Grijs gehakt met groene slijmlagen

Wie staat er voor de rechter en waarom? Slager W. uit Amstelveen had slijmerig en beschimmeld vlees in zijn koelcel liggen. Maar hij was heus niet van plan het te verkopen.

Bij de generatie die de oorlog heeft meegemaakt, kom je het nog wel eens tegen. De groenige pluizen worden uit het brood geplukt, de rest van het brood is nog prima te eten. Banaan verrot? Onzin, de bruine stukken snij je er gewoon af. De ham een beetje verkleurd en met een raar luchtje? Niks mis mee, kun je gewoon eten.

Meneer W., 69 jaar en slager uit Amstelveen, is van die generatie. Hij zegt tegen de economische politierechter in Amsterdam dat hij dacht dat zijn vlees er nog best mee door kon.

Vier keer kreeg hij controle van de Voedsel- en Waren Autoriteit, tussen november vorig jaar en februari 2008. De eerste keer trof inspecteur Konijn in zijn koelcel 1.456 kilo vlees aan, dat niet een beetje over datum was, maar verrot. Groene slijmlagen, pluizige schimmel, groen gehakt. En dat alles overdekt met muizenkeutels. Vergeten aan te melden bij het destructiebedrijf, zei meneer W. tegen de inspecteur.

De tweede keer dat meneer Konijn kwam kijken in de koelcel was in december, op een donderdag. Weer lag de koelcel vol met verrot vlees. Dit keer ging het om 150 kilo, dacht inspecteur Konijn. Maar de weegschaal in de auto van het afvalbedrijf sloeg uit naar 196 kilo.

Dat kan meneer W. uitleggen. De koelcel zit naast zijn worstenmakerij. Even lijkt hij zijn beroepseer hervonden te hebben als hij de rechter begint uit te leggen hoe hij zijn leverworsten maakt. Je kookt namelijk, zegt hij, al het vlees van de benen. En met die benen kan hij verder niks, dus heeft hij die maar meteen bij de kratjes afvalvlees gestopt.

Twee dagen later is het zaterdag, twee dagen voor Kerstmis en marktdag in Utrecht. Meneer W. staat er zoals altijd met zijn kraam. Meneer Konijn duikt weer op. Of hij eventjes in de koelwagen mag kijken.

Daar staan, op verschillende plaatsen in de auto, kratten met vlees en orgaanproducten. Daarop: slijmlagen en groene schimmel. Het ruikt zuur en rot. De conclusie van meneer Konijn: zo’n zestig kilo vlees is in verregaande staat van bederf.

Wacht even, dit vlees heeft meneer W. ’s ochtend uit de koelcel in de koelwagen geladen en is ermee naar de markt gereden. Waarom zou hij dat doen, als hij niet van plan was geweest het te verkopen?

Meneer W. wás het ook van plan te verkopen. Althans, dat zei hij tegen meneer Konijn, toen in december. Tegen de rechter zegt hij nu dat hij dat natuurlijk nooit had gedaan. Hij zou het, voor hij het in een plastic zakje deed en aan een klant verkocht, zelf nog in handen krijgen, en dan heus wel zien dat het niet meer te eten was.

Hij was er, zegt hij, vanwege persoonlijke problemen met zijn gezondheid niet eerder aan toe gekomen het verse van het verrotte vlees te scheiden.

En in februari, toen er weer inspectie kwam, was hij er óók niet aan toegekomen. Vandaar de 87,7 kilo beschimmelde runderstaarten, grijs gehakt, bruine beenderen, buikspek en varkensschouders die wederom in de koelcel naast de worstenmakerij werden aangetroffen.

Is het, oppert de rechter, geen goed idee als u stopt als slager? Een heel goed idee, vindt meneer W. Als het aan hem ligt, is zijn zaak over drie maanden plat. Want, ziet u, de markt loopt enorm terug, en hij wordt binnenkort zeventig. Hij vindt het wel welletjes.

Dus u gaat uw zaak verkopen?, vraagt de rechter. Onmogelijk, zegt meneer W. Niemand wil een slagerij kopen. Hij kan zijn machines misschien kwijt aan het Oostblok, of anders verkopen als oud ijzer. Hij is trouwens van plan om de voorraad te gaan uitverkopen. De rechter houdt haar stem nog net in bedwang: u gaat een uitverkoop houden? Precies ja, inderdaad.

En heeft meneer pensioen? „Nul komma nul.” In 1982 ging hij failliet en toen heeft de curator zijn pensioen in het faillissement gebracht, net als de begrafenispolissen van zijn minderjarige kinderen. In 1993 en 1998 heeft hij ook nog flinke boetes moeten betalen, wegens het voorhanden hebben van bedorven vlees, dat bestemd was voor menselijke consumptie.

Nu wordt het ook een boete: Voor de overtredingen van 20 en 22 december 540 euro elk, waarvan 340 euro voorwaardelijk. Voor de 1.500 kilo in november: 5.000 euro, waarvan de helft voorwaardelijk én een voorwaardelijke stillegging van zijn zaak voor de duur van een jaar. En voor de laatste overtreding 2.500 euro voorwaardelijk. Zoveel gaat zijn vleesuitverkoop vast niet opbrengen.

    • Rinskje Koelewijn