Flirten met recessie

Het heeft even geduurd, maar de dodelijke cocktail van hoge inflatie, dure olie en kredietcrisis heeft dan toch het gevreesde effect gehad. De economie van de eurolanden blijkt, voor het eerst sinds de pan-Europese recessie van begin jaren 90, in het tweede kwartaal te zijn gekrompen. Ook Japan zag een daling en het Verenigd Koninkrijk maakt zeer moeilijke tijden door. De economie van de Verenigde Staten kromp eind vorig jaar al en alleen dankzij een forse exportgroei die werd geholpen door een ultragoedkope dollar wist de economie daar in het tweede kwartaal bescheiden te expanderen. Het Westen flirt in 2008 met een recessie.

Het was altijd al onwaarschijnlijk dat een te grote Amerikaanse neergang de rest van de wereld onaangeraakt zou laten. Dat gaat alvast op voor Europa, dat ook zijn eigen interne problemen heeft. De huizenmarkt in Ierland, Spanje en het Verenigd Koninkrijk is er even beroerd aan toe als die in de VS. Europese banken lijden hun eigen verliezen als gevolg van de kredietcrisis, en de reparatie van hun balans brengt het risico mee dat ook de kredietverlening aan burgers en bedrijven wordt aangetast. De dure olie verhoogt de kosten en vreet aan de koopkracht. De Europese inflatie ligt nu boven de 4 procent, al zit Amerika daar met nu met maar liefst 5,6 procent nog ver boven.

De vraag wordt nu of de opkomende landen in Azië, en dan met name China, immuun blijven voor het stagneren van de westerse economie. Hun hoge groeicijfers moeten in perspectief worden gezien: een minimum aan expansie was sowieso om sociale of demografische redenen al nodig. Dat de regionale Aziatische economie steeds meer genoeg heeft aan zichzelf en minder afhankelijk wordt van de westerse exportmarkt, is een ontwikkeling die ter plekke aan populariteit wint, maar nog lang niet voltooid is.

Zo beleeft vrijwel de gehele wereldeconomie wankele tijden. Maar er zijn terugkoppelingsmechanismen die de lengte en zwaarte van een eventuele recessie kunnen mitigeren. De prijs van olie en tal van andere grondstoffen is al met zo’n 20 procent gedaald vanaf de recente piek, doordat samen met de economische activiteit ook de verwachte vraag naar grondstoffen terugloopt. De verhouding tussen de dollar, de euro en de Japanse yen kan normaliseren, en ook die beweging is al aan de gang.

Maar er blijven risico’s. Het Amerikaanse financiële systeem is nog lang niet gezond. Een verergering van de huizencrisis kan de economie en de financiële sector daar verder schaden. Incidenten, zoals het conflict tussen Rusland en Georgië, kunnen de prijs van ruwe olie weer omhoog stuwen. Het antwoord op een economisch laagtij ligt voorlopig in het handhaven van een prudent beleid. Monetair beleid moet zich blijven richten op prijsstabiliteit. Overheidsfinanciën, ook de Nederlandse, moet worden toegestaan passief te fluctueren met het economische tij. Hervormingen gericht op een slagvaardiger economie blijven gewenst. Voor haastig bijsturen is het, als dat al verstandig zou zijn, te vroeg.