen op het Binnenhof. Maar dit was een persoonlijk gekleurde oproep om iets bij haar huis te doen. Elke relativering ontbrak.” Het argument dat Halsema’s privé-adres niet zomaar is op te zoeken, lijkt Engelfriet ook niet relevant. „Iedereen kan achter haar aanlopen om te zien waar ze daadwerkelijk woont. Justitie heeft hier een zaak die ze daadwerkelijk kan doorzetten.”

Het is onduidelijk wie er, behalve de scribent zelf, verder nog strafrechtelijk vervolgbaar is bij dergelijke oproepen. De website zelf is in elk geval juridisch aansprakelijk en steeds vaker ook de providers. Die plegen, om dat te voorkomen, in toenemende mate zelfcensuur”, zegt Michael Polman van Internet Society Nederland en internetprovider Antenna. Internetproviders krijgen volgens hem nu al te maken met justitiële acties als tapverzoeken en inbeslagnames van sites als de officier van justitie of de rechter-commissaris daarom verzoekt.

Polman: „Formeel moeten wij handelen als het strafbare feit gepleegd is. Er is pas sprake van smaad als de rechter daarover geoordeeld heeft. Niet als de advocaat van de tegenpartij met veel bombarie om verwijdering van onwelgevallige teksten vraagt.”

Een internetprovider is als een hotelier, zegt Polman. „Die is niet in eerste instantie verantwoordelijk voor het gedrag van zijn gasten. Maar in de praktijk komt het steeds vaker voor dat providers al van tevoren handelen. Dat heeft ook te maken met de internationale context. Smaad, bijvoorbeeld, wordt in veel landen, ook binnen Europa, strafrechtelijk verschillend gedefinieerd. Providers nemen geen risico. Ze zijn het juridische afvoerputje van Nederland.”

Providers en internetbeheerders ontlopen volgens Koops juridische aansprakelijkheid als zij na sommatie van justitie tijdig teksten verwijderen. Als zij dat niet doen, zijn ze ook civiel aansprakelijk voor eventuele gevolgen.

    • Jos Verlaan