Honing- amandeltaartje

Comfort food, noemen de Engelsen het: de gerechten waarmee we onszelf troosten als we ongelukkig zijn. Vandaag het troostrecept van danseres en choreografe Karin Post.

Foto Jorgen Krielen / Amsterdam, 13-08-2008 / Karin Post Krielen, Jorgen

‘Deze amandeltaart bevat alle ingrediënten, die in een goed toetje thuishoren: room, nootjes, honing en een mooi, zoet deegje. Het is een beproefde combinatie, een tijdloos recept. Deze ingrediënten werden bij wijze van spreken bij de Romeinen al gebruikt.

Troostende gerechten zijn wat mij betreft altijd ongecompliceerd, ongekunsteld. Ze zijn eenvoudig klaar te maken en stellen je niet voor raadsels. Een plakje ganzelever met een glas Sauternes ernaast, dat is ook een belangrijk troostgerecht voor me. Exuberant eten, vind ik dat. Het is de combinatie van dat vette, dat foute, de intensiteit van de smaak en die verzadigende structuur. Het staat niet wekelijks op het menu, maar áls ik het eet, kan ik er vreselijk van genieten.

Ik ben een kookboek aan het schrijven voor dansers. Er komen recepten in, maar ook gesprekken met (ex-)dansers en choreografen over eten. Ik wil met dit boek het beeld bijstellen dat dansers leven op een blaadje sla en een glas water. Dat is onzin. Je moet je lichaam voeden en kracht geven, anders kún je helemaal niet dansen. Maar veel mensen uit het vak hebben een uiterst gecompliceerde verhouding met eten. Elke kilo te veel zit meteen vreselijk in de weg.

Toen ik op de balletopleiding zat, was taart en koek streng verboden, maar ik verlangde hartstochtelijk naar zoetigheid. Af en toe kocht ik zo’n pak roze koeken en at dat helemaal leeg. Troost, voor al mijn harde werken. Later heb ik geleerd om gezonder en bevredigender eten voor mezelf klaar te maken.

Koken is belangrijk voor me. Het maakt me rustig, geconcentreerd, het geeft me richting. Ik kom tot allerlei conclusies waar ik niet toe kom als ik op de bank blijf hangen.

Ik kook bijna altijd na mijn voorstellingen. Ten eerste vanuit een lichamelijke behoefte: alle tekorten moeten aangezuiverd worden. Maar ik hecht ook zeer aan het sociale aspect: rust, napraten over de voorstelling en over de dag met vrienden of geliefden. Ik pleit erg voor de terugkeer van het souper. Voor iedereen die in het theater werkt of vaak theater bezoekt, is het ideaal.

Sommige mensen zien eten als een noodzakelijk kwaad. Ik vind dat een uiterst treurige gedachte. In een mooie maaltijd, in goed gezelschap, komen kunst en leven samen. Die versmelting is één van de dingen waar ik in mijn leven naar streef.”

Roos Ouwehand

    • Roos Ouwehand